Ongeoorloofd gebruik van reclamefoto’s: contractuele beperkingen beslissend voor schadebegroting
Rb. Amsterdam 2 januari 2026, IEF 23262; RB 3966; ECLI:NL:RBAMS:2026:6 ([eiser] tegen [gedaagde 1] en [gedaagde 2]). De kantonrechter oordeelt in deze zaak over het gebruik van door een fotograaf gemaakte reclamefoto’s door de exploitanten van een sportschool. Partijen waren overeengekomen dat de foto’s uitsluitend mochten worden gebruikt op de eigen website en sociale media van de sportschool en pas nadat de factuur was voldaan. In de toepasselijke algemene voorwaarden was bovendien bepaald dat elk ander gebruik als een auteursrechtinbreuk geldt, dat bij dergelijk niet-toegestaan gebruik een vergoeding van ten minste driemaal de gebruikelijke licentievergoeding verschuldigd is en dat bij het ontbreken van naamsvermelding een aanvullende vergoeding moet worden betaald. Vast kwam te staan dat de factuur niet tijdig was betaald en dat de sportschool de foto’s niet alleen op Instagram en Google had geplaatst, maar ook, zonder enige toestemming, op externe sportplatforms (Classpass en Eversports), telkens zonder vermelding van de naam van de fotograaf. De kantonrechter acht beide gedaagden hoofdelijk aansprakelijk, nu zij gezamenlijk onder dezelfde handelsnaam naar buiten traden en samen de overeenkomst met de fotograaf hadden gesloten. De zaak is, ondanks de omvang van de vorderingen, met instemming van partijen op grond van artikel 96 Rv door de kantonrechter behandeld.