Uitspraak ingezonden door Joost Becker en Dafne de Boer, DirkZwager.
Inbreuk op merk- en handelsnaamrechten LOTUS
Rechtbank Midden-Nederland 6 februari 2019, IEF 18221; ECLI:NL:RBMNE:2019:488 (LOTUS tegen Improvement Training en Adviesbureau/Lotuskring ABCD). Merkenrecht. Handelsnaamrecht. Kern van het geschil betreft de vraag of er sprake is van inbreuk door gedaagden op aan eiser toekomende merk- en handelsnaamrechten. De rechtbank oordeelt dat de naam LOTUS over voldoende onderscheidend vermogen beschikt. Daarnaast oordeelt de rechtbank ook dat er zowel visueel als auditief grote overeenstemming is met de door Improvement Training en Adviesbureau en Lotuskring ABCD gebruikte tekens. Zodoende concludeert de rechtbank dat Improvement Training en Adviesbureau en Lotuskring ABCD inbreuk maken op de merken- en handelsnaamrechten van LOTUS.
Merkenrecht. Auteursrecht. Transitgoederen. WFL oefent een expeditiebedrijf uit. Philip Morris produceert en verhandelt Marlboro-sigaretten. Philip Morris is houder van een aantal Gemeenschapsmerken en Internationale Beeldmerken en tevens auteursrechthebbende ten aanzien van ontwerpen van Marlboro sigarettenverpakkingen. Philip Morris verneemt van de douane dat een container met sigaretten geadresseerd aan WFL wordt vastgehouden op grond van een vermoeden van inbreuk op een intellectueel eigendomsrecht en verzoekt WFL om in te stemmen met vernietiging van de inbreukmakende sigaretten. De vordering van WFL tot opheffing van het door Philip Morris gelegde conservatoire beslag wordt afgewezen. Naar voorlopig oordeel dient Philip Morris in beginsel de mogelijkheid te worden geboden om in een bodemprocedure te bewijzen dat de sigaretten waren bestemd voor de Nederlandse markt en, zo zij hierbij in het gelijk mocht worden gesteld, de sigaretten te doen vernietigen.
Zie eerder
Oude jurisprudentie, nu pas beschikbaar, zie eerder
Merkenrecht. Bekend merk. Sinda heeft een beeldmerk bestaand uit een springend beest geregistreerd. Puma heeft zonder succes oppositie gevoerd met een beroep op haar beeldmerken van een springende katachtige. Het OHIM heeft ten onrechte geoordeeld dat gemiddelde consument waarschijnlijk meer dan gemiddeld aandachtig is bij de aankoop van sportschoenen. Het Gerecht vernietigt deze beslissing en veroordeelt partijen in de helft van de kosten van Puma.