Procesrecht

IEF 18193

Grieven grotendeels afgewezen, merkinbreuk op Abbott c.s. o.g.v. art. 9 lid 4 GMVo

Gerechtshoven 15 jan 2019, IEF 18193; ECLI:NL:GHARL:2019:293 (HTG c.s. tegen Abbott c.s.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/grieven-grotendeels-afgewezen-merkinbreuk-op-abbott-c-s-o-g-v-art-9-lid-4-gmvo

Hof Arnhem-Leeuwarden 15 januari 2019, IEF 18193 (HTG c.s. tegen Abbott C.S.) Merkenrecht. Procesrecht. Zie eerder [IEF 17132] .Verhandeling door HTG c.s. van herverpakte Freestyle Lite test strips in de Verenigde Staten van Amerika. Op grond van artikel 9 lid 4 GMVo kan een merkhouder zich verzetten tegen de binnenkomst in de Unie van oorspronkelijke merkgoederen die zijn geplaatst onder de regelingen extern douanevervoer of douane-entrepot (de zogenoemde T1 status). Aan de hand hiervan inbreuk op Uniemerken Abbott c.s. Vernietiging vonnis eerste aanleg wat betreft de wijze waarop inzage dient te worden verstrekt. Er mocht niet direct inzage worden genomen in alle informatie in het bewijsbeslag, omdat vaststond dat het bewijsbeslag veel bescheiden bevatte die buiten de reikwijdte van het beslagverlof vielen en bij inzage waarvan Abbott c.s. geen rechtmatig belang had. Hoogte opgelegde dwangsomveroordeling verlaagd. Incidenteel appel Abbott c.s. tot veroordeling HTG c.s. tot verstrekking van elektronische kopieën van niet of niet leesbaar verstrekte kopieën van documenten uit de opgave afgewezen. HTG veroordeeld in hogere proceskosten in eerste aanleg.

IEF 18183

Vorderingen afgewezen, vrijwaringsincident Loendersloot c.s. leidt tot onredelijke vertraging.

Rechtbanken 9 jan 2018, IEF 18183; ECLI:NL:RBDHA:2019:111 (Hennessy c.s. tegen Loendersloot c.s.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vorderingen-afgewezen-vrijwaringsincident-loendersloot-c-s-leidt-tot-onredelijke-vertraging

Rechtbank Den Haag 9 januari 2019, IEF 18183; ECLI:NL:RBDHA:2019:111 (Hennessy c.s. tegen Loendersloot c.s.) Merkenrecht. Procesrecht. Geschil in hoofdzaak ziet in de kern op gestelde merkinbreuk door gedaagden op verschillende Unie- en Benelux-merken van Hennessy c.s. voor onder meer alcoholische dranken. Loendersloot c.s. vordert dat de rechtbank bij vonnis haar toestaat om 22 partijen tegen een termijn van zes maanden in vrijwaring op te roepen.  Echter heeft het belang van Hennessy c.s. bij voortzetting van de hoofdzaak zonder verdere vertraging door (vrijwarings-)incidenten in dit geval te prevaleren boven het belang van Loendersloot bij vrijwaring. Toestaan van de vrijwaring zou meebrengen dat de hoofdzaak onredelijk wordt vertraagd. Vorderingen afgewezen.

IEF 18114

Bevoegdverklaring rechter locus damni ondanks ontbreken toegankelijkheid software voor algemeen publiek

Rechtbanken 19 nov 2018, IEF 18114; (TVS tegen Revo), http://www.ie-forum.nl/artikelen/bevoegdverklaring-rechter-locus-damni-ondanks-ontbreken-toegankelijkheid-software-voor-algemeen-publ

Vzr. Rechtbank Den Haag 19 november 2018, IEF 18114 (TVS tegen Revo) Auteursrecht. Databankenrecht. Procesrecht. Partijen verhandelen beide versnellingsbakoptimalisatiesoftware (DSG-software). TVS stelt dat Revo inbreukmakend handelt door terbeschikkingstelling van andere DSG-software via een online dealerportaal. Revo betwist voor alle weren de bevoegheid van de voorzieningenrechter van deze rechtbank. In geval van intellectuele eigendomsrechten waarbij wordt gesteld dat de inbreuk heeft plaatsgevonden via gebruik van een website, is de locus actus de plaats waar de eigenaar van de website is gevestigd. In dit geval is dat Daventry, VK, nu dat de vestigingsplaats van Revo dan wel RDL is. Op die grond komt de voorzieningenrechter geen bevoegdheid toe. Revo voert aan dat voor bevoegdheid van de locus damni nodig is dat de software van RDL toegankelijk voor het algemene publiek is in het gebied van de aangezochte rechter. Daarvan is geen sprake omdat de toegang tot Revo Portal beperkt is tot dealers uit het dealernetwerk van RDL die specifieke toegangsgegevens van RDL hebben gekregen. Deze uitleg volgt niet uit de jurisprudentie van de HvJ EU. De website van Revo dan wel RDL was voor Heemskerk, derhalve vanuit Nederland, toegankelijk. De voorzieningenrechter is daarmee relatief bevoegd. Revo stelt ook dat TVS de verkeerde entiteit heeft gedagvaard. Dit blijkt mede uit een "tag" (coderegel) in de vermeend inbreukmakende software. Vorderingen (gedeeltelijk) afgewezen.

IEF 18079

Vordering Tomra inzage bewijsbeslag Kiremko toegewezen gelet op doelstelling exhibitie

Rechtbanken 2 nov 2018, IEF 18079; ECLI:NL:RBMNE:2018:5609 (Tomra tegen Kiremko), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vordering-tomra-inzage-bewijsbeslag-kiremko-toegewezen-gelet-op-doelstelling-exhibitie

Rechtbank Midden-Nederland 2 november 2018, IEF 18079; ECLI:NL:RBMNE:2018:5609 (Tomra tegen Kiremko) Octrooirecht. Procesrecht. Tomra is producent van sorteer- schil en verwerkingsmachines. Zij is houdster van de Europese Octrooien EP 1 289 385 en EP 1 587 379. Kiremko is fabrikant van machines voor de aardappelverwerkende industrie. Een van de machines die zij vervaardigt is de Strata Invicta, die al dan niet kan beschikken over een stoomuitlaat afsluiter die zij Magma Valve noemt. Tomra heeft krachtens verlof van de voorzieningenrechter bewijsbeslag gelegd onder Kiremko op bescheiden betreffende de Strata Invicta en Magma Valve. Krachtens hetzelfde verlof is een gedetailleerde beschrijving gemaakt van de Strata Invicta en de Magma Valva op de voet van art. 1019d Rv. Tomra vordert toestemming van de rechtbank voor, en een bevel aan Kiremko tot medewerking aan, inzage en afschrift van de informatie die in bewijsbeslag is genomen en de gedetailleerde beschrijving. Ten grondslag ligt inbreuk op conclusies van haar octrooien. Gelet op de doelstelling van de exhibitie, het vergaren van bewijs voor een procedure en de daaraan verbonden voorwaarden, is het verzoek van Tomra om de (gedeeltelijke) toewijzing van de vordering uitvoerbaar bij voorraad te verklaren, toewijsbaar.

IEF 18077

HR stelt prejudiciële vraag na sprongcassatie over bevoegde rechterlijke instanties GModVo

HvJ EU 2 nov 2018, IEF 18077; ECLI:NL:HR:2018:2027 (Spin Master tegen High5), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hr-stelt-prejudici-le-vraag-na-sprongcassatie-over-bevoegde-rechterlijke-instanties-gmodvo

Prejudicieel gestelde vraag aan HvJ EU 2 november 2018, IEF 18077, IEFbe 2780; ECLI:NL:HR:2018:2027 (Spin Master tegen High5) Modellenrecht. Procesrecht. Zie eerder [IEF 16516], [IEF 17968]. Spin Master is een Canadese onderneming in speelgoedproducten. Onder het merk “Bunchems” verhandelt zij speelballetjes (klittenballetjes) van plastic. Op 16 januari 2015 is op naam van Spin Master en onder nummer 002614669-0002 een Gemeenschapsmodel voor haar speelballetjes geregistreerd. High5 verhandelt onder de naam “Linkeez” eveneens speelballetjes (klittenballetjes) van plastic. High5 stelde dat de voorzieningenrechter in de rechtbank Amsterdam niet bevoegd was. De voorzieningenrechter verklaarde zich echter wel bevoegd omdat een verbodsvordering is ingesteld die beperkt is tot het Nederlandse grondgebied. Op grond van art. 81 GModVo is de rechtbank Den Haag in eerste aanleg bevoegd. De Procureur-Generaal vordert dit vonnis, waartegen geen gewoon rechtsmiddel meer openstaat, ‘in het belang der wet’ te vernietigen. Het cassatiemiddel houdt in dat de voorzieningenrechter heeft miskend dat uitsluitend de voorzieningenrechter in de rechtbank Den Haag bevoegd is kennis te nemen van vorderingen tot het treffen van voorlopige en beschermende maatregelen inzake inbreuk op Gemeenschapsmodellen.

IEF 18071

Afwijzing vordering VWS tot verlening inzage bescheiden Ventraco door eerdere inzage zelfde stukken

Gerechtshoven 23 okt 2018, IEF 18071; ECLI:NL:GHDHA:2018:2706 (VWS tegen Ventraco), http://www.ie-forum.nl/artikelen/afwijzing-vordering-vws-tot-verlening-inzage-bescheiden-ventraco-door-eerdere-inzage-zelfde-stukken

Hof Den Haag 23 oktober 2018, IEF 18071; ECLI:NL:GHDHA:2018:2706 (VWS tegen Ventraco) en ECLI:NL:GHDHA:2018:2707. Octrooirecht. Procesrecht. Zie eerder [IEF 16926]. De voorzieningenrechter heeft op verzoek van VWS verlof verleend voor het leggen van bewijsbeslag. In incident vordert VWS inzage in verscheidene stukken van Ventraco. Voor zover de inzage in het kort geding is toegewezen, moeten de vorderingen worden afgewezen in incident, omdat VWS onvoldoende belang heeft bij het dubbel toewijzen van haar vorderingen met betrekking tot hetzelfde bewijsmateraal.

IEF 18070

Afgewezen vrijwaring: geen rechtsverhouding gedaagden gesteld

Rechtbanken 24 okt 2018, IEF 18070; ECLI:NL:RBDHA:2018:12721 (VCE tegen Hennessy c.s.), http://www.ie-forum.nl/artikelen/afgewezen-vrijwaring-geen-rechtsverhouding-gedaagden-gesteld

Rechtbank Den Haag 24 oktober 2018, IEF 18070; ECLI:NL:RBDHA:2018:12721 (VCE tegen Hennessy c.s.) Merkenrecht. Procesrecht. Hennessy c.s. stellen dat er merkinbreuk is op hun verschillende Unie- en Beneluxmerken voor onder meer alcoholische dranken. VCE vordert dat de rechtbank haar toestaat elf mede-gedaagden in de hoofdzaak in vrijwaring te dagvaarden ter zake de door Hennessy c.s. ingestelde vorderingen. Vordering afgewezen, zij heeft niets gesteld waaruit kan volgen dat er een rechtsverhouding bestaat tussen VCE en deze voornoemde gedaagden in de hoofdzaak die meebrengt dat VCE de nadelige gevolgen van een voor haar ongunstige afloop van de hoofdzaak op deze voornoemde gedaagden kan verhalen. Ook het pleidooverzoek van VCE is afgewezen: toewijzing brengt onmiskenbaar (verdere) vertraging van de procedure met zich.

IEF 18063

NHV Verzekeringen na inbreuk auteursrecht fotograaf veroordeeld tot betaling additionele vergoeding

Rechtbanken 24 jan 2018, IEF 18063; ECLI:NL:RBNHO:2018:361 (Eiser tegen NHV Verzekeringen), http://www.ie-forum.nl/artikelen/nhv-verzekeringen-na-inbreuk-auteursrecht-fotograaf-veroordeeld-tot-betaling-additionele-vergoeding

Rechtbank Noord-Holland 24 januari 2018, IEF 18063; ECLI:NL:RBNHO:2018:361 (Eiser tegen NHV Verzekeringen) Auteursrecht. Procesrecht. Eiser, professioneel fotograaf, heeft in 2003 een foto van een ongeluk gemaakt. NHV Verzekeringen heeft deze foto zonder toestemming gebruikt voor op haar website. Deze heeft zij later verwijderd. NHV Verzekeringen heeft €250,- overgemaakt als vergoeding van de door eiser als gevolg van inbreuk geleden schade. Eiser vordert echter tweemaal de misgelopen licentievergoeding die hij normaliter in rekening brengt, te weten een bedrag van €270,-. De additionele vergoeding naast het honorarium dat eiser bij regulier gebruik van de foto zou hebben ontvangen, is op zijn plaats, omdat eiser onbestreden heeft aangevoerd schade te hebben geleden door het ontbreken van naamsvermelding bij de foto en door de inbreuk op zijn exclusieve recht om uitsluitend zelf te bepalen waar en hoe zijn foto's worden gebruikt. NHV Verzekeringen is veroordeeld tot betaling van het restantbedrag van €390,-. Vorderingen toegewezen.