Gerecht bevestigt verval van het Uniemerk Gattinoni wegens gebrek aan normaal gebruik
Gerecht 18 maart 2026, IEF 23384; IEFbe 4148; ECLI:EU:T:2026:199 (Effeemme Srl tegen EUIPO en Phoenix 1946 Srl). In deze zaak verzocht Effeemme Srl om vernietiging van de beslissing van de kamer van beroep van het EUIPO, waarin was bevestigd dat het figuratieve Uniemerk Gattinoni vervallen was verklaard voor alle betrokken waren in de klassen 18 en 25, omdat geen normaal gebruik van het merk was aangetoond in de relevante periode van 14 mei 2017 tot en met 13 mei 2022. Het Gerecht zet eerst het juridische kader uiteen: voor behoud van een Uniemerk moet het merk in de Unie daadwerkelijk en niet louter symbolisch zijn gebruikt, waarbij het bewijs cumulatief betrekking moet hebben op plaats, duur, omvang en aard van het gebruik. In deze zaak stond alleen de omvang van het gebruik ter discussie. Effeemme voerde aan dat de kamer van beroep het bewijs ten onrechte stuk voor stuk had beoordeeld en onvoldoende gewicht had toegekend aan licentieovereenkomsten, catalogi, facturen, promotiemateriaal en persartikelen. Het Gerecht verwerpt dat betoog en oordeelt dat de kamer van beroep het bewijsmateriaal wél in samenhang heeft beoordeeld, maar terecht heeft vastgesteld dat vrijwel alle stukken zagen op een periode vóór de relevante gebruiksperiode en dat de stukken uit de relevante periode geen voldoende concreet en objectief beeld gaven van daadwerkelijke marktactiviteit. Met name ontbraken gegevens over omzet, verkoopcijfers, jaarlijkse verkooprapporten, promotiebudgetten of andere stukken waaruit de commerciële omvang van het gebruik van het merk kon blijken.