En zijn Hema-worst meisje
Vrz. Rechtbank Amsterdam 10 augustus 2011, LJN BR4898 (Sexmails)
Onrechtmatige publicatie sex-e-mails en foto. Onvoldoende spoedeisend belang nu site op zwart is en niet anders openbaar is gemaakt door gedaagde. Wel door anderen met sprekende koppen als: "Gedeelte van de sexmails van [persoon 1] online!", "De sexmails van [persoon 1]" en "Heer [persoon 1] en zijn Hema-worst meisje [naam]".
Rechtspraak.nl: Eiseres heeft onvoldoende spoedeisend belang nu de website van gedaagde op zwart is gezet en gesteld noch gebleken is dat de betreffende publicaties door gedaagde nadien anderszins openbaar zijn gemaakt. Zonder nadere toelichting -die ontbreekt- valt niet in te zien waarom een door gedaagde aan de werkgever van eiseres verzonden e-mail, waarin informatie wordt gevraagd omtrent de schade die eiseres heeft geleden, een voldoende dreiging vormt dat gedaagde wederom tot openbaarmaking van de e-mails en de foto zal overgaan. Dit geldt ook voor een door gedaagde aan het kantoor van de advocaat van eiseres verzonden e-mail. Het gevorderde voorschot op materiële en immateriële schade is afgewezen omdat in het geheel niet is onderbouwd welke schade eiseres heeft geleden. Verwijzing naar de rol voor conclusie van antwoord in de hoofdzaak.
4.1. Toewijzing van een vordering tot een voorlopige voorziening voor de duur van het geding is alleen mogelijk wanneer [eiseres] daarbij voldoende belang heeft. Dit kan bijvoorbeeld daarin bestaan dat [eiseres] de afloop van de hoofdzaak niet kan afwachten of dat een deel van de hoofdvordering krachtens een eindbeslissing reeds toewijsbaar is. De rechtbank zal de provisionele vorderingen afwijzen, nu geen van deze omstandigheden zich voordoet en er ook geen sprake is van een andere grond die voldoende belang bij de toewijzing oplevert. De rechtbank overweegt daartoe als volgt.
4.2. De rechtbank stelt voorop dat de publicaties waarvan [eiseres] stelt dat deze onrechtmatig zijn niet meer te vinden zijn op de weblog van [gedaagde], nu deze weblog door Sanoma op ‘zwart’ is gezet. Gesteld noch gebleken is dat [gedaagde] de betreffende publicaties nadien anderszins heeft geopenbaard. Van de websites “[gedaagde].tk” en “[gedaagde]sblog.wordpress.com” is ter gelegenheid van de comparitie van partijen zijdens [eiseres] immers verklaard dat deze sites in deze fase van het geding niet aan [gedaagde] zijn toe te rekenen. In zoverre valt zonder nadere toelichting -die ontbreekt- niet in te zien welk spoedeisend belang er is bij het treffen van een voorlopige voorziening voor de duur van de bodemprocedure waarbij [gedaagde] zou worden veroordeeld tot het staken van elke openbaarmaking van de e-mails en de foto. Het enkele feit dat [gedaagde] in eerste instantie slechts heeft willen toezeggen aan [eiseres] om vermelding van haar volledige naam op zijn weblog te beperken tot een initiaal van haar achternaam is in dat verband onvoldoende.
Met dank aan Erik Vollebregt,
Vakantietijd en genieten van lokale streekproducten. Bij meer producten heeft u nu een extra weetje, want recentelijk heeft de Commissie enkele Beschermde Geografische Indicaties toegevoegd voor:
Met dank aan Peter Kok,
Als randvermelding. Misbruik handelsnaam en toezending valse facturen.
Met gelijktijdige dank aan mr. G.L. Kooy,
Mediarecht. Onrechmatige publicaties op (internet)forum. Binnen 12 uur zijn diffamerende beweringen (melding van bedreigingen door directie en medewerkers van bedrijf en een clown) verwijderd, echter langer (in cache) bereikbaar, omdat enkel de aanklikmogelijkheid naar de pagina's met de mededelingen zijn verwijderd. Mate van verantwoordelijkheid van degene die de beweringen op de website had geplaatst. Wanneer de benadeelde betwist dat er voldoende aanknopingspunten bestonden voor de juistheid van de diffamerende beweringen, rust de bewijslast hiervan in beginsel op degene die de beweringen heeft gedaan.
Als randvermelding Mededingingsrecht in concernverhouding: Is het Mars Ondernemingsprogramma 2011 [Brons, Zilver en Goud-beloningen voor als een tankstation aan bepaalde voorwaarden voldoet] in strijd met het mededingingsrecht? Er zijn aanwijzingen dat de verwijten van Nestlé jegens Mars terecht zijn en de bodemrechter Nestlé gelijk zal geven. Niets meer en niets minder. Om vast te kunnen stellen dat de verwijten van Nestlé jegens Mars terecht zijn, is nader (economisch) onderzoek nodig waarvoor dit kort geding zich niet leent. Afwijzing van de primaire vorderingen van Nestlé. De voorzieningenrechter ziet in het door Nestlé gepresenteerde dossier in het licht van het gedocumenteerde commentaar van Mars daarop aanleiding de huidige situatie te bevriezen. De subsidiaire vordering wordt toegewezen.