Procesrecht

IEF 17344

Om proceseconomische redenen geen aanhouding, maar comparitie die niet vóór het tweede kwartaal 2018 wordt ingepland

Rechtbank Den Haag 1 nov 2017, IEF 17344; ECLI:NL:RBDHA:2017:14311 (TomTom tegen MKB Ondernemers), http://www.ie-forum.nl/artikelen/om-proceseconomische-redenen-geen-aanhouding-maar-comparitie-die-niet-v-r-het-tweede-kwartaal-2018-w

Rechtbank Den Haag 1 november 2017, IEF 17345; ECLI:NL:RBDHA:2017:14311 (TomTom tegen MKB Ondernemers) MKB Ondernemers vordert aanhouding in verband met Amsterdamse bodemprocedure over de vraag of de overeenkomst al dan niet rechtsgeldig is beëindigd, terwijl nu de vraag over merkinbreuk voorligt. De vraag is of de overeenkomst nog voortduurt en daarom pleit dat om de eindbeslissing af te wachten. Echter de aanhouding zal zeker leiden tot een langdurige vertraging. Om praktische en proceseconomische redenen zal niet worden overgegaan tot aanhouding, maar wordt comparitie gelast die niet vóór het tweede kwartaal 2018 zal worden ingepland, in de verwachting dat de eindbeslissing in de Amsterdamse zaak zal zijn genomen vóór de ingeplande comparitiedatum.

IEF 17331

In China gevestigd bedrijf dient zekerheidsstelling voor de proceskosten te geven

Rechtbank Den Haag 6 dec 2017, IEF 17331; (Tinnus c.s. tegen Toi-Toys), http://www.ie-forum.nl/artikelen/in-china-gevestigd-bedrijf-dient-zekerheidsstelling-voor-de-proceskosten-te-geven
Bunch-o-Balloons

Rechtbank Den Haag 6 december 2017, IEF 17331 (Tinnus c.s. tegen Toi-Toys). Zekerheidsstelling. Proceskosten. Tinnus c.s. stelt inbreuk op haar model- en auteursrechten, Toi-Toys beroept zich op nietigheid van deze rechten. In dit incident vordert Toi-Toys zekerheidsstelling voor de proceskosten alvorens zij verder gaat in de hoofdzaak. Ten aanzien van Tinnus (gevestigd in de VS) wordt de vordering afgewezen gezien het Verdrag van vriendschap, handel en scheepvaart tussen Nederland en de VS waarin rechtspersonen van de VS zijn vrijgesteld van het storten van een waarborgsom voor de proceskosten. Ten aanzien van Zuru (gevestigd in China) wordt de vordering toegewezen. Zij heeft geen inhoudelijk verweer gevoerd. Het geschil is in een eerder kort geding [IEF 17111] aangemerkt als 'complex' in de zin van de indicatietarieven dus er dient zekerheid gesteld te worden voor het gewenste bedrag van € 35.618.

IEF 17320

Voeging van niet-VRO-zaak met VRO-zaak is ontoelaatbaar

Rechtbank Den Haag 22 nov 2017, IEF 17320; (AstraZeneca tegen Sandoz), http://www.ie-forum.nl/artikelen/voeging-van-niet-vro-zaak-met-vro-zaak-is-ontoelaatbaar

Rechtbank Den Haag 22 november 2017, IEF 17320; LS&R 1543 (AstraZeneca tegen Sandoz). Octrooirecht. Voeging. Schorsing. Vervolg op het kort geding [IEF 16152], waarin Sandoz een voorlopig verbod tot inbreuk op EP 1 250 138 is opgelegd. Vervolgens heeft Sandoz een (VRO-)nietigheidsprocedure aanhangig gemaakt en AstraZeneca (vervolgens) een (gewone) bodemzaak waarin zij een definitief verbod vordert. Sandoz verzoekt schorsing bodemzaak vanwege de reeds aangespannen nietigheidsprocedure. Astrazeneca vordert voeging of informele rolvoeging van beide zaken. Voeging van een niet-VRO-(bodem)zaak met een VRO-(nietigheids)zaak leidt ertoe dat de eerste zaak feitelijk ook onder dat regime zou komen te vallen, zonder dat de eisende partij daartoe heeft verzocht. Dit is niet toelaatbaar. Het verzoek tot schorsing van de bodemzaak wordt wel toegewezen. Het belang aan de (gewone) bodemzaak vervalt als in de nietigheidsprocedure ofwel de nietigheidsvordering van Sandoz wordt toegewezen, of de in reconventie door AstraZeneca gevorderde (definitieve) verbodsvorderingen worden toegewezen. De vertraging die schorsing met zich meebrengt is proceseconomisch aanvaardbaar indien die schorsing duurt totdat er in de nietigheidsprocedure eindvonnis (voorjaar 2018) is gewezen. Schorsing tot het vonnis in de nietigheidsprocedure in kracht gewijsde is gegaan is niet aanvaardbaar.

IEF 17318

Voeging jongste met oudste procedure over zitzakken voor conclusie van antwoord

Rechtbank Den Haag 29 nov 2017, IEF 17318; ECLI:NL:RBDHA:2017:14075 (Zigzac tegen Fatboy), http://www.ie-forum.nl/artikelen/voeging-jongste-met-oudste-procedure-over-zitzakken-voor-conclusie-van-antwoord
SeatZac

Rechtbank Den Haag 29 november 2017, IEF 17318; ECLI:NL:RBDHA:2017:14075 (Zigzac tegen Fatboy) Burgerlijk procesrecht. Incidentele vordering tot voeging. Vereisten art. 222 Rv. ZigZac vordert in de hoofdzaak verklaring voor recht dat het uiterlijk van de SeatZac van geen inbreuk maakt op de door Fatboy gestelde intellectuele eigendomsrechten. Zij vorderen in dit incident voeging met een zaak waarbij Fatboy een stakingsbevel vordert. Op grond van artikel 222 kan ook in de “Oudste procedure” door de eiser bij incidentele conclusie voeging met de “Jongste procedure” worden gevorderd, zolang door de gedaagde in die “Oudste procedure” nog geen conclusie van antwoord is genomen (vgl. artikel 222 lid 1 en 2 Rv j˚ artikel 220 lid 2 Rv). Voeging wordt bevolen.

IEF 17312

Procedure geschorst tot nietigheid octrooi voor vloeistofkoelsysteem voor PC's onherroepelijk is geworden

Rechtbank Den Haag 29 nov 2017, IEF 17312; ECLI:NL:RBDHA:2017:13715 (Asetek tegen Coolergiant), http://www.ie-forum.nl/artikelen/procedure-geschorst-tot-nietigheid-octrooi-voor-vloeistofkoelsysteem-voor-pc-s-onherroepelijk-is-gew

Rechtbank Den Haag 29 november 2017, IEF 17312; ECLI:NL:RBDHA:2017:13715 (Asetek tegen Coolergiant). Octrooirecht. Asetek is houdster van octrooi EP 1 923 771 B1 wat ziet op een vloeistofkoelsysteem voor computers. Het Nederlands deel van het octrooi is eerder vernietigd [IEF 17115] vanwege niet-nieuwheid. In deze zaak stelt Asetek dezelfde vordering als eerder. De Hoge Raad heeft de regel geformuleerd dat een rechterlijke uitspraak waarbij een octrooi nietig wordt verklaard aan dat octrooi onmiddellijk de werking ontneemt, op voorwaarde dat die uitspraak te zijner tijd in kracht van gewijsde gaat. Het eerdere vonnis is nog niet onherroepelijk, dus wordt de zaak geschorst tot er een definitief oordeel is over de geldigheid van het octrooi. Of de rechtbank in deze procedure in deze zaak tot hetzelfde oordeel zal komen als in de eerdere zaak is namelijk, gezien het procesdebat, niet op voorhand te zeggen.

IEF 17297

Exhibitievordering niet voldoende concreet bepaald, nu tijdsbestek meer dan drie jaar beslaat

Rechtbank Overijssel 10 okt 2017, IEF 17297; ECLI:NL:RBOVE:2017:4205 (Bewoners tegen Gemeente Losser), http://www.ie-forum.nl/artikelen/exhibitievordering-niet-voldoende-concreet-bepaald-nu-tijdsbestek-meer-dan-drie-jaar-beslaat

Rechtbank Overijssel 10 oktober 2017, IEF 17297; ECLI:NL:RBOVE:2017:4205 (Bewoners tegen Gemeente Losser). Exhibitie. 843a Rv. Gemeente vraagt inzage in een grote hoeveelheid stukken, waarvan zij de inhoud niet kent. Het tijdsbestek van de documenten die zij vordert beslaat meer dan drie jaar. De Gemeente wil de gevraagde stukken aanwenden ter onderbouwing van haar verweren in de hoofdzaak. Voor nu kan de Gemeente echter volstaan met het gemotiveerd betwisten van de door de bewoners ingenomen standpunten. Kennis van de gevraagde bescheiden is daarvoor niet noodzakelijk.

IEF 17284

Vragen aan HvJEU over proceskostenverdeling wanneer vorderingen slechts ten dele worden toegewezen

HvJ EU 11 sep 2017, IEF 17284; C-554/17 (Société du Journal L’Est Républicain), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vragen-aan-hvjeu-over-proceskostenverdeling-wanneer-vorderingen-slechts-ten-dele-worden-toegewezen

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJ EU 11 september 2017, IEF 17284; IEFbe 2405; C-554/17 (Société du Journal L’Est Républicain). Auteursrechten. Proceskosten. Via MinBuZa: Verzoekster heeft begin 2012 een persoon gefilmd tijdens een bungeejump vanaf een brug. Het koord is gebroken en de persoon is in het water gestort. De door verzoekster gemaakte film van dit voorval kon worden opgeroepen via de website van verweerder (de Société du Journal L’Est Républicain). Verzoekster heeft betoogd dat op die website ook een stilstaand beeld uit haar film te zien is geweest. Verzoekster heeft betoogd dat de film en het beeld beschermd zijn krachtens het auteursrecht en dat verweerder, door ze openbaar te maken, inbreuk heeft gemaakt op haar uitsluitende recht om over de film en het beeld te beschikken. Verzoekster heeft bij de rechter in eerste aanleg verzocht om verweerder te veroordelen tot betaling van schadevergoedingen en de proceskosten van verzoekster. Verweerder heeft de vordering van verzoekster bestreden en gevorderd dat zij wordt veroordeeld in haar kosten. De rechter in eerste aanleg heeft verzoekster schadeloosstelling toegekend voor een totaalbedrag van €1.101,-. Verzoekster ging hiertegen in hoger beroep en vorderde wederom de door haar in eerste aanleg gemaakte proceskosten. Tot staving van haar hoger beroep heeft verzoekster aangevoerd dat haar vorderingen in eerste aanleg op alle punten zijn toegewezen en dat zij slechts op ondergeschikte punten in het ongelijk is gesteld. Verweerder heeft tegen het hoger beroep verweer gevoerd en daartoe dezelfde argumenten aangevoerd als in eerste aanleg. 

IEF 17272

Opvragen bescheiden om rechtspositie te bepalen maakt 'fishing expedition'

Rechtbank Gelderland 25 okt 2017, IEF 17272; ECLI:NL:RBGEL:2017:5704 (De Oude Muntkelder tegen Remalin), http://www.ie-forum.nl/artikelen/opvragen-bescheiden-om-rechtspositie-te-bepalen-maakt-fishing-expedition

Rechtbank Gelderland 25 oktober 2017, IEF 17272; ECLI:NL:RBGEL:2017:5704 (De Oude Muntkelder tegen Remalin). Exhibitie. De stukken waarvan De Oude Muntkelder inzage/afschrift vordert zijn onvoldoende concreet omschreven, waardoor de bescheiden onvoldoende bepaald zijn. Daarnaast heeft De Oude Muntkelder onvoldoende toegelicht dat zij bekend is met de inhoud van de stukken. Ook heeft De Oude Muntkelder blijk gegeven van haar vermoeden dat de gevraagde bescheiden kunnen leiden het vaststellen van haar rechtspositie. Dit is echter niet de bedoeling van de exhibitieplicht.