Octrooirecht  

IEF 21194

Combinatie magneten nawerkbaar beschreven?

Rechtbank Den Haag 18 jan 2023, IEF 21194; ecli:NL:RBDHA:2023:212 (Advanced Bionics tegen Med-El), https://www.ie-forum.nl/artikelen/combinatie-magneten-nawerkbaar-beschreven

Rechtbank Den Haag 18 januari 2023, IEF 21194; ECLI:NL:RBDHA:2023:212 (Advanced Bionics tegen Med-El) Advanced Bionics en Med-El zijn in een rechtszaak betrokken over de vraag of het product van Advanced Bionics inbreuk maakt op het octrooi EP 605 B9 van Med-El. Advanced Bionics stelt dat hun product niet valt onder dit octrooi omdat de term "schijfvorm" in het octrooi uitsluitend verwijst naar een eendelige magneet en omdat de in het octrooischrift beschreven combinatie van magneten niet nawerkbaar beschreven is. Med-El claimt dat de combinatie van de titaniumbehuizing met daarin de magneten als een vlakke schijf moet worden beschouwd. De rechtbank heeft geoordeeld dat het product van Advanced Bionics niet valt onder de beschermingsomvang van het Nederlandse deel van EP 3 138 605 omdat het niet op technisch equivalente wijze voorzien is in de oplossing van het door het octrooi gestelde probleem. Van letterlijke inbreuk is derhalve geen sprake.

IEF 21189

Geen belang bij hoger beroep

Hof Den Haag 31 mei 2022, IEF 21189; ecli:NL:GHDHA:2022:2748 (Sonos tegen Google ), https://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-belang-bij-hoger-beroep

Gerechtshof Den Haag 31 mei 2022, IEF 21189; ECLI:NL:GHDHA:2022:2748 (Sonos tegen Google) Google heeft Sonos gedagvaard en gevorderd een verbod tegen inbreuk op buitenlandse delen van Europees octrooi 1 579 621. Sonos heeft een onbevoegdheidsverweer gevoerd omdat Google zich niet beroept op een Nederlands deel van het octrooi. De rechtbank Den Haag verwijst de zaak naar de rechtbank Midden-Nederland, waar Sonos wenst dat de procedure op grond van reguliere procesreglement plaatsvindt in plaats van het VRO-regime. Sonos heeft geen belang meer bij haar hoger beroep tegen het Onbevoegdheidsvonnis omdat de vorderingen van Google zijn afgewezen en het procederen onder het VRO-regime niet meer ongedaan kan worden gemaakt en ook in verband met de proceskosten voor Sonos. Daarom zal Sonos niet-ontvankelijk worden verklaard in haar hoger beroep.

IEF 21184

Onvoldoende belang en te hoge complexiteit voor KG

Rechtbank Den Haag 11 jan 2023, IEF 21184; ECLI:NL:RBDHA:2023:172 (Nokia tegen Oleading c.s.), https://www.ie-forum.nl/artikelen/onvoldoende-belang-en-te-hoge-complexiteit-voor-kg

Vzr. Rechtbank Den Haag 9 november 2022, IEF 21184, T&R 1663; ECLI:NL:RBDHA:2023:172 (Nokia tegen Oleading c.s.) Nokia houdt een brede octrooiportfolio in de communicatie-industrie. Onderdeel van die octrooiportfolio zijn meer dan 4000 octrooifamilies die essentieel zijn voor één of meer van de 2G, 3G, 4G dan wel 5G mobiele telefoniestandaarden. Nokia heeft zich met betrekking tot twee octrooien er schriftelijk toe verbonden deze octrooien aan derden in licentie te geven. Oleading c.s. exploiteren de Nederlandse webshops voor de Oppo-groep. Tot 1 juli 2021 hadden Nokia en de Oppo-groep een kruislicentieovereenkomst op grond waarvan de Oppo-groep alle standaard-essentiële octrooien van Nokia in licentie kreeg en vice versa. Na 1 juli 2021 is er geen nieuwe overeenkomst gesloten, maar heeft de Oppo-groep de productie en verkoop van telefoons die gebruik maken van door Nokia geoctrooieerde techniek die essentieel is voor de 4G- en 5G-standaard wel voortgezet. Nokia heeft tot de Oppo-groep behorende partijen in meerdere landen gedagvaard. Nokia vordert onvoorwaardelijke inbreukverboden van beide octrooien. De voorzieningenrechter wijst de vordering af vanwege het ontbreken van spoedeisend belang en de te hoge mate van complexiteit voor een behandeling in kort geding.

IEF 21180

Vordering tot herroeping afgewezen

Hof Arnhem-Leeuwarden 3 jan 2023, IEF 21180; ecli:NL:GHARL:2023:12 (Lisida c.s. tegen Silife c.s.), https://www.ie-forum.nl/artikelen/vordering-tot-herroeping-afgewezen

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 03 januari 2023, IEF 21180; ECLI:NL:GHARL:2023:12 (Lisida tegen Silife) Tussen partijen hebben verschillende procedures plaatsgevonden over de vraag of Lisida onrechtmatig heeft gehandeld door de licentieovereenkomst met Silife Ltd. met betrekking tot de octrooirechten van Liquistone te beëindigen en een nieuwe licentieovereenkomst met Roka aan te gaan, omdat er nog een sublicentieovereenkomst tussen Silife Ltd. en Silife B.V. gesloten moest worden. Het hof wijst de vordering van Lisida c.s. om de eerder gewezen arresten te herroepen af, nu de vordering niet binnen de in artikel 383 Rv gestelde termijn is ingesteld, het hof er vanuit gaat dat Lisida c.s. bekend was met de gewijzigde situatie sinds 2014 en Lisida c.s. geen bewijs heeft geleverd voor bedrog, vals opgemaakte of achtergehouden stukken. 

IEF 21179

HR: DR c.s. tegen Samsung

Hoge Raad 23 dec 2022, IEF 21179; ECLI:NL:HR:2022:1943 (DR c.s. tegen Samsung), https://www.ie-forum.nl/artikelen/hr-dr-c-s-tegen-samsung

HR 23 december 2022, IEF 21179; (DR c.s. tegen Samsung) Zie [IEF 20767] en [IEF 19415]. In lijn met de conclusie van P-G Van Peursem verwerpt de Hoge Raad het beroep van Samsung tegen de uitspraak van het hof van 21 april 2020. Het hof heeft terecht geoordeeld dat de uiterlijke kenmerken van de Gemeenschapsmodellen, bestaande in ribbels en rasters, uitsluitend door de technische functie worden bepaald, zodat deze van bescherming op grond van het gemeenschapsmodellenrecht zijn uitgesloten. Het oordeel van het hof geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is zozeer verweven met waarderingen van feitelijke aard dat het voor het overige niet op juistheid kan worden onderzocht. Het oordeel strookt met de uitleg die het HvJEU in het hiervoor in 4.3 genoemde Doceram-arrest heeft gegeven aan de Gemeenschapsmodellenverordening. 

IEF 21173

De gemiddelde vakpersoon

Rechtbank Den Haag 23 nov 2022, IEF 21173; ecli:NL:RBDHA:2022:12463 (Sandoz tegen Astellas), https://www.ie-forum.nl/artikelen/de-gemiddelde-vakpersoon

Rechtbank Den Haag 23 november 2022, IEF21173; ECLI:NL:RBDHA:2022:12463 (Sandoz tegen Astellas) Astellas is houdster van EP 427 of het octrooi dat ziet op het gebruik van mirabegron. Sandoz vordert vernietiging van het Nederlandse deel van EP 427 en voert aan dat EP 427 op de indieningsdatum van 4 november 2003 nieuw noch inventief was, althans dat EP 427 in ieder geval op de door Astellas ingeroepen prioriteitsdatum van 7 november 2002, waarvan Sandoz de ongeldigheid inroept, niet inventief was gelet op AU 288 en Igawa 2002. De door Sandoz voorgestelde vakpersoon lijkt te beschikken over meer gespecialiseerde kennis van (de werking van) β3-AR en β3-AR agonisten. De rechtbank zal bij die stand van zaken uitgaan van de door Sandoz bij dagvaarding beoogde gemiddelde vakpersoon. De rechtbank volgt Sandoz niet in haar betoog en komt tot de slotsom dat de toepassing van mirabegron bij OAB in EP 427, ondanks de onmiskenbare tekstuele wijzigingen, geen materie toevoegt ten opzichte van JP 792. Vervolgens geeft Astellas terecht aan dat er in AU 288 geen informatie aan de gemiddelde vakpersoon wordt verschaft over enige ontspanning van de detrusorspier. Noch zal die vakpersoon aan enige andere informatie een redelijke verwachting kunnen ontlenen dat die verbindingen, meer specifiek mirabegron, een met KUC-7322 vergelijkbare sterke ontspanning van de detrusorspier verschaffen. De vorderingen van Sandoz worden afgewezen.

IEF 21168

Verkregen informatie geen bedrijfsgeheim

Rechtbank Noord-Holland 12 dec 2022, IEF 21168; ECLI:NL:RBNHO:2022:10719 (Locus tegen HAI), https://www.ie-forum.nl/artikelen/verkregen-informatie-geen-bedrijfsgeheim

Rechtbank Noord-Holland 12 december 2022, IEF 21168; ECLI:NL:RBNHO:2022:10719 (Locus tegen HAI) Locus beroept zich op de Wet bescherming bedrijfsgeheimen en stelt dat HAI onrechtmatig tegenover haar handelt door het verkrijgen van haar bedrijfsgeheimen en het gebruiken daarvan. HAI voert hier tegen aan dat de informatie, die zij van de ex-werknemer van Locus heeft gekregen, openbare informatie betreft die afkomstig is uit (semi-)openbare bronnen, door de werknemer zelf is verzameld en aldus niet als geheime informatie van Locus kan worden beschouwd. De voorzieningenrechter is van oordeel dat Locus niet aannemelijk heeft gemaakt dat de informatie die HAI heeft verkregen van de ex-werknemer van Locus kwalificeert als bedrijfsgeheim(en) van Locus. Locus heeft onvoldoende onderbouwd dat de informatie die aan HAI is verstrekt geheim is en daarom als bedrijfsgeheim moet worden aangemerkt. Ook is de voorzieningenrechter van oordeel dat onvoldoende is gebleken dat HAI zich schuldig heeft gemaakt aan oneerlijke of onrechtmatige concurrentie. 

IEF 21165

Geen afstemming

Rechtbank Amsterdam 6 jan 2023, IEF 21165; ECLI:NL:RBAMS:2023:49 (DivX tegen Netflix c.s.), https://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-afstemming

Rechtbank Amsterdam 6 januari 2023, IEF 21165; (DivX tegen Netflix c.s.) DivX stelt dat Netflix c.s. onrechtmatig handelt door Netflix Services Germany aan te zetten tot inbreukmakend handelen dan wel daarbij te faciliteren. Dat sprake is van inbreukmakend handelen door Netflix Services Germany moet volgens DivX als vaststaand worden aangenomen, omdat de voorzieningenrechter zijn oordeel in beginsel moet afstemmen op het oordeel van de Duitse bodemrechter (de afstemmingsregel), die aan Netflix International al een verbod heeft opgelegd voor zelfstandige octrooi-inbreuk. Netflix c.s. stelt zich op het standpunt dat het octrooi foutief is uitgelegd maar dat – wanneer die uitleg toch wordt gevolgd – het octrooi ongeldig is wegens gebrek aan nieuwheid, inventiviteit en added matter-bezwaren. De voorzieningenrechter oordeelt dat DivX voor wat betreft de inbreuk op EP 666 door Netflix Germany Services niet aan haar stelplicht voldoet en heeft het geldigheidsverweer van Netflix c.s. niet, dan wel onvoldoende gemotiveerd, weersproken. Dat betekent dat de voorzieningenrechter zich geen zelfstandig oordeel kan vormen over eventuele inbreuk door Netflix Services Germany en de geldigheid van het Duitse deel van het Octrooi.

IEF 21161

Ingezonden door Jan Pot, Alexander de Leeuw, Teun Burgers, Eline Hangelbroek en Maarten Groeneveld, Brinkhof.

Letterlijke inbreuk op octrooi PDA

Rechtbank Den Haag 23 dec 2022, IEF 21161; (PDA tegen ABI), https://www.ie-forum.nl/artikelen/letterlijke-inbreuk-op-octrooi-pda

Ktr. Rechtbank De Haag 23 december 2022, IEF 21161; C/09/636284 / KG ZA 22-898 (PDA tegen ABI) Philips Domestic Appliances (hierna: “PDA”) is een spin off van Koninklijke Philips en houdt zich bezig met de verkoop van huishoudelijke apparaten. Onder huishoudelijke apparatuur valt ook de thuistap met de naam: Philips PerfectDraft. ’s Werelds grootste bierbrouwer, Anheuser-Busch Inbev (hierna: “ABI”), en PDA, althans hun rechtsvoorgangers, hadden al 20 jaar een overeenkomst voor de productie en de verkoop van de Philips PerfectDraft.

PDA is de houder van EP 1 753 693 B1, dat ziet op een tapinstallatie die, kort gezegd, bestaat uit een beverage dispensing unit en een cartridge unit. Doordat de cartridge unit bestaat uit een rigide deel en een flexibel deel kan de ene (rigide) zijde in het fust worden geklikt en het flexibele deel door de beverage dispensing unit worden geleid zodat het bier van het fust naar buiten kan stromen. EP693 openbaart een product dat een installatieorgaan omvat dat, wanneer de taphendel in gesloten positie staat een interne schuif open houdt, en zorgt dat de schuif gesloten is wanneer het rigide deel van de cartridge unit in het fust wordt aangebracht. Hierdoor wordt verwezenlijkt dat de cartridge unit makkelijk in de beverage dispensing unit geplaatst kan worden, maar de drank niet kan overstromen vanuit het fust doordat de interne klep het flexibele deel van de cartridge unit dichtknijpt.

IEF 21129

Geen tekortkoming in de nakoming licentieovereenkomst

Hof Den Haag 31 mei 2016, IEF 21129; ECLI:NL:GHDHA:2016:4416 (appellant tegen Harbour c.s. en Erasmus c.s.), https://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-tekortkoming-in-de-nakoming-licentieovereenkomst

Hof Den Haag 31 mei 2016, IEF 21129, LS&R 2139; ECLI:NL:GHDHA:2016:4416 (appellant tegen Harbour c.s. en Erasmus c.s.) Appellant en Erasmus hebben samengewerkt aan de ontwikkeling van technieken om bepaalde antilichamen te produceren voor medische toepassing. Deze samenwerking heeft geleid tot de uitvinding van drie nieuwe technieken. Voor deze technieken zijn octrooien aangevraagd, die inmiddels zijn verleend. Appellant en Erasmus zijn gezamenlijk eigenaar van deze rechten. In 2006 is Harbour opgericht met het doel om de technieken van de octrooiportefeuille verder te ontwikkelen en commercieel te exploiteren. Appellant en Erasmus werden met achtereenvolgens 18,63% en 51,16% van de Harbour-aandelen de twee grootste aandeelhouders van Harbour. Appellant en Erasmus hebben in 2006 aan Harbour een exclusieve licentie verleend op de octrooiportefeuille. Op 3 mei 2011 is tussen Harbour, Erasmus MC en appellant een nieuwe licentieovereenkomst (hierna: de L-OK) gesloten die is aangegaan met terugwerkende kracht tot 28 december 2009. Bij brief en per e-mail van 18 juli 2014 heeft appellant Harbour en Erasmus c.s. in gebreke gesteld wegens tekortkomingen in de nakoming van hun verplichtingen uit de L-OK en deze overeenkomst met ingang van die datum buitengerechtelijk ontbonden.