Reclamerecht

IEF 18928

Betaalde samenwerking vlogger en Hoeksche Hoeve resulteert wél in reclame-uiting

RCC 20 dec 2019, IEF 18928; 2019/00696 (Aanklager tegen Vlogger en Hoeksche Hoeve), http://www.ie-forum.nl/artikelen/betaalde-samenwerking-vlogger-en-hoeksche-hoeve-resulteert-w-l-in-reclame-uiting

Reclame Code Commissie 20 december 2019, IE 18928, IT 2996; 2019/00696 (Aanklager tegen Vlogger en Hoeksche Hoeve) Vlogger en Hoeksche Hoeve worden aangeklaagd omdat zij volgens aanklager in een vlog reclame maken voor het merk Boerderijchips, zonder te vermelden dat er sprake is van een betaalde samenwerking. Hoeksche Hoeve verweert zich met de stelling dat de vlog een informatief karakter heeft. Dit treft echter geen doel, omdat voor de vraag of er sprake is van reclame niet relevant is of er continu of alleen op bepaalde momenten in de vlog reclame in de zin van artikel 1 Nederlandse Reclame Code wordt gemaakt. De vlog is meer dan alleen informatief, omdat het Boerderijchips-logo meerdere malen duidelijk zichtbaar is. Daarnaast volgt uit de overeenkomst tussen vlogger en Hoeksche Hoeve dat vlogger een bepaald geldbedrag zou ontvangen voor de gemaakte reclame. Dit toont aan dat er sprake is van een Relevante Relatie in de zin van artikel 3 Reclame Code Social Media (RSM) tussen vlogger en Hoeksche Hoeve. Deze relatie moet volgens datzelfde artikel worden genoemd in de vlog of in de beschrijving ervan. Tot slot heeft Hoeksche Hoeve zich niet gehouden aan de zorgplicht beschreven in artikel 6 RSM. Dat Hoeksche Hoeve naar eigen zeggen geen invloed heeft kunnen uitoefenen op de inhoud van de vlog doet hier niet aan af.

IEF 18894

Uitingen The Flower Farm over palmolie zijn misleidend

RCC 3 dec 2019, IEF 18894; (The Flower Farm tegen EPOA), http://www.ie-forum.nl/artikelen/uitingen-the-flower-farm-over-palmolie-zijn-misleidend

CvB RCC 3 december 2019, IEF 18894, RB 3366; 2019/00648 (The Flower Farm tegen EPOA) De Reclame Code Commissie oordeelde eerder op 13 november 2019 (2019/00648) dat The Flower Farm de consument misleidt door op haar margarineverpakking te zeggen dat palmolie tropisch regenwoud verwoest. De oproep dat de consument door het kopen en eten van The Flower Farm margarine per gezin tot 30 m2 regenwoud redt, is misleidend en een verboden milieuclaim. Het College ziet geen aanleiding om af te wijken van dit oordeel. Door op de verpakking andere margarines in verband te brengen met verwoesting van hele oerwouden wegens palmolie als ingrediënt, wordt in feit een voordeel vam de 'palmolieloze' The Flower Farm margarine voorgespiegeld. Op grond van de beschikbare gegevens kan evenwel niet worden aangenomen dat het met het oog op de verdere bescherming van 'oerwouden' een relevant verschil maakt of gekozen wordt voor margarine van The Flower Farm of voor een margarine met palmolie als ingrediënt.

IEF 18798

Ten onrechte claimen van lidmaatschap is misleidende reclame

Rechtbank Oost-Brabant 29 okt 2019, IEF 18798; ECLI:NL:RBOBR:2019:6262 (ASPB tegen Bibi/Denito en Hati), http://www.ie-forum.nl/artikelen/ten-onrechte-claimen-van-lidmaatschap-is-misleidende-reclame

Rechtbank Oost-Brabant 29 oktober 2019, IEF 18798, RB 3351; ECLI:NL:RBOBR:2019:6262 (ASPB tegen Bibi/Denito en Hati) Kort geding. Misleidende reclame, inbreuk IE-recht. De ASPB, een brancheorganisatie van schoorsteenvegers in Nederland, heeft de behartiging van economische, sociale en technische belangen van haar leden als doel. De organisatie is tevens houdster van een beeldmerk. Overeenkomstig het huishoudelijk reglement van de ASPB mag haar logo door gewone leden, aspirant leden, seniorleden, serviceleden en ereleden worden gevoerd. Denito B.V. betaalde als gewoon lid van de ASPB jaarlijks contributie voor het lidmaatschap van drie t/m vijf personen en een jaarlijkse bijdrage voor de lidmaatschapspasjes. In 2019 is Denito B.V. uitgeschrveen uit het handelsregister. De bestuurder van Denito B.V. is tevens bestuurder van Bibi. Bibi handelt ook onder de naam Denito schoorsteentechniek en heeft geen werknemers in dienst.

IEF 18662

CvB: te veel koeien in commercial Milka

RCC 3 sep 2019, IEF 18662; (Milka Melkchocolade), http://www.ie-forum.nl/artikelen/cvb-te-veel-koeien-in-commercial-milka

CvB RCC 3 september 2019, IEF 18662, RB 3338; Dossiernr: 2019/00392 (Milka Melkchocolade) Televisiecommercial. Reclame-uiting. Misleidende reclame. De klacht betreft een televisiecommercial voor Milka melkchocolade in de vorm van een animatiefilmpje. De beelden worden begeleid door een voice-over die zegt: “Alle melk in Milka chocolade komt van boerderijen met hooguit 60 koeien. De klacht houdt in dat het genoemde aantal van maximaal 60 koeien te laag is, nu Milka een groot merk is, dat actief is in meer dan 40 landen over de wereld en de kalfjes van de koeien niet mee worden geteld. Het CvB bevestigt de gegrondverklaring van de Commissie wat betreft de klacht over de televisiecommercial en het aantal koeien. Er wordt een onjuist aantal genoemd. Het gedeelte van de klacht over de zinsnede “teder geproduceerde melk” is afgewezen. Ook hier gaat het College in mee.

IEF 18661

CvB: afwijzing klacht uiting Nutrilon Opvolgmelk

RCC 3 sep 2019, IEF 18661; (Nutricia Opvolgmelk), http://www.ie-forum.nl/artikelen/cvb-afwijzing-klacht-uiting-nutrilon-opvolgmelk

CvB RCC 3 september 2019, RB 3337, IEF 18661; Dossiernr: 2019/00261/A (Nutrilon Opvolgmelk) Televisiereclame. Uitingen. De klacht houdt in dat de mededeling “Voor de overgang van borstvoeding naar flesvoeding” ten onrechte suggereert dat men op een bepaald punt altijd overgaat naar flesvoeding. Hierdoor krijgt men het idee dat het vanzelfsprekend is om over te stappen op flesvoeding en wordt het geven van borstvoeding als gevolg daarvan ontmoedigd. De Commissie wees de klacht af. Het CvB bevestigt de bestreden beslissing.

IEF 18640

Antwoord prejudiciële vragen beroep op informatievereisten

HvJ EU 23 jan 2019, IEF 18640; (Walbusch tegen Zentrale zur Bekämpfung), http://www.ie-forum.nl/artikelen/antwoord-prejudici-le-vragen-beroep-op-informatievereisten

HvJ EU 23 januari 2019, IEF 18640, IEFbe 2927, IT 2842; C‑430/17 (Walbusch tegen Zentrale zur Bekämpfung) Consumentenbescherming. Vervolg op prejudicieel gestelde vragen [IEFbe 2331 en IT 2343]. Hier is van belang of verweerder zich met succes kan beroepen op de minder strenge informatievereisten bij beperkte weergavemogelijkheid overeenkomstig de BGB (Duits Burgerlijk Wetboek), EGBGB (Duitse wet tot invoering van het Burgerlijk Wetboek) en richtlijn 2011/83. Het antwoord op de vraag of de minder strenge informatievereisten hier gelden, hangt af van de uitlegging van artikel 8 lid 4 eerste zin, en artikel 6 lid 1 (h) van richtlijn 2011/83/EU. De vraag rijst evenwel of een zo uitgebreide informatieplicht over het herroepingsrecht verenigbaar is met de doelen van richtlijn 2011/83/EU. Het zou een onevenredige beperking van de vrije reclamevoering kunnen zijn de handelaar, ongeacht beperkingen in ruimte en tijd van het door hem voor de reclame gebruikte middel voor communicatie op afstand, te verplichten de omvangrijke instructies voor herroeping meteen en rechtstreeks in dit middel voor communicatie op afstand mee te delen en het modelformulier voor herroeping daarbij te voegen. Er zijn prejudiciële vragen gesteld aan het Hof met betrekking tot het beroep op de minder strenge informatievereisten met het oog op de consumentenbescherming.

IEF 18584

Denigrerende vergelijkende reclame Dyson over stofzuiger BSH

Belgische gerechten 26 jun 2019, IEF 18584; (Dyson tegen BSH), http://www.ie-forum.nl/artikelen/denigrerende-vergelijkende-reclame-dyson-over-stofzuiger-bsh

Ondernemingsrechtbank Antwerpen (Afdeling Antwerpen) 26 juni 2019, IEF 18584, IEFbe 3329, RB 2912  (Dyson tegen BSH) Marktpraktijken. Slechtmaking. Vergelijkende reclame. Dyson dagvaardde BSH in 2015, omdat de reclame van een stofzuiger van BSH incorrect en misleidend zou zijn. Naast de dagvaarding stuurde Dyson ook een persbericht uit, waarin zij stelde dat BSH zich schuldig maakte aan oneerlijke marktpraktijken en waarbij zij de link maakte met het Volkswagenschandaal. De Europese Commissie bepaalde dat de aangegeven energielabel niet meer gebruikt mag worden in verband met stofzuigers. Volgens Dyson bleef BSH verwijzen naar het energielabel in verband met haar stofzuigers en misleidde zij nog steeds de consument. De stakingsrechter oordeelt dat Dyson zich bij het persbericht schuldig maakte aan slechtmaking en denigrerende en onrechtmatige vergelijkende reclame. 

IEF 18577

KPN claimt met 'Beter Netwerk-campagne' niet dat eigen netwerk beter is

Rechtbank Den Haag 8 jul 2019, IEF 18577; (T-Mobile tegen KPN), http://www.ie-forum.nl/artikelen/kpn-claimt-met-beter-netwerk-campagne-niet-dat-eigen-netwerk-beter-is

Vzr. Rechtbank Den Haag 8 juli 2019, IEF 18577, RB 3328, IT 2817; (T-Mobile tegen KPN) Kort geding. T-Mobile en KPN zijn aanbieders van telefoniediensten, internet en interactieve televisie. Ze zijn rechtstreekse concurrenten van elkaar. KPN voert sinds een aantal weken een landelijke reclamecampagine met als hoofdthema 'Beter netwerk'. T-Mobile stelt dat de claims van KPN duidelijk vergelijkend zijn met haar concurrentie op de Nederlandse markt waaronder T-Mobile. KPN claimt een 'beter netwerk' te hebben dan haar concurrentie. Die claim kan KPN niet waarmaken. De voorzieningenrechter gaat hier niet in mee. Het gevraagde verbod tegen de 'Beter Netwerk, Beter Leven'–campagne van KPN wordt geweigerd. De campagne draagt slechts de boodschap uit dat een 'beter netwerk' bepaalde activiteiten beter maakt, maar daarbij wordt niet geclaimd dat het netwerk van KPN beter is dan de netwerken van andere aanbieders.
De reconventionele vordering van KPN is afgewezen. KPN vocht de belofte van T-Mobile aan dat T-Mobile in 2020 als eerste in Nederland een landelijk 5G-netwerk zou uitrollen. KPN had geen spoedeisend belang had bij deze vordering, omdat deze belofte door T-Mobile al ruim een jaar geleden was gestart en de campagne inmiddels over haar hoogtepunt heen was.