Handelsnaamrecht

IEF 20366

Inbreuk op restaurantmerken

Rechtbank Den Haag 25 nov 2021, IEF 20366; (Kebapci tegen Kebapci Den Haag), http://www.ie-forum.nl/artikelen/inbreuk-op-restaurantmerken

Vzr. Rechtbank Den Haag 25 november 2021, IEF 20366; C/09/61 5490 / KG ZA 21-712 (Kebapci tegen Kebapci Den Haag) Kort geding. Eisers hebben in 2017 een restaurant in Amsterdam opgericht onder de handelsnamen Kebapci Amsterdam en Kebapci. Eisers zijn houder van de Benelux merkregistraties van het woordmerk KEBAPCI en het beeldmerk met woordelementen zoals KEBAPCI. Op 1 april 2021 hebben gedaagden een restaurant opgericht onder de handelsnaam Kebapci Den Haag. Eisers vorderen dat gedaagden wordt bevolen de inbreuk op de merk- en handelsnaamrechten van eisers te staken. De voorzieningenrechter oordeelt dat het aannemelijk is dat er gevaar voor verwarring bestaat bij het in aanmerking komende publiek omdat de indruk kan ontstaan dat het bij het door gedaagden geëxploiteerde restaurant om een filiaal van het restaurant van eisers gaat. Daarnaast is er begripsmatig geen verschil tussen het beeldmerk van eiser en het logo van gedaagden aangezien de gemiddelde consument geen betekenis zal toekennen aan het woord Kebapci. De voorzieningenrechter beveelt gedaagden om iedere inbreuk op de merken van eisers te staken en gestaakt te houden.

IEF 20285

Geen inbreuk op handelsnaam

Rechtbank Amsterdam 19 okt 2018, IEF 20285; ECLI:NL:RBAMS:2018:9661 (Resumedia tegen CVmaker, ), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-inbreuk-op-handelsnaam

Vzr. Rechtbank Amsterdam 19 oktober 2018, IEF 20285; ECLI:NL:RBAMS:2018:9661 (Resumedia tegen CVmaker) Resumedia exploiteert de domeinnamen  www.cvwizard.nl en www.cv.nl waarop betaalde diensten worden aangeboden om solliciteren makkelijker te maken. Cvmaker exploiteert de domeinnaam cvmaker.nl. De oprichters van CVmaker hebben in het verleden werkzaamheden verricht voor Resumedia als programmeurs. Resumedia stelt dat CVmaker inbreuk maakt op hun handelsnamen en dat Gedaagde 2 en 3 wanprestatie plegen omdat zij bij hun werkzaamheden als programmeurs verbonden zijn geraakt aan een geheimhoudingsbeding. Volgens art. 5 Handelsnaamwet is het verboden een handelsnaam te voeren die voordat de onderneming onder die naam werd gedreven, door een ander rechtmatig gevoerd werd of die van diens handelsnaam slechts in geringe mate afwijkt en bij het publiek verwarring tussen de ondernemingen te duchten is. In deze zaak is het van belang dat de handelsnaam van eiser beschrijvend van aard is. Het dominerende tekstonderdeel CV betreft slechts geringe mate van bescherming aangezien het algemeen belang ervan is gediend dat beschrijvende woorden niet worden gemonopoliseerd. Daarnaast maakt het uiteenlopen van de overige bestanddelen van de handelsnamen (maker en wizard) voldoende verschil om verwarring bij potentiële klanten te voorkomen. De vorderingen van eiser die zien op handelsnaaminbreuk worden door de rechtbank dan ook afgewezen.

IEF 20256

Handelsnamen komen teveel overeen

Rechtbank Midden-Nederland 29 sep 2021, IEF 20256; ECLI:NL:RBMNE:2021:4955 (Statisfact tegen Satisfact ), http://www.ie-forum.nl/artikelen/handelsnamen-komen-teveel-overeen

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 29 september 2021, IEF 20256; ECLI:NL:RBMNE:2021:4955 (Statisfact tegen Satisfact) Kort geding. Statisfact drijft een onderneming die advies geeft aan opdrachtgevers aan de hand van de tevredenheid van werknemers met behulp van softwaretools. Satisfact verstrekt een app aan haar opdrachtgevers met eenzelfde soort functie. De voorzieningenrechter is van oordeel dat Satisfact inbreuk maakt op de handelsnaamrechten van Statisfact. Tussen de namen zit maar één letter verschil, waardoor er naast auditieve ook sprake is van grote visuele overeenstemming. De aard van de ondernemingen komt voor een relevant deel overeen en voor het relevante publiek ontstaat hierdoor verwarringsgevaar. De vorderingen van Statisfact worden toegewezen. 

IEF 20247

Cirkl maakt inbreuk op merk en handelsnaam

Rechtbank Gelderland 13 okt 2021, IEF 20247; (Cirkel Makelaars tegen Cirkl), http://www.ie-forum.nl/artikelen/cirkl-maakt-inbreuk-op-merk-en-handelsnaam

Vzr. Rechtbank Gelderland 13 oktober 2021, IEF 20247; C/05/391238 / KG ZA 21-265 (Cirkel Makelaars tegen Cirkl) Kort geding. Eiser Cirkel Makelaars uit Haarlem is in oktober 2006 opgericht, en staat onder die handelsnaam ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Cirkel Makelaars heeft het Benelux woordmerk 'Cirkel Makelaars' gedeponeerd. Verweerder Cirkl is een platform voor woningzoekenden en is in 2020 opgericht. Zij heeft haar handelsnaam ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en de domeinnaam www.cirkl.nl geregistreerd. Cirkel Makelaars stelt dat Cirkl door gebruik van het teken 'Cirkl' inbreuk maakt op haar woordmerk 'Cirkel Makelaars'. De voorzieningenrechter oordeelt onder meer dat Cirkl inbreuk maakt op het merk en de handelsnaam Cirkel Makelaars. De aard van de ondernemingen is nauw verwant, beide partijen zijn actief in hetzelfde geografische gebied, namelijk heel Nederland. Overlegde zoekresultaten op Google tonen aan dat indien op de term 'Cirkel Makelaars' wordt gezocht, ook de website van Cirkl prominent in beeld verschijnt. Ook de vordering tot overdracht van de domeinnaam wordt toegewezen. 

IEF 20248

Vermelding filmproducent aan te merken als handelsnaamgebruik

Hof Den Haag 14 sep 2021, IEF 20248; ECLI:NL:GHDHA:2021:1953 (Rat Pack tegen Ratpac), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vermelding-filmproducent-aan-te-merken-als-handelsnaamgebruik

Gerechtshof Den Haag 14 september 2021, IEF 20248; ECLI:NL:GHDHA:2021:1953 (Rat Pack tegen Ratpac) Rat Pack DE is een Duitse filmproducent van speelfilms, met name kinder- en jeugdfilms. Ratpac US is actief in de filmindustrie en is betrokken bij de financiering van Hollywoodspeelfilms. Ratpac US heeft een Uniemerk aangevraagd voor het woordmerk RATPAC. De vordering van Rat Pack DE dat Ratpac US bevolen wordt het gebruik van deze naam te staken in Nederland is door de rechtbank afgewezen. In hoger beroep richten de grieven zich tegen het oordeel van de rechtbank dat geen sprake is van voldoende bekendheid van de naam RAT PACK in Nederland om voor bescherming als handelsnaam in aanmerking te komen. Door het vermelden van de handelsnaam in de voor- en aftiteling is er sprake van handelsnaamgebruik die het publiek kan herkennen. De grieven slagen en het vonnis wordt vernietigd. 

IEF 20210

Ondanks beschrijvende handelsnaam toch verwarringsgevaar

Rechtbank Den Haag 24 sep 2021, IEF 20210; ECLI:NL:RBDHA:2021:10446 (Klustoppers tegen gedaagden), http://www.ie-forum.nl/artikelen/ondanks-beschrijvende-handelsnaam-toch-verwarringsgevaar

Vzr. Rechtbank Den Haag 24 september 2021, IEF 20210; ECLI:NL:RBDHA:2021:10446 (Klustoppers tegen gedaagden) Kort geding. Klustoppers drijft een onderneming die onder meer diensten verleent op het gebied van verhuizen en transport en maakt gebruik van de website budgetverhuisserivce.nl. Gedaagde 1 is werkzaam geweest bij Klustoppers. Gedaagde 3, broer van gedaagde 1, heeft samen met gedaagde 4 een VOF opgericht onder de naam snellebudgetverhuisservice.nl. Klustopppers vordert dat de voorzieningenrechter gedaagde veroordeelt om per direct gebruik van de woorden 'Budget Verhuisserice' als handelsnaam te staken. Ten grondslag aan deze vordering ligt het inbreuk op de handelsnaam van Klustoppers, waarbij de namen van gedaagden maar in zeer gerichte mate afwijken en er hierdoor verwarring te duchten is. De voorzieningenrechter oordeelt als volgt. De door Klustoppers gevoerde handelsnaam is beschrijvend van aard en heeft niet direct onderscheidend vermogen. Het gebruik van deze woorden is dan ook enkel onrechtmatig indien bijkomende omstandigheden dat meebrengen. Aangezien beide ondernemingen gelijke diensten verrichten en gedaagden eveneens geen onderscheidend element toevoegen aan de handelsnaam, is er verwarringsgevaar.  De vorderingen die betrekking hebben op de VOF worden toegewezen. 

IEF 20206

Verkoop namaakproducten van Apple

Hof 's-Hertogenbosch 7 sep 2021, IEF 20206; ECLI:NL:GHSHE:2021:2801 (Appellante tegen geïntimeerden), http://www.ie-forum.nl/artikelen/verkoop-namaakproducten-van-apple

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 7 september 2021, IEF 20206; ECLI:NL:GHSHE:2021:2801 (Appellante tegen geïntimeerden) Appellante is een online warenhuis dat diverse producten inkoopt bij onder andere geïntimeerden. Geïntimeerden zijn beiden groothandelaars, de één in designartikelen en gadgets en de andere in elektronica- en telecommunicatieapparatuur. Appellante is door Apple Inc. aansprakelijk gesteld wegens merkinbreuk. Deze kwestie is tot een schikking gekomen, waarbij appellante Apple 8.000 euro heeft betaald. In de procedure in eerste aanleg stelt ze dat geïntimeerden zijn tekortgekomen in de overeenkomst door niet-authentieke c.q. counterfeitproducten te leveren. Deze vordering is afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Het hoger beroep is gebaseerd op een toerekenbare tekortkoming dan wel onrechtmatig handelen van enkel geïntimeerde 2. Het Hof bekrachtigd echter het vonnis van de rechtbank. Het is niet voldoende duidelijk dat de producten die Apple als namaakproducten heeft bestempeld zijn geleverd door geïntimeerde 2.

IEF 20201

Verwarringsgevaar ondanks weinig overeenstemmingen

Gerecht EU (voorheen GvEA) 15 sep 2021, IEF 20201; ECLI:EU:T:2021:569 (Albéa tegen EUIPO), http://www.ie-forum.nl/artikelen/verwarringsgevaar-ondanks-weinig-overeenstemmingen

Gerecht EU 15 september 2021, IEF 20201, IEFbe 3284; ECLI:EU:T:2021:569 (Albéa tegen EUIPO) In 2013 heeft verzoekster Albéa Services aanvraag gedaan tot inschrijving van het beeldmerk 'Albéa' in onder andere de klasse cosmetica. Dm-drogerie markt GmbH & Co heeft hiertegen oppositie gesteld. Zij is houder van Uniemerk 'Balea' in overeenkomende klasse. De bestreden beslissing is een uitspraak van de vijfde kamer van beroep, die in de kern stelt dat er te veel verwarringsgevaar voor het relevante publiek ontstaat. Het Gerecht gaat hier in mee en overweegt het volgende. De beoordeling van het verwarringsgevaar hangt af van een tal aan elementen, met name de bekendheid van het merk bij het betrokken publiek. Volgens het Gerecht is er een zekere onderlinge afhankelijkheid tussen de herkenning van een merk door het publiek en het onderscheidend vermogen ervan. Ondanks een geringe visuele en fonetische overeenstemming tussen de conflicterende tekens komt het Gerecht tot de conclusie dat het merk 'Balea' door het grote marktaandeel in cosmetische producten hoog onderscheidend is. Hierdoor kan er toch verwarringsgevaar kan ontstaan tussen de twee beeldmerken. Het beroep dat betrekking heeft op de klasse cosmetica wordt verworpen.