Gepubliceerd op dinsdag 6 oktober 2026
IEF 23900
Rechtbank Amsterdam ||
30 sep 2026,
Rechtbank Amsterdam 30 sep 2026,, IEF 23900; ECLI:NL:RBAMS:2026:9744 ([eiser] tegen de stichting), https://www.ie-forum.nl/artikelen/eiser-niet-ontvankelijk-wegens-dagvaarden-verkeerde-rechtspersoon-bij-journalistieke-publicatie

Eiser niet-ontvankelijk wegens dagvaarden verkeerde rechtspersoon bij journalistieke publicatie

Rb. Amsterdam 30 september 2026, IEF 23900; IT 5551; ECLI:NL:RBAMS:2026:9744 ([eiser] tegen de stichting). Op de website [internetsite] is een artikel over [eiser] gepubliceerd, waarbij een foto van hem is geplaatst tegen een achtergrond van kopieën van verschillende paspoorten op zijn huidige en voormalige naam. [eiser] heeft zowel de stichting als [bedrijf], een non-profitorganisatie naar Amerikaans recht, gesommeerd om de paspoorten en zijn portret offline te halen. Nadat aan die sommatie geen gehoor was gegeven, vorderde hij in kort geding dat de stichting op straffe van een dwangsom zou worden bevolen de paspoorten en het portret uit het artikel te verwijderen en verwijderd te houden. De stichting voerde aan dat [eiser] de verkeerde partij had gedagvaard. Niet de stichting, maar [bedrijf] is de uitgever van alle publicaties op [internetsite], houder van het auteursrecht op die publicaties en eigenaar van de domeinnaam. Volgens de voorzieningenrechter is [bedrijf] daarmee de partij die aan het gevorderde verwijderingsbevel zou kunnen voldoen.

Dat uit openbare informatie mogelijk niet zonder meer duidelijk was dat [eiser] zich tot [bedrijf] en niet tot de stichting moest richten, maakt dit niet anders. Dat op de website van [stichting] een Nederlandse locatie dan wel hoofdkantoor wordt vermeld en uit het uittreksel van de Kamer van Koophandel blijkt dat het publiceren van verhalen tot de activiteiten van de stichting behoort, leidt niet tot ontvankelijkheid. Ook het betoog dat de stichting en [bedrijf] feitelijk en organisatorisch als één organisatie functioneren, slaagt niet. De overlap tussen bestuurders van beide rechtspersonen, het feit dat een groot deel van de redactionele en technische staf bij de stichting in dienst is en de omstandigheid dat de stichting de bij de totstandkoming van het artikel gebruikte database Aleph Pro beheert, brengen niet mee dat de stichting (mede-)uitgever of (mede-)eigenaar is geworden van de artikelen op de website. Bovendien heeft de stichting betwist dat zij zeggenschap heeft over of invloed kan uitoefenen op de inhoud van de artikelen. De voorzieningenrechter ziet daarom voorshands geen aanleiding om beide rechtspersonen te vereenzelvigen en verklaart [eiser] niet-ontvankelijk in zijn vordering. [eiser] wordt veroordeeld in de proceskosten van € 2.101, te vermeerderen met de in het vonnis genoemde nakosten en wettelijke rente.

4.3.

Verder meent [eiser] dat de stichting ook zelfstandig aansprakelijk is, omdat de stichting en [bedrijf] feitelijk en organisatorisch als een organisatie functioneren, onder meer omdat er een grote overlap is in bestuurders van beide rechtspersonen en een groot deel van de redactie en technische staf van [stichting] in dienst is van de stichting. Daarnaast is de stichting beheerder van de database Aleph Pro, die is gebruikt bij de totstandkoming van het artikel. De stichting had dus een belangrijke rol bij de voorbereiding, aldus steeds [eiser] . Ook dit argument kan [eiser] niet baten, omdat beide omstandigheden niet tot gevolg hebben dat de stichting (mede-)uitgever of (mede-)eigenaar is geworden van (de artikelen op) de website. Dat de stichting zeggenschap heeft of invloed kan uitoefenen op de inhoud van de artikelen is bovendien door de stichting betwist. Voorshands is er dan ook geen aanleiding om de entiteiten te vereenzelvigen.