Rb. Den Haag: ex parte verbod op handel in Volkswagen ID.6 wegens merkinbreuk
Rb. Den Haag 26 juni 2026, IEF 23723; ECLI:NL:RBDHA:2026:19391 (Volkswagen Aktiengesellschaft tegen [gerekwestreerde]). In deze zaak tussen Volkswagen Aktiengesellschaft en [gerekwestreerde] staat de gestelde inbreuk op de merkrechten van Volkswagen door de handel in Volkswagen ID.6-auto’s centraal. Volkswagen verzoekt de voorzieningenrechter om zonder voorafgaand verhoor van [gerekwestreerde] een verbod op te leggen. De voorzieningenrechter acht de geldigheid van de door Volkswagen ingeroepen merkrechten voorshands voldoende aannemelijk. Ook heeft Volkswagen voldoende aannemelijk gemaakt dat [gerekwestreerde] inbreuk op deze rechten maakt. Uit de beschikking volgt dat de gestelde inbreuk bestaat uit het invoeren, uitvoeren, aanbieden, in de handel brengen of voor deze doeleinden in voorraad hebben van auto’s van het type Volkswagen ID.6.