Alle rechtspraak

IEF 18496

Reclames huidcrème Lidl zijn misleidend én maken inbreuk op merkrechten La Prairie

Rechtbanken 31 mei 2019, IEF 18496; ECLI:NL:RBAMS:2019:3868 (La Prairie tegen Lidl), http://www.ie-forum.nl/artikelen/reclames-huidcr-me-lidl-zijn-misleidend-n-maken-inbreuk-op-merkrechten-la-prairie

Vzr. Rechtbank Amsterdam 31 mei 2019, IEF 18496; RB 3317, ECLI:RBAMS:2019:3868 (La Prairie tegen Lidl) Reclamerecht. Merkenrecht. Vergelijkende reclame. La Prairie biedt huidverzorgingsproducten aan, en is in deze hoedanigheid houdster van het internationale woordmerk ‘La Prairie’. Lidl is een levensmiddelenbedrijf, en heeft gestunt met soortgelijke huidverzorgingsproducten, waarbij La Prairie herhaaldelijk werd aangehaald. La Prairie vordert nu elk gebruik van het merk door Lidl te verbieden, en elke vergelijking in de reclames te verbieden. Lidl slaagt er niet in aan te tonen dat de gegevens in haar reclame juist zijn, nu slechts deels dezelfde ingrediënten worden gebruikt, en de resultaten van het gebruik ook zullen verschillen, terwijl in de reclame de indruk wordt gewekt dat deze gelijk zullen zijn. Daarnaast heeft Lidl een sub c inbreuk gemaakt op de merkrechten van La Prairie, nu Lidl heeft geprofiteerd van de reputatie van dit merk. Lidl wordt veroordeeld gebruik van de term La Prairie te staken en eerder gebruik te rectificeren.

IEF 18494

EN-S Sports hoeft Van Caem Sports niet te vrijwaren nu er gebrek is aan overtuigend bewijs

Rechtbanken 20 mrt 2019, IEF 18494; ECLI:NL:RBDHA:2019:2683 (Van Caem Sports tegen EN-S Sports), http://www.ie-forum.nl/artikelen/en-s-sports-hoeft-van-caem-sports-niet-te-vrijwaren-nu-er-gebrek-is-aan-overtuigend-bewijs

Rechtbank Den Haag 20 maart 2019, IEF 18494; ECLI:NL:RBDHA:2019:2683 (Van Caem Sports tegen EN-S Sports) Vrijwaringszaak. Hier spelen twee zaken. In beide zaken ligt de vraag voor of EN-S Sports is gehouden Van Caem Sports te vrijwaren omdat zij schoenen heeft geleverd aan Van Caem onder een garantie-verplichting. Van Caem is er niet in geslaagd te bewijzen dat EN-S Sports gehouden is haar te vrijwaren, omdat zij onvoldoende (overtuigend) bewijs heeft aangeboden. De rechtbank wijst de vorderingen van Van Caem daarom af.

IEF 18490

Calvin Klein maakt geen inbreuk op IE-rechten Diesel

Rechtbanken 27 mei 2019, IEF 18490; ECLI:NL:RBDHA:2019:5189 (Diesel tegen Calvin Klein), http://www.ie-forum.nl/artikelen/calvin-klein-maakt-geen-inbreuk-op-ie-rechten-diesel

Rechtbank Den Haag 22 mei 2019, IEF 18490, IEFbe 2889; ECLI:NL:RBDHA:2019:5189 (Diesel tegen Calvin Klein) Merkenrecht. Auteursrecht. Vernietiging inschrijving. Inbreuk. Diesel is een onderneming die zich bezig houdt met casual kleding, waaronder jeans. In hun collecties zit standaard het 5-pocketmodel. Bij dit model wordt op de zogenoemde ‘coin pocket’ een label met woord-/beeldmerk van Diesel aangebracht (hierna: het positiemerk). Calvin Klein is eveneens een modeconcern dat jeans voorziet van een label op de coin pocket. Diesel stelt dat dit een inbreuk is op haar merk- en auteursrechten. In reconventie vordert Calvin Klein nietigverklaring van het positiemerk. Deze vordering slaagt nu het positiemerk van huis uit het vereiste onderscheidend vermogen mist, en ook inburgering niet overtuigend bewezen kan worden. Voor zover de plaatsing van het merk als een 'werk' in de zin van de auteurswet moet worden aangemerkt, zijn er te veel verschillen om te kunnen spreken van overeenstemmende totaalindrukken. De vorderingen van Diesel worden dus afgewezen. Het positiemerk wordt nietig verklaard, en Diesel wordt veroordeeld in de proceskosten.

IEF 18433

Vonnis producten met dierenfamilie niet voldoende nagekomen

Rechtbanken 25 apr 2019, IEF 18433; (Pet Bedding tegen Joris No Smell), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vonnis-producten-met-dierenfamilie-niet-voldoende-nagekomen

Vzr. Rechtbank Amsterdam 25 april 2019, IEF 18433 (Pet Bedding tegen Joris No Smell) Merkenrecht. Partijen hebben samengewerkt op het gebied van zogenoemde 'bodembedekkers' voor (knaag)dierverblijven. Bij vonnis in kort geding (zie IEF 18094) heeft de voorzieningenrechter een aantal veroordelingen uitgesproken jegens eiser. Eiser eist nu het staken en gestaakt houden van tenuitvoerlegging van het eerdergenoemde vonnis in kort geding. In reconventie eist gedaagde het staken van het verhandelen van producten voorzien van het merkteken, en deze af te geven aan gedaagde. Daarnaast eist gedaagde in reconventie dat eiser rectificaties doet uitgaan, en een overzicht overlegt van geproduceerde en verkochte producten. Tot slot vordert gedaagde dat eiser geen uitlatingen meer zal doen waarin de merknaam ‘Joris No Smell’ gebruikt wordt. Het vonnis is niet correct nageleefd, waardoor dwangsommen zijn verbeurd. De vorderingen omtrent het gebruik van de afbeelding van de dierenfamilie worden toegewezen nu het verweer dat er sprake is geweest van voorgebruik niet kan slagen omdat de eerder gebruikte afbeeldingen qua vormgeving afwijkend zijn. De vordering tot afstaan van de producten wordt afgewezen, nu het niet om de producten maar enkel de verpakking gaat en ompakking mogelijk is. Er is onvoldoende grond de overige vorderingen toe te wijzen.

IEF 18431

Chipproducent Infineon maakt inbreuk op merkrechten NXP

Gerechtshoven 30 apr 2019, IEF 18431; ECLI:NL:GHDHA:2019:897 (NXP tegen Infineon), http://www.ie-forum.nl/artikelen/chipproducent-infineon-maakt-inbreuk-op-merkrechten-nxp

Hof Den Haag 30 april 2019, IEF 18431, Rb 3305; ECLI:NL:GHDHA:2019:897 (NXP tegen Infineon) Merkenrecht. Inbreuk. Vergelijkende en misleidende reclame. NXP en Infineon zijn beide producent van computerchips. NXP heeft een aantal merkrechten van het merk MIFARE. Infineon verhandelt chips met de aanduiding ‘Mifare compatible’. De rechtbank heeft de vorderingen van NXP afgewezen (zie IEF 16733). In hoger beroep heeft Infineon allereerst aangevoerd dat het merk MIFARE nietig is. NXP heeft echter aangetoond dat MIFARE wel degelijk als merk wordt gebruikt en zelfs een bekend merk is. Daarna komt de inbreuk aan bod. Infineon betoogt dat er geen sprake is van inbreuk nu zij stelt toestemming te hebben. Deze toestemming weet zij echter niet voldoende aan te tonen. Het verweer dat het merk enkel als beschrijvende verwijzing wordt gebruikt, slaagt niet. Ook komt niet vast te staan of de gebruikte aanduiding omtrent compatibiliteit juist is. NXP heeft verder gesteld dat er sprake is van onrechtmatige reclame. Deze grief slaagt nu er producten worden vergeleken, waarbij de producten van NXP als inferieur worden afgeschilderd. Infineon wordt veroordeeld in de proceskosten.

IEF 18421

Advies AG: sta-zakje Capri Sun zodanig technisch bepaald dat inschrijving nietig is

Hoge Raad 25 apr 2019, IEF 18421; ECLI:NL:PHR:2019:433 (Capri sun tegen Riha Wesergold), http://www.ie-forum.nl/artikelen/advies-ag-sta-zakje-capri-sun-zodanig-technisch-bepaald-dat-inschrijving-nietig-is

AG bij de Hoge Raad 29 maart 2019, IEF 18421; ECLI:NL:PHR:2019:433 (Capri Sun tegen Riha Wesergold) Merkenrecht. Techniekuitzondering art. 2.1 lid 2 BVIE (oud). Capri Sun brengt stazakjes (kinder)vruchtensap op de markt en is houdster van het Benelux driedimensionaal vormmerk. Het hof oordeelde [IEF 17379] met de rechtbank Amsterdam [IEF 14511] dat het vormmerk nietig is. Zijn de wezenlijke kenmerken van een vormmerk, dat betrekking heeft op een sta-zakje voor vruchtensap, zodanig technisch bepaald dat de inschrijving nietig is? De AG concludeert tot afwijzing van het cassatieberoep. Uitleg rechtsregels uit HvJ EG 18 juni 2002, ECLI:EU:C:2002:377, NJ 2003/481 (Philips/Remington) [IEF2853].

IEF 18390

HvJ EU: Inbreuk op testlabel-merk als derde ongerechtvaardigd voordeel trekt

HvJ EU 11 apr 2019, IEF 18390; ECLI:EU:C:2019:317 (OKO-Test Verlag tegen Dr. Rudolf Liebe Nachf), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-inbreuk-op-testlabel-merk-als-derde-ongerechtvaardigd-voordeel-trekt

HvJ EU 11 april 2019, IEF 18390, IEFbe 2863; ECLI:EU:C:2019:317 (ÖKO-Test Verlag tegen Dr. Rudolf Liebe Nachf) Merkenrecht.

1) Artikel 9, lid 1, onder a) en b), [UniemerkenVo] en artikel 5, lid 1, onder a) en b) [Merkenrichtlijn] moeten aldus worden uitgelegd dat de houder van een individueel merk bestaande uit een testlabel zich op grond van die bepalingen niet ertegen kan verzetten dat een derde een teken dat gelijk is aan of overeenstemt met dit merk aanbrengt op waren die noch dezelfde zijn als noch soortgelijk zijn aan de waren of diensten waarvoor dat merk is ingeschreven.

2) Artikel 9, lid 1, onder c), van verordening nr. 207/2009 en artikel 5, lid 2, van richtlijn 2008/95 moeten aldus worden uitgelegd dat de houder van een bekend individueel merk bestaande uit een testlabel zich op grond van die bepalingen ertegen kan verzetten dat een derde een teken dat gelijk is aan of overeenstemt met dit merk aanbrengt op waren die noch dezelfde zijn als noch soortgelijk zijn aan die waarvoor dat merk is ingeschreven, indien is aangetoond dat deze derde daardoor ongerechtvaardigd voordeel trekt uit of afbreuk doet aan het onderscheidend vermogen of de reputatie van dat merk en de derde in dit geval niet heeft aangetoond dat er een „geldige reden” in de zin van die bepalingen is voor het aanbrengen van dat teken.

 
IEF 18392

Geen verwarringsgevaar ondanks identieke namen Sea You restaurant en hotel

Rechtbanken 10 apr 2019, IEF 18392; (Sea You tegen Hotel de Ossewa), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-verwarringsgevaar-ondanks-identieke-namen-sea-you-restaurant-en-hotel

Vrz. Rechtbank Den Haag 10 april 2019, IEF 18392 (Sea You tegen Hotel de Ossewa) Merkenrecht. Handelsnaamrecht. Eiseres, Sea You, is op 1 januari 2015 opgericht en runt een restaurant aan de kust in Velsen-Noord. Voor 1 januari 2015 was de exploitatie van dit restaurant ondergebracht in Sea You B.V. In de exploitatie van het restaurant Sea You komt deze term herhaaldelijk voor. Tot 21 september was de voorganger van eiser houder van het woordmerk Sea You. De registratie is vervallen omdat deze niet tijdig is verlengd. Gedaagden zijn eigenaar van een hotel aan de kust in Noordwijk. Dit hotel is sinds het in eigendom overgaan op gedaagden in april 2015 de handelsnaam ‘Sea You Hotel Noordwijk’ gaan voeren. Eiseres vordert stelt dat dit een inbreuk is op haar merkrecht. De handelsnaam is niet beschrijvend van aard. De handelsnaam heeft dus onderscheidend vermogen. Er is geen verwarringsgevaar nu de ondernemingen op verschillende locaties verschillende diensten aanbieden. Er is geen sprake van een merkdepot te kwader trouw, nu enkel het weten van het bestaan van een eerder merk hier onvoldoende grond voor is. Verder is er ook geen sprake van onrechtmatig handelen. Eiseres moet als in het ongelijk gestelde partij de proceskosten vergoeden, haar vorderingen worden afgewezen.