IEF 305

A-G :

Conclusie van advocaat-generaal Ruiz - Jaroba Colomber in de gevoegde zaken C-465/02 en C-466/02 Bondsrepubliek Duitsland en Koninkrijk Denemarken v. Commissie van de Europese Gemeenschappen inzake de oorsprongsbenaming "Feta" 

Volgens de A-G voldoet de naam "feta" aan de vereisten van een beschermde oorsprongsbenaming, omdat hij duidt op een kaas die afkomstig is uit een groot deel van Griekenland en waarvan de kwaliteit of de kenmerken toe te schrijven zijn aan het geografische milieu, terwijl de productie, de verwerking en de bereiding ervan in een welbepaald gebied plaatsvinden.

Vo 2081/92 van de Raad van 14 juli 1992 beschermd geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen waarvoor er een verband bestaat tussen de kenmerken van het product en de geografische oorsprong ervan.

Reeds in 1996 werd op verzoek van Griekenland de benaming "feta" geregistreerd, in 1999 werd deze verordening om formele redenen nietig verklaard door het Hof. De Commissie nam vervolgens maatregelen om deze gebreken te herstellen en dit leiidde tot een Verordening waarin de naam "feta" in het register van oorsprongebamingen werd ingeschreven. Duitsland en Denemarken verzochten om nietigverkalring van deze verordening.

De A-G oordeelt dat het woord "feta"  geen soortnaam vormt omdat  "het woord "feta" binnen de grenzen van de Gemeenschap niet algemeen wordt gebruikt omdat het onlosmakelijk wordt geassocieerd met een bepaald voedingsmiddel, namelijk de kaas die in een groot gebied in Griekenland wordt bereid met schapenmelk of een mengsel van schapen- en geitenmelk, door middel van een natuurlijk en ambachtelijk procédé waarbij de kaas uitlekt zonder druk."

Na afweging van 1) het traditionele karakter van de benaming, 2) de aanduiding van een levensmiddel dat afkomstig is uit bepaalde gebieden, 3) de kwaliteit die aan het geografische mileiu toe te schrijven is en 4) de productie, verwerking en bereiding in een bepaald gebied, komt de A-G tot het oordeel dat het woord "feta" voldoet aan de voorwaarden om te worden beschouwd als een traditionele benaming, die met een oorsprongsbenaming kan worden gelijk gesteld en daarom over het gehele grondgebied van de Gemeenschap moet worden beschermd. Lees persbericht  of conclusie (nog niet in het Nederlands of Engels beschikbaar)

IEF 304

U-bochtenwerk

Diverse media websites berichten dat RTL Nederland bezig is om Yorin juridisch over te hevelen naar Luxemburg, waar ook de  zenders RTL4 en RTL5 zijn gevestigd. Als reden wordt gegeven dat van de Luxemburgse wet veel  meer mag op het gebied van reclame. Iets als split-screen reclame is in Luxemburg bijvoorbeeld wel toegestaan. Een eerste gedachte is dat het misschien niet zo verstandig is om dat zo openlijk aan te kondigen. Maar aan de nadere kant mag je aannemen dat de juristen van RTL goed hebben nagedacht en niet aankoersen op de bekende doodlopende U-bocht, net zoals TV10 in de jaren 90, dat werd verboden omdat het vanuit Luxemburg uit ging zenden 'met de bedoeling de in Nederland voor binnenlandse omroep geldende wetgeving te ontgaan'.

IEF 303

Geschriftenbescherming springlevend

SBS wil geen programmagegevens leveren aan het nieuwe tijdschrift InMagazine (Quote Media/MTV). SBS vindt dat de SBS-programmagegevens al via genoeg kanalen worden verspreid, onder andere via het eigen Veronica Magazine. InMagazine krijgt wel gegevens van de publieke omroepen en RTL. Volgens adformatie willen de publieke omroepen via hun deelname Programmabladen AKN zelfs opgemaakte pagina's aanleveren, maar vindt het Commissariaat voor de Media dat niet goed. Het CvdM verbood AKN onlangs nog om opgemaakte pagina's aan het AD te leveren. AKN is tegen die beslissing in beroep gegaan.

IEF 302

yorin gediskwalificeerd

Het Internationaal Olympisch Comité heeft Yorin FM/RTL Nederland gesommeerd te stoppen met het gebruik van de naam FreakOlympics. Het door Rob Stenders gepresenteerde radioprogramma FreakOlympic bestaat al 8 jaar en wordt iedere zaterdag tussen twaalf en twee uitgezonden op Yorin FM. Volgens mediamagazine.nl zou het IOC voor elke overtreding een bedrag van 25.000 euro eisen.

Het IOC is in het algemeen erg streng en gebruik van de bekende ringen of andere Olympic Property, zoals ze het zelf heel mooi noemen, wordt hard aangepakt. Lees meer in het uitgebreide Olympic Charter van het IOC, paragraaf 14 e.v: "Olympic designations: An Olympic designation is any visual or audio representation of any association, connection or other link with the Olympic Games, the Olympic Movement, or any constituent thereof. The IOC may take all appropriate steps to obtain the legal protection for itself, on both a national and international basis, of the rights over the Olympic Games and over any Olympic property."

IEF 301

Ware schoonheid zit van binnen

Een lelijker website zul je niet snel vinden, maar op de website van het Benelux-Gerechtshof  kun je wel alle jurisprudentie van dit hof terugvinden. Zo te zien zijn alleen de volgende prejudiciële IE-vragen thans nog onbeantwoord:

“Moet onder ten gevolge van het onrechtmatige gebruik van het merk genoten winst, waarvan de afdracht in artikel 13, A, 5, van de eenvormige Beneluxwet op de merken is geregeld, worden verstaan de door de derde genoten brutowinst die wordt verkregen door de aankoopprijs van de litigieuze waren zonder meer af te trekken van de verkoopprijs dan wel de door die derde genoten nettowinst die wordt berekend door niet alleen de aankoopprijs van de waren maar ook de algemene onkosten van de verkoopprijs af te trekken"

"Wat moet in dit laatste geval onder aftrekbare algemene onkosten worden verstaan : gaat het om de algemene onkosten die heel de onderneming betreffen of uitsluitend om die algemene onkosten die met de litigieuze verkopen samenhangen.” Delhaize - Dior

"Heeft de merkhouder op grond van artikel 13bis van de Benelux Merkenwet in geval van kwade trouw en bij onmogelijkheid van het opvorderen van de eigendom van de goederen, het onbeperkte recht de gelden ten belope van de volledige tegenwaarde van de goederen waarmee de inbreuk op zijn merkrecht is gemaakt, op te vorderen?" Nextra - Meneba

IEF 300

Hoofdstad van het recht

Persbericht EPO: "The European Patent Office is an asset for the Dutch economy"
 
As the largest international organisation located in The Netherlands, the EPO is well integrated in the national and regional business life: "The European Patent Office's operations and investments at The Hague significantly contribute to the Dutch economy, especially the province of Zuid-Holland", EPO's new Vice President of Directorate General Operations Mr Hammer explained. "For every 266 Euros spent in Zuid-Holland, 1 comes from the EPO. (...) This is a thriving, multi-tasking and multi-faceted enterprise with a very demanding mission." "By granting patents the EPO brings legal certainty to the innovation process. In that respect, our work is very close to tasks performed by other institutions located in the 'capital of law'". De problemen met de Nederlandse bureaucratie zijn nog niet opgelost, maar daar wordt aan gewerkt, aldus mr. Hammer. Lees meer en nog meer.

IEF 299

Het staartje van Kopspijkers

Na het verlies van Kopspijkers kan de Vara misschien nog een tegenvaller op haar dak krijgen. Het AD meldt dat Henk Schiffmacher, wereldberoemd tatoeagezetter, de Vara ervan beschuldigt zonder toestemming afbeeldingen van door hem ontworpen tatoeages in het decor van Kopspijkers te hebben gebruikt.

Schiffmacher beweert getracht te hebben de zaak met Jack Spijkerman rechtstreeks te schikken, maar die had waarschijnlijk andere prioriteiten dan de auteursrechtelijke problemen van zijn vorige werkgever op te lossen. Komende woensdag dient een kort geding, waarin Schiffmacher o.a. een (voorschot op) een schadevergoeding van € 80.000,- vordert.

IEF 298

Zacht van consistentie, romig van smaak

Een als culinair artikel vermomde casus in de M bijlage van de NRC. Joep Habets bericht dat Jan Uitentuis (foto) uit Middenbeemster als enige kaasmaker de Noord-Hollandse meshanger maakt. De Universiteit Wageningen had deze eind vorige eeuw uitgestorven kaassoort al eerder in een laboratoriumopstelling weten te reconstrueren en Uitentuis is er nu in geslaagd de kaas in productie te nemen. Maar, en nu komt het, de kaas wordt nu mesklever genoemd "want inmiddels heeft een kaasproducent de naam meshanger geclaimd voor een ander type kaas." Die producent is de Vandersterre Groep uit Bodegraven en heeft het merk in 1994 gedeponeerd. Nog afgezien van goede of kwade trouw en het feit dat de merken in beide gevallen uitsluitend bestaan uit tekens of benamingen die in de handel kunnen dienen tot aanduiding van hoedanigheid, lijken er zo op het eerste gezicht nog wel meer aardige opmerkingen over deze zaak te maken. Mesklever is overigens nog niet gedeponeerd. Advocaten kunnen zich melden in Middenbeemster respectievelijk Bodegraven.

IEF 297

Exclusieve bevoegdheid van de Haagse rechter in octrooigeschillen uitgebreid?

In een vonnis van 4 mei 2005 van de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Arnhem is aan de orde of gedaagde onrechtmatig heeft gehandeld door het sturen van brieven aan (potentiële) afnemers van eiseres waarin zij waarschuwt voor octrooi-inbreuk. Eiseres is van mening dat de (potentiële) afnemers ten onrechte uit de brief zullen afleiden nemen dat eiseres inbreuk maakt op de octrooirechten van gedaagde en dat zij hierdoor schade leidt. Zij vordert daarom een verbod op het doen van dergelijke onrechtmatige mededelingen.

Op grond van artikel 80 van de Rijksoctrooiwet 1995 heeft de Haagse rechtbank exclusieve bevoegdheid in de in dat artikel opgesomde octrooirechtelijke geschillen. Daarbij gaat het onder meer om geschillen over de vaststelling van de geldigheid van octrooien en in geschillen over octrooi-inbreuk. Geschillen over de vraag of de handhaving van een octrooi rechtmatig is, vallen hier naar de letter van de wet niet onder. De Voorzieningenrechter van de Rechtbank Arnhem is evenwel van oordeel dat uit de wetsgeschiedenis volgt dat de Rechtbank Den Haag tóch exclusief bevoegd is, en verwijst de zaak naar de Voorzieningenrechter in Den Haag. lees het vonnis

IEF 296

Voor wie niet de nuance zoekt

Een heel krantenbericht overnemen mag natuurlijk niet zomaar, maar het belang om te laten zien hoe een uitspraak van Hof van Jusitie door het ANP/FD wordt uitgelegd prevaleert in dit geval.

Geen merkrecht voor boy-band Westlife.

LUXEMBURG - De Ierse boy-band Westlife mag zijn naam niet met een merkrecht en het daarbij behorende 'r'-teken in een cirkeltje beschermen. Dat heeft het Europese Hof van Justitie woensdag bepaald na een klacht van de Duitse tabaksproducent Reemark. Die vindt dat de bandnaam te veel lijkt op die van zijn eigen sigarettenmerk West. De naam West was al eerder officieel beschermd. Westlife 's platenmaatschappij BMG kreeg wel een officiële merkenrechtelijke bescherming voor de naam van de boy-band, maar Reemark ging daartegen in beroep. Uiteindelijk belandde de zaak bij het Europese Hof, dat de Duitse klager nu in het gelijk stelt. In principe hebben BMG en Westlife geen verweer tegen handelaren die petjes of T-shirts met de naam van de band op de markt brengen. (anp) Copyright (c) 2005 Het Financieele Dagblad, 6 mei 2005.

IEF 295

Ondertussen in Geneve

Waarom krijg je bij officiele WIPO berichten toch altijd het gevoel dat je een oude Pravda aan het lezen bent? Is het vanwege Dr. Kamil Idris, die nooit eens als mr. Idris of dr. Idris of he, maar consequent als Dr. Kamil Idris, karikatuur van een een benevolente en alom geliefde staatsman wordt opgevoerd of is het vanwege zinnen als "Demand for the services provided by WIPO to the private sector continued to grow, while contributions from member states were at a historically low level" en "Member states commended the secretariat for its constructive and full cooperation with the United Nations Joint Inspection Unit." Hoe dan ook, Dr. Kamil Idris en de Wipo's doen natuurlijk wel goed werk. Lees hier wat ze volgend jaar gaan kosten.

IEF 294

Fluffy Laws

Geen idee meer wat je moet roepen als je je om wat voor reden dan ook in je kuif gepikt voelt? Probeer eens "Auteursrechtinbreuk!" Lucht op en je haalt gegarandeerd de krant:  "The San Francisco Board of Supervisors was outraged today upon hearing the news that Turin, Italy, passed a law that fined dog owners $650 for not walking their dog three times per day. Turin also passed laws forbidding owners from making their dogs look like "fluffy toys".

The result was the city of San Francisco filing a copyright infringement suit against the city of Turin.  "We came up with this idea first!" cried Supervisor Chris Daly.  "We have many more laws like this just waiting to be passed.  Turin stole our ideas and packaged them as their own.  We won't stand still for it.  They're going to pay.  Big time." Lees meer.

IEF 293

Wat is jouw nieuws van de dag?

Frits Barend en Henk van Dorp en hun vaste tafelgast Jan Mulder zijn niet blij met de nieuwste tv-reclame van chipsfabrikant Croky. De drie zijn hierin in getekende vorm, in combinatie met gelijkende stemmen, te zien.

Er is een advocaat op de zaak gezet – het is IEForum niet bekend welke – die duidelijk moet maken dat Barend, Van Dorp en Mulder niet met het chipsmerk willen worden geassocieerd. “Bovendien wisten ze er niets vanaf”, aldus een woordvoerder van RTL Nederland. De schadevergoeding die zal worden geëist zal aan een goed doel beschikbaar worden gesteld. Zie ook hier.

IEF 292

Hufters?

Enkele weken geleden verspreidde de Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie in samenwerking met Adidas tijdens de Rotterdamse marathon een foto van een vijftal atleten in het Olympisch tenue van 2004 (links). De foto is nagenoeg een kopie van de beroemde foto van Paul Huf met Cruijff, Swart, Keizer en Naninga uit 1967. Enig verschil is de toegevoegde vijfde persoon: hordenloopster Judith Vis.

Het Maria Austria Instituut dat de foto’s van Huf beheert is, in de persoon van Adriaan Elligens, “not amused”. Volgens Elligens is de foto een remake en is het flauw en makkelijk om zo op een bekend beeld te gaan leunen. Hij consulteert nu de betrokkenen en overweegt juridische stappen.

Lees meer hier.

IEF 291

West Best

Arrest GVEA, 4 mei 2005, zaak T-22/04. Reemark tegen OHIM/Bluenet. Oppositie o.g.v. ouder nationaal Duits merk WEST tegen CTM aanvraag voor het woordmerk WESTLIFE (inderdaad, van de boyband). Aardige uitspraak, vooral omdat het OHIM vanaf nu gewoon bezwaar mag maken tegen zijn eigen beslissingen. 

"Anders dan het BHIM in zijn memorie van antwoord stelt, volgt uit de rechtspraak niet dat het BHIM tot verwerping van een beroep tegen een beslissing van een van zijn kamers van beroep dient te concluderen...Het BHIM kan dus, zonder het voorwerp van het geding te wijzigen, concluderen tot toewijzing van de vordering van één van de andere partijen, naar zijn keuze, en argumenten voordragen tot staving van de door die partij aangevoerde middelen. Daarentegen kan het niet autonoom de vernietiging vorderen of middelen tot vernietiging voordragen die niet door de andere partijen zijn aangevoerd."

De jongens van Westlife komen er minder goed af. De oppositie tegen hun CTM wordt toegewezen. GvEA merkt o.a. op dat combinaties beschouwd kunnen worden als een variant. "Anderzijds moet worden vastgesteld dat het bestaan van het oudere merk West bij het relevante publiek een associatie zou kunnen hebben teweeggebracht tussen dit woord en de door de eigenaar van het merk verkochte waren, zodat elk nieuw merk bestaande uit dit woord in combinatie met een ander woord het gevaar loopt te worden beschouwd als een variant op het oudere merk. Derhalve zij opgemerkt, dat het relevante publiek zou kunnen menen dat de onder het merk Westlife verkochte waren en diensten dezelfde herkomst hebben als die welke onder het merk West worden verkocht, of dat er ten minste een economische band bestaat." Lees arrest.

IEF 290

Sterrenslag

Arrest GvEA, 4 mei 2005, zaak T-359/02. Chum tegen OHIM+Star TV. Oppositiezaak. Oudere IR beeldmerk Star TV tegen CTM aanvraag voor het woordmerk Star TV. GVeA wijst oppositie toe.

Weinig opzienbarende zaak. Aardig zijn de stukken over soortgelijkheid van waren en diensten. "Volgens vaste rechtspraak zijn de factoren waarmee bij de beoordeling van de soortgelijkheid van de waren of diensten rekening dient te worden gehouden, onder meer de bestemming en het concurrerend dan wel complementair karakter daarvan zijn. In casu moeten de in de merkaanvraag bedoelde activiteiten van productie, opname en ontwikkeling van televisieprogramma’s, video, banden, cd’s, cd-roms en computerschijven, vergelijkbaar worden geacht met de door het oudere merk beschermde productie van televisieprogramma’s, voorzover zij een hieraan complementair karakter hebben, aangezien daaronder ook de vervaardiging van audiovisuele of multimediaproducten valt, die een specifieke vorm van verspreiding van de producten van opposante kan zijn, ofwel het elektronisch medium is voor dergelijke uitzendingen."

"Interactieve televisie, die gebruikmaakt van elektronische media zoals digitale televisie of internet, waardoor de afnemers een gebruik van de dienst kunnen maken dat verder gaat dan de passieve ontvangst van de beelden, moet worden gezien als een bijzondere verschijningsvorm van televisie...Een zelfde conclusie moet worden getrokken met betrekking tot de „productie van televisieprogramma’s”. Ook in dit geval dekt verzoeksters ruimere formulering immers tevens de onder bescherming van het oudere merk geproduceerde televisieprogramma’s, die specifiek betrekking hebben op film"

Woordmerk STAR TV en beeldmerk STAR TV zijn bovendien sterk overeenstemmend: "Gelet op het feit dat het aangevraagde merk samenvalt met het dominerende woordbestanddeel van het oudere merk, heeft de kamer van beroep niet van een verkeerde rechtsopvatting blijk gegeven door te oordelen dat er een sterke overeenstemming tussen de twee merken bestaat."

En, als in zoveel arresten speelt ook hier de bewijsvoering een belangrijke rol. "Wat de argumenten betreft die verzoekster ontleent aan haar verschillende nationale, internationale en communautaire inschrijvingen van merken die het woord „star” of de afbeelding van een ster bevatten, alsmede het volgens haar courante gebruik van het woord „star” voor de in geding zijnde diensten, behoeft slechts te worden vastgesteld dat deze argumenten voor de oppositieafdeling noch voor de kamer van beroep zijn aangevoerd. Volgens vaste rechtspraak kunnen feiten die voor het Gerecht worden ingeroepen zonder voordien voor de instanties van het BHIM te zijn aangedragen, de wettigheid van deze beslissingen slechts aantasten indien het BHIM deze ambtshalve in aanmerking had moeten nemen."

 Lees arrest.

IEF 289

Portetrecht of mensenrecht?

Kun je je op basis van je portretrecht verzetten tegen de verkoop op een veilingsite van jezelf door een derde? Of is een beroep op schending van de mensenrechten meer op zijn plaats? Een opmerkelijk bericht op nu.nl:

“Ruud Gullit staat te koop op veilingsite e-Bay. Verkoper Henk8434 wil de trainer van voetbalclub Feyenoord veilen "tegen elk aannemelijk bod wegens wanprestaties en het niet naar behoren functioneren". Het openingsbod stond op 1 euro.” De verkoop is een rechtstreeks gevolg van de slechte prestaties van de Rotterdamse club onder de leiding van ‘de man van Estelle'. De advertentie is inmiddels verwijderd door eBay.

IEF 288

auteursrechtelijke dwanglicentie?

De NOS eist via het Commissariaat voor de Media dat zij alsnog beelden van het eredivisievoetbal mag uitzenden. Die uitzendrechten zijn in december door de gezamenlijke voetbalclubs verkocht aan Talpa, het mediabedrijf van John de Mol. De NRC bericht dat de NOS volgens de CvdM een beroep doet op het voorkeursrecht dat is vastgelegd in de Mediawet en verschillende verwante besluiten. Daarin staat dat de NOS in staat moet worden gesteld actuele sportverslaggeving te verzorgen van beker- en competitievoetbal. Hoe dat recht precies geïnterpreteerd moet worden, is nog niet duidelijk, aldus woordvoerder Bijvank van het commissariaat. Klinkt boeiend. Wat zou het worden, een nieuwsexceptie, een visueel citaatrecht of een auteursrechtelijke dwanglicentie?

Zie ook: Ed van Westerloo: We hoeven er niet aan te verdienen. De geschiedenis van de miljoenendans om de uitzendrechten van voetbalwedstrijden.

IEF 287

Raben vs. De Staat

De Rechtbank Den Haag heeft op 27 april jl. vonnis gewezen in een enigszins opmerkelijke octrooizaak tussen Raben, doe zich liet vertegenwoordigen door mr R. Moszcwicz, tegen het BIE (nu: Octrooicentrum Nederland) en de Staat der Nederlanden in de hoedanigheid van de Ministers van Vreemdelingenzaken en Intergratie en van Buitenlandse zaken.  

Raben heeft, ondanks een herinnering van het EOB, verzuimd om de taksen voor een Europese octrooiaanvrage tijdig te voldoen, waarna het EOB de octrooiaanvrage formeel als ingetrokken heeft beschouwd per november 1995. Raben vordert dat de Staat cs wordt veroordeeld om aan Raben terzake van zijn uitvinding alsnog een Nederlands octrooi op basis van de ROW 1995 te doen verlenen en deze te doen inschrijven in het Nederlandse octrooiregister, terwijl hij voor de uitvinding nooit een Nederlands octrooi heeft aangevraagd.

Raben heeft, ondanks een herinnering van het EOB, verzuimd om de taksen voor een Europese octrooiaanvrage tijdig te voldoen, waarna het EOB de octrooiaanvrage formeel als ingetrokken heeft beschouwd per november 1995. Raben vordert dat de Staat cs wordt veroordeeld om aan Raben terzake van zijn uitvinding alsnog een Nederlands octrooi op basis van de ROW 1995 te doen verlenen en deze te doen inschrijven in het Nederlandse octrooiregister, terwijl hij voor de uitvinding nooit een Nederlands octrooi heeft aangevraagd.

Volgens Raben is de kern van de zaak dat het EOB bij de behandeling en intrekking van zijn Europese octrooiaanvrage fouten heeft gemaakt, die de Haagse rechtbank in deze procedure tegen de Staat en het BIE recht behoort te zetten, mede nu het EOB immuniteit ontbeert. Raben neemt daarbij onder meer de opmerkelijke stelling in dat het EOB zou handelen als "gevolmachtigde" van het BIE en/of de Staat.

De rechtank wijst de vorderingen van Raben af omdat "niet valt in te zien dat de Staat cs zou kunnen worden veroordeeld tot het "rechtzetten" van de beweerdelijk door een derde - het EOB - jegens Raben bij zijn Europese octrooiaanvrage gemaakte fouten."

De stellingen van Moszcowicz getuigen van creativiteit en fantasie. Helaas raakte de rechtbank halverwege de draad kwijt.

lees vonnis

IEF 286

eerst even indrinken

Toetsing vooraf is het helemaal tegenwoordig. RCC gaat het doen, CGR gaat het doen en vanaf deze week laat ook de Stichting Verantwoord Alcoholgebruik (Stiva) alle radio- en televisiecommercials van haar leden vóór uitzending door een onafhankelijke commissie toetsen aan de Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken. In de commissie hebben onder meer Marjet van Zuijlen (Deloitte en voorzitter Nederlandse Gezinsraad), Prof. Fred van Raaij (Universiteit van Tilburg) en Willy de Graaf (Brandmanagement) zitting.

De vraag blijft of je na toetsing vóóraf, achteraf nog wel mag klagen. Zie ook hier.