UPC CoA: Intrekking hoger beroep na schikking leidt tot terugbetaling van 50% van het griffierecht
UPC CoA 9 oktober 2026, IEF 23971; IEFbe 4374; UPC-CoA-77/2026 en UPC-CoA-78/2026 (Beko/Dolby). In deze zaak tussen Beko en Dolby staat de vraag centraal onder welke voorwaarden een inbreukvordering en een reconventionele nietigheidsvordering tijdens de hogerberoepsprocedure kunnen worden ingetrokken en of daarbij aanspraak bestaat op gedeeltelijke terugbetaling van het griffierecht. Dolby had bij de lokale divisie Düsseldorf van het UPC een inbreukprocedure aangespannen tegen Beko wegens vermeende inbreuk op Europees octrooi EP 3 605 534. De lokale divisie wees de inbreukvordering toe, wees de reconventionele nietigheidsvordering van Beko af en veroordeelde Beko in de proceskosten. Beko stelde hiertegen hoger beroep in. Tijdens de hogerberoepsprocedure bereikten partijen een schikking, waarna zij hun vorderingen wilden intrekken.