Alle rechtspraak  

IEF 23969

Gerecht EU: Publicaties en loyaliteitsprogramma's kunnen complementaire waren en diensten zijn

Gerecht EU (voorheen GvEA) 21 okt 2026, IEF 23969; ECLI:EU:T:2026:694 (Volotea tegen EUIPO, ITA), https://www.ie-forum.nl/artikelen/gerecht-eu-publicaties-en-loyaliteitsprogramma-s-kunnen-complementaire-waren-en-diensten-zijn

Gerecht EU 21 oktober 2026, IEF 23969; IEFbe 4372; T-513/25; ECLI:EU:T:2026:694 (Voloteat tegen EUIPO, ITA Airways). In deze zaak tussen Volotea en EUIPO, met Italia Trasporto Aereo (ITA Airways) als interveniënte, staat de vraag centraal of waren en diensten op het gebied van loyaliteitsprogramma's soortgelijk zijn aan publicaties en het online aanbieden daarvan. ITA Airways had een aanvraag ingediend voor het Uniebeeldmerk VOLARE voor onder meer loyaliteitskaarten, software voor loyaliteitsprogramma's en diensten op het gebied van klantenbinding. Volotea stelde oppositie in op basis van haar oudere Uniebeeldmerken VOLARE en VOLARE MAGAZINE, die onder meer betrekking hebben op gedrukte en elektronische publicaties. De oppositieafdeling en de kamer van beroep van het EUIPO wezen de oppositie af, omdat volgens hen geen sprake was van soortgelijke waren en diensten. Volotea stelde daarop beroep in bij het Gerecht.

IEF 23967

Gerecht EU: Geen verwarringsgevaar tussen EXTRA STARS en Power Stars ondanks identieke waren en diensten

Gerecht EU (voorheen GvEA) 21 okt 2026, IEF 23967; T-786/25 (Novomatic tegen EUIPO, Euro Games Technology), https://www.ie-forum.nl/artikelen/gerecht-eu-geen-verwarringsgevaar-tussen-extra-stars-en-power-stars-ondanks-identieke-waren-en-diensten

Gerecht EU 21 oktober 2026, IEF 23967; IEFbe 4370 zaak T-786/25 (Novomatic tegen EUIPO, Euro Games Technology). In deze zaak tussen Novomatic en EUIPO, met Euro Games Technology als interveniënte, staat de vraag centraal of het beeldmerk EXTRA STARS verwarringsgevaar oplevert met het oudere beeldmerk Power Stars. Beide merken hebben betrekking op waren en diensten in de kansspelindustrie, waaronder software, speelautomaten en casinodiensten. Novomatic verzocht om nietigverklaring van het merk EXTRA STARS wegens verwarringsgevaar in de zin van artikel 8 lid 1 onder b van Verordening 207/2009. De nietigheidsafdeling van het EUIPO wees dit verzoek gedeeltelijk toe, maar de kamer van beroep oordeelde dat geen verwarringsgevaar bestond. Novomatic stelde daarop beroep in bij het Gerecht.

IEF 23964

Rb. Den Haag: EvolutionRE maakt merkinbreuk op EVOLUTIQ

Rechtbank Den Haag 19 okt 2026, IEF 23964; ECLI:NL:RBDHA:2026:30863 (Evolutiq tegen EvolutionRE), https://www.ie-forum.nl/artikelen/rb-den-haag-evolutionre-maakt-merkinbreuk-op-evolutiq

Rb. Den Haag 19 oktober 2026, IEF 23964; ECLI:NL:RBDHA:2026:30863 (Evolutiq tegen EvolutionRE). In deze zaak oordeelt de voorzieningenrechter dat EvolutionRE met het gebruik van haar naam inbreuk maakt op het Uniewoordmerk EVOLUTIQ. Beide ondernemingen zijn actief in de vastgoedsector en bieden diensten aan op het gebied van vastgoedontwikkeling en -beheer. Evolutiq stelt dat het gebruik van het teken EvolutionRE verwarringsgevaar oplevert in de zin van artikel 9 lid 2 sub b UMVo. De voorzieningenrechter stelt vast dat sprake is van een sterke visuele overeenstemming tussen EVOLUTIQ en EvolutionRE, omdat het voor de totaalindruk bepalende begin ‘EVOLUTI’ volledig overeenstemt. De auditieve overeenstemming is daarentegen gering en een begripsmatige vergelijking is niet mogelijk. Gelet op de sterke visuele overeenstemming, de identieke diensten en het gemiddelde aandachtsniveau van het relevante publiek is volgens de voorzieningenrechter sprake van verwarringsgevaar. EvolutionRE voert aan dat het gemeenschappelijke element ‘EVOLUTI’ beschrijvend is voor vastgoedontwikkeling, waardoor het merk slechts een beperkte beschermingsomvang zou hebben. Dit verweer slaagt niet.

IEF 23959

Uitspraak ingezonden door Bastiaan van den Bogaard (Intellectueeleigendom.nl) en Jan Jacobi (MAAK Advocaten).

EUIPO verklaart merk 123LED gedeeltelijk nietig wegens beschrijvend karakter

EUIPO - OHIM 14 okt 2026, IEF 23959; C 71 716 https://www.ie-forum.nl/artikelen/euipo-verklaart-merk-123led-gedeeltelijk-nietig-wegens-beschrijvend-karakter

EUIPO 14 oktober 2026, IEF 23959; IEFbe 4367; No C 71 716 (Ledstores Europe tegen 123led). De nietigheidsafdeling van het EUIPO heeft het Uniemerk ‘123LED’ gedeeltelijk nietig verklaard wegens het beschrijvende karakter en het ontbreken van onderscheidend vermogen. Ledstores Europe had de nietigheid gevorderd van het door 123led gehouden woordmerk voor onder meer dimmers, verlichtingsproducten en handelsdiensten. Volgens Ledstores verwijst ‘123’ naar snelheid en gemak, terwijl ‘LED’ de betrokken verlichtingstechnologie beschrijft.

IEF 23936

Afsluiting domeinnaam Crowe Peak tijdens onderhandelingen over merkrechten onrechtmatig

Rechtbank Rotterdam 16 okt 2026, IEF 23936; ECLI:NL:RBROT:2026:14308 (CP tegen HIR), https://www.ie-forum.nl/artikelen/afsluiting-domeinnaam-crowe-peak-tijdens-onderhandelingen-over-merkrechten-onrechtmatig

Rb. Rotterdam 16 oktober 2026, IEF 23936; ECLI:NL:RBROT:2026:14308 (CP tegen HIR). Crowe Peak (CP), een kantoor van accountants, belastingadviseurs en consultants, was sinds 1999 aangesloten bij Crowe Global, een internationaal samenwerkingsverband van accountantskantoren. CP maakte op grond van een licentieovereenkomst met Horwath International Registration (HIR), een dochtervennootschap van Crowe Global, gebruik van merkrechten en een domeinnaam. Na een wijziging in de aandeelhoudersstructuur van CP wees Crowe Global haar verzoek om voortzetting van het lidmaatschap af. Vervolgens ontstond een geschil over de beëindiging van het lidmaatschap en het verdere gebruik van de aanduiding Crowe en de bijbehorende domeinnaam. Partijen onderhandelden over een overgangsregeling waarbij CP de merkrechten en domeinnaam tot uiterlijk 31 december 2026 tegen betaling zou mogen blijven gebruiken. Zij bereikten echter geen overeenstemming over het automatisch beantwoorden en doorsturen van e-mails na die datum. Nadat CP de voorgestelde vaststellingsovereenkomst niet had ondertekend, schakelde HIR op 12 oktober 2026 de domeinnaam uit. CP vordert in kort geding herstel van de toegang tot de domeinnaam.

IEF 23933

Gerecht EU: verwarringsgevaar tussen MAGORA en GRUPO AGORA voor financiële, vastgoed- en accommodatiediensten

Gerecht EU (voorheen GvEA) 14 okt 2026, IEF 23933; ECLI:EU:T:2026:668 (MAGORA), https://www.ie-forum.nl/artikelen/gerecht-eu-verwarringsgevaar-tussen-magora-en-grupo-agora-voor-financiele-vastgoed-en-accommodatiediensten

Gerecht EU 14 oktober 2026, IEF 23933; IEFbe 4354; ECLI:EU:T:2026:668 (MAGORA). Het Gerecht oordeelt over een oppositie tegen de inschrijving van het Uniewoordmerk MAGORA, aangevraagd door Holding Tourisme voor diensten in de klassen 36 en 43, waaronder financiële diensten, vastgoeddiensten en tijdelijke accommodatie. De Spaanse onderneming Agora SA maakte bezwaar tegen de inschrijving op grond van haar oudere Uniebeeldmerk GRUPO AGORA. De oppositieafdeling van het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO) wees de oppositie gedeeltelijk toe, waarna de kamer van beroep deze beslissing bevestigde wegens verwarringsgevaar in de zin van artikel 8 lid 1 onder b van Verordening (EU) 2017/1001. Holding Tourisme betwistte onder meer de overeenstemming tussen de betrokken diensten en merken. Volgens haar zou het relevante publiek, mede vanwege het hogere aandachtsniveau en de verschillen in betekenis en vormgeving, de merken voldoende van elkaar kunnen onderscheiden.

IEF 23932

Gerecht EU: overdracht merk aan Oekraïense onderneming doet verstreken beroepstermijn niet herleven

Gerecht EU (voorheen GvEA) 14 okt 2026, IEF 23932; ECLI:EU:T:2026:669 (FIND MY CAR), https://www.ie-forum.nl/artikelen/gerecht-eu-overdracht-merk-aan-oekraiense-onderneming-doet-verstreken-beroepstermijn-niet-herleven

Gerecht EU 14 oktober 2026, IEF 23932; IEFbe 4353; ECLI:EU:T:2026:669 (FIND MY CAR). Het Gerecht oordeelt over de niet-ontvankelijkverklaring van een beroep in een procedure tot vervallenverklaring van het woordmerk FIND MY CAR. Apple Inc. had in 2023 bij het Bureau voor intellectuele eigendom van de Europese Unie (EUIPO) een vordering tot vervallenverklaring van het merk ingediend wegens het ontbreken van normaal gebruik. De nietigheidsafdeling wees deze vordering toe, waarna merkhouder Mega Pop beroep instelde bij de kamer van beroep van het EUIPO. De schriftelijke uiteenzetting van de gronden van beroep werd echter pas op 13 september 2024 ingediend, terwijl de wettelijke termijn op 30 augustus 2024 was verstreken. Mega Pop beriep zich op een bijzondere termijnverlenging voor partijen met een vestiging in Oekraïne, omdat het merk inmiddels was overgedragen aan de Oekraïense onderneming SOLAR MARKET LLC. De overgang werd op 13 september 2024 in het merkenregister ingeschreven. De kamer van beroep verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat de termijn bij die inschrijving al was verstreken en de bijzondere verlenging niet van toepassing was.

IEF 23926

Antargaz kan contractueel optreden tegen merkinbreuken op gasflessen van derden

Rechtbank Den Haag 26 aug 2026, IEF 23926; ECLI:NL:RBDHA:2026:30045 (Antargaz tegen [gedaagde]), https://www.ie-forum.nl/artikelen/antargaz-kan-contractueel-optreden-tegen-merkinbreuken-op-gasflessen-van-derden

Rb. Den Haag 26 augustus 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:30045 (Antargaz tegen [gedaagde]). In deze zaak tussen Antargaz en [gedaagde] staat de nakoming centraal van een vaststellingsovereenkomst over het navullen van gasflessen en mogelijke inbreuken op merkrechten van derden. Partijen waren al langere tijd verwikkeld in een geschil over het zonder toestemming navullen van gasflessen waarop het merk ANTARGAZ is aangebracht. In maart 2026 sloten zij een vaststellingsovereenkomst waarin [gedaagde] zich onder meer verplichtte om zich te onthouden van vergelijkbare inbreuken op de exclusieve rechten van andere marktpartijen in de gasflessenbranche. Partijen spraken daarnaast af dat Antargaz een camera bij de vulinstallatie mocht plaatsen en bij een redelijk vermoeden van overtreding de beelden onder voorwaarden met andere marktpartijen mocht delen. Na onderzoek door een recherchebureau stelde Antargaz dat [gedaagde] toch gasflessen van onder meer Benegas, Primagaz België en Rijngas navulde. Antargaz vordert daarom nakoming van de vaststellingsovereenkomst, versterkt met een dwangsom, en een voorschot op de schadevergoeding voor de gemaakte onderzoekskosten.

IEF 23914

Gerecht EU: geen verwarringsgevaar tussen DENTEK en dentix ondanks identieke of soortgelijke tandverzorgingsproducten

Gerecht EU (voorheen GvEA) 7 okt 2026, IEF 23914; ECLI:EU:T:2026:637 (dentix), https://www.ie-forum.nl/artikelen/gerecht-eu-geen-verwarringsgevaar-tussen-dentek-en-dentix-ondanks-identieke-of-soortgelijke-tandverzorgingsproducten

Gerecht EU 7 oktober 2026, IEF 23914, IEFbe 4348; ECLI:EU:T:2026:637 (dentix). Dentek Oral Care heeft oppositie ingesteld tegen de inschrijving van het Uniebeeldmerk ‘dentix’ voor onder meer tandpasta, tandzijde en tandenborstels in de klassen 3 en 21. De oppositie is gebaseerd op twee oudere Uniewoordmerken DENTEK en twee oudere Uniebeeldmerken DenTek. Volgens Dentek Oral Care bestaat verwarringsgevaar in de zin van artikel 8 lid 1 onder b van Verordening (EU) 2017/1001 (UMVo). De oppositieafdeling van EUIPO wees de oppositie toe vanwege verwarringsgevaar bij een deel van het Bulgaarstalige of Griekstalige publiek. De kamer van beroep vernietigde die beslissing en oordeelde dat geen verwarringsgevaar bestond, ook niet voor identieke waren. Het Gerecht onderschrijft het oordeel van de kamer van beroep dat het gemeenschappelijke element ‘dent’ door het relevante publiek in de gehele Europese Unie wordt herkend als een verwijzing naar tandverzorging en daarom een zwak onderscheidend vermogen heeft. Dentek Oral Care heeft onvoldoende onderbouwd dat dit voor het Bulgaarstalige of Griekstalige publiek anders ligt. Hoewel beide tekens uit zes letters bestaan en de eerste vier letters identiek zijn, is de visuele overeenstemming gering. Het geringe onderscheidend vermogen van het gemeenschappelijke element ‘dent’ vermindert namelijk het gewicht van die overeenstemming, terwijl de uitgangen ‘ek’ en ‘ix’ van elkaar verschillen.

IEF 23907

Gebruik e.plus+ niet aangetoond voor SIM-kaarten, maar wel voor telecommunicatiediensten

Gerecht EU (voorheen GvEA) 30 sep 2026, IEF 23907; ECLI:EU:T:2026:615 (e.plus+), https://www.ie-forum.nl/artikelen/gebruik-e-plus-niet-aangetoond-voor-sim-kaarten-maar-wel-voor-telecommunicatiediensten

Gerecht EU 30 september 2026, IEF 23907; IEFbe 4345; ECLI:EU:T:2026:615 (e.plus+). ePlus Inc. had verzocht om vervallenverklaring van het Uniebééldmerk e.plus+ van Telefónica Germany wegens het ontbreken van normaal gebruik in de zin van artikel 58 lid 1 onder a UMVo. De nietigheidsafdeling verklaarde het merk vervallen voor alle betrokken waren en diensten en de kamer van beroep liet die beslissing in stand. In beroep beperkte Telefónica haar vordering tot SIM-kaarten in klasse 9 en telecommunicatiediensten in klasse 38. Voor de SIM-kaarten bevestigt het Gerecht het oordeel van de kamer van beroep. De overgelegde bewijsstukken betroffen onder meer starterspakketten, opwaardeertegoeden en prepaidkaarten, maar geen SIM-kaarten als fysieke chips die een abonnee op een mobiel netwerk identificeren en authenticeren. Dat de aangeboden pakketten mogelijk dergelijke SIM-kaarten bevatten, bewijst niet dat e.plus+ overeenkomstig zijn wezenlijke merkfunctie voor die goederen is gebruikt. De consument zal het teken in deze context volgens het Gerecht verbinden met de commerciële herkomst van de telecommunicatiediensten en niet met die van de SIM-kaart als zelfstandig product. De kamer van beroep heeft daarom terecht geoordeeld dat de aard van het gebruik voor SIM-kaarten in klasse 9 niet was aangetoond.