IEF 17200

Oordeel tot nader onderzoek naar de vraag of aantijgingen in boek over sektarische organisaties onrechtmatig zijn

Rechtbank Amsterdam 11 okt 2017, IEF 17200; ECLI:NL:RBAMS:2017:7345 (Eiser tegen journaliste en Uitgeverij Luitingh-Sijthoff), http://www.ie-forum.nl/artikelen/oordeel-tot-nader-onderzoek-naar-de-vraag-of-aantijgingen-in-boek-over-sektarische-organisaties-onre
boek Ik was gek van geluk

Rechtbank Amsterdam 11 oktober 2017, IEF 17200; ECLI:NL:RBAMS:2017:7345 (Eiser tegen journaliste en Uitgeverij Luitingh-Sijthoff) Voorlopige voorziening. Gedaagde is journaliste en heeft in 2013 een boek geschreven die is uitgegeven door Sijthoff. Het boek gaat over de ervaringen van personen met sektarische organisaties. In hoofdstuk 6 heeft gedaagde geschreven over een organisatie 'BSV' en over de daar werkzame [naam], beide namen zijn verzonnen. Een groot deel van de pers gaat er vanuit dat met deze namen wordt gedoeld op eisers. Eisers vorderen dat het boek onrechtmatig is en dat gedaagde en Sijthoff hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de geleden en nog te lijden schade. De rechter oordeelt dat het er alle schijn van heeft dat in het boek in hoofdstuk 6 met 'BVS' op eiser wordt gedoeld. In het licht van de door gedaagde overlegde stukken kan niet reeds op voorhand worden aangenomen dat de publicatie onrechtmatig is geweest. In de hoofdzaak moet nader onderzoek plaatsvinden naar de vraag of de aantijgingen in door gedaagde geschreven boek onvoldoende grondslag in de feiten vinden.

IEF 17199

Dirk Visser - Is het toegestaan om zonder toestemming van de docent een hoorcollege op te nemen en op facebook te zetten?

, IEF 17199; http://www.ie-forum.nl/artikelen/dirk-visser-is-het-toegestaan-om-zonder-toestemming-van-de-docent-een-hoorcollege-op-te-nemen-en-op
toestemming docent hoorcollege facebook

Op 17 oktober 2017 gaf Dirk Visser in Leiden een mini-college over deze vraag. De aanleiding laat zich raden.
Het antwoord ook: nee.

Het is zowel auteursrechtelijk als nabuurrechtelijk verboden en als de student zelf niet deelneemt aan het ‘gesprek’ (niets zegt tijdens het college) is het ook nog strafbaar op grond van artikel 139a of 139b Wetboek van Strafrecht (afhankelijk van de vraag of de collegezaal een ‘besloten lokaal’ is of niet). De PowerPoint van het mini-college is bijgevoegd.

IEF 17198

Telecom octrooi Philips vernietigd wegens gebrek aan inventiviteit

Rechtbank Den Haag 18 okt 2017, IEF 17198; ECLI:NL:RBDHA:2017:11759 (Koninklijke Philips tegen Asustek Computer), http://www.ie-forum.nl/artikelen/telecom-octrooi-philips-vernietigd-wegens-gebrek-aan-inventiviteit

Rechtbank Den Haag 18 oktober 2017, IEF 17198; ECLI:NL:RBDHA:2017:11759 (Koninklijke Philips tegen Asustek Computer); ECLI:NL:RBDHA:2017:11758 (Koninklijke Philips tegen Wiko) Telecom octrooi vernietigd. Philips is houdster van octrooien die zij essentieel acht voor de technische standaarden 3G en 4G voor mobiele communicatie. Philips is bij de rechtbank Den Haag inbreukprocedures gestart ter zake van verschillende octrooien, in deze zaak wordt EP 525: 'Radio Communication System' behandeld. Zie eerder: [IEF 16669] en [IEF 17136]. Philips legt aan haar vorderingen ten grondslag dat Asus, door het in Nederland aanbieden van mobiele telefoons, smartphones en tablets die voldoen aan het HSDPA-protocol van de UMTS-standaard, inbreuk maakt op de conclusies 10, 11 en 14 en indirecte inbreuk op conclusies 1, 2 en 15 van EP 525. Philips heeft tegen Wiko dezelfde vorderingen ingesteld ter zake van EP 525. De rechtbank wijst de vorderingen van Philips af en vernietigd het Nederlandse deel van EP 525. De conclusies 10 en 1 (waarin het radiosysteem is geclaimd waarin het mobiele station van conclusie 10 opereert) zijn niet inventief. 

IEF 17197

Het zonder toestemming plaatsen van hyperlinks naar sportwedstrijden is een mededeling aan het publiek

Hof 's-Hertogenbosch 17 okt 2017, IEF 17197; ECLI:NL:GHSHE:2017:4524 (MyP2P tegen The Football Association Premier League Limited), http://www.ie-forum.nl/artikelen/het-zonder-toestemming-plaatsen-van-hyperlinks-naar-sportwedstrijden-is-een-mededeling-aan-het-publi

Hof 's-Hertogenbosch 17 oktober 2017, IEF 17197; IT 2376; ECLI:NL:GHSHE:2017:4524 (MyP2P tegen The Football Association Premier League Limited) Auteursrecht op (live) beeldverslagen van sportwedstrijden. Zie tussenuitspraak: [IEF 15081]. In de periode van 2006 tot 19 augustus 2011 heeft MyP2P via haar website gratis live streams aangeboden van sportwedstrijden. Deze live streams waren afkomstig van niet daartoe geautoriseerde derden. Het Hof verwijst naar de uitspraak van de Hoge Raad [IEF 14835] en het HvJ EU [IEF 16226] in de GeenStijl-zaak. In het voetspoor van het GeenStijl-arrest komt het hof tot de voorlopige conclusie: MyP2P heeft op haar websites hyperlinks geplaatst naar andere websites waarop de sport-uitzendingen beschikbaar waren zonder dat Premier League en de KNVB als auteursrechthebbenden daarvoor toestemming hadden gegeven. Bij dat handelen was sprake van winstoogmerk zodat kan worden vermoed dat MyP2P kennis had of kon hebben van de omstandigheid dat de plaatsing van de hyperlinks is geschied met volledige kennis van de beschermde aard van deze werken en van het ontbreken van toestemming voor de beschikbaarstelling daarvan via hyperlinks aan een onbepaald, vrij groot, aantal internetgebruikers, welk (nieuw) publiek Premier League en de KNVB ieder niet in aanmerking had genomen toen zij voor de uitzending van de werken door de omroeporganisatie toestemming verleenden. Het zonder toestemming plaatsen van de hyperlinks moet worden aangemerkt als 'mededeling aan het publiek' in de zin van art. 3 lid 1 Auteursrechtrichtlijn en van openbaar maken in de zin van art. 12 Aw. Aangezien er sprake is van een weerlegbaar vermoeden laat het hof het aanbod van MyP2P toe tot het leveren van tegenbewijs. 

 

IEF 17201

3 november - VvA studiemiddag: verbouwing en sloop: het persoonlijkheidsrecht van de architect

De eerstvolgende VvA ledenvergadering en studiemiddag zal plaatsvinden op vrijdag 3 november 2017 in de Tolhuistuin, IJpromenade 2 te Amsterdam. De ledenvergadering zal om 13.30 beginnen. Het wetenschappelijke gedeelte begint om 14.00 uur en zal als thema hebben: “Verbouwing en sloop: het persoonlijkheidsrecht van de architect.” De vergadering zal om 17.00 uur eindigen waarna kan worden nagepraat tijdens de borrel.

IEF 17189

HvJ EU: Dagvaarding voor schending persoonlijkheidsrechten rechtspersoon in de plaats waar centrum van belangen ligt

HvJ EU 17 okt 2017, IEF 17189; (Bolagsupplysningen tegen Svensk Handel), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-dagvaarding-voor-schending-persoonlijkheidsrechten-rechtspersoon-in-de-plaats-waar-centrum-va

HvJ EU 17 oktober 2017, IEF 17189; IEFbe 2382; IT 2374; ECLI:EU:C:2017:766; C-194/16 (Bolagsupplysningen tegen Svensk Handel) Er is beroep ingesteld door Bolagsupplysningen tegen Svensk Handel strekkende tot rechtzetting van onjuiste informatie, verwijdering van commentaren, vergoeding van materiële en immateriële schade. Bolagsupplysningen is door Svensk Handel op een 'zwarte lijst' op haar website geplaatst wegens vermeend bedrog en oplichterij. Gevolg hiervan is dat verzoeksters bedreigd zijn en hun activiteiten in Zweden nagenoeg stilliggen. Svensk Handel stelt dat er geen nauwe band is tussen het geding en de Estse rechter. Conclusie AG: [IEF 17190]. Antwoord HvJ EU: 

1)      Artikel 7, punt 2, van verordening (EU) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken dient aldus te worden uitgelegd dat een rechtspersoon die stelt dat zijn persoonlijkheidsrechten zijn geschonden door de publicatie op internet van onjuiste gegevens over hem en door het niet verwijderen van op hem betrekking hebbende reacties, een beroep kan instellen tot rectificatie van die gegevens, verwijdering van die reacties en vergoeding van alle geleden schade bij de gerechten van de lidstaat waar zich het centrum van zijn belangen bevindt.
Verricht de betrokken rechtspersoon het grootste deel van zijn activiteiten in een andere lidstaat dan die waar hij zijn statutaire zetel heeft, dan kan hij de vermeende veroorzaker van de aantasting in die andere lidstaat oproepen met een beroep op de plaats waar de schade is ingetreden.
2)      Artikel 7, punt 2, van verordening nr. 1215/2012 dient aldus te worden uitgelegd dat een persoon die stelt dat zijn persoonlijkheidsrechten zijn geschonden door de publicatie op internet van onjuiste gegevens over hem en door het niet verwijderen van op hem betrekking hebbende reacties niet bij de gerechten van elke lidstaat op het grondgebied waarvan de op internet gepubliceerde informatie toegankelijk is of was, een beroep kan instellen tot rectificatie van die gegevens en verwijdering van die reacties.

IEF 17195

Vooraankondiging Zeist en VIE-prijs 2017

Aankondiging VIE-prijs. Tijdens het IE Symposium op 14 maart 2018 zal deze prijs weer worden uitgereikt. Voor de VIE-prijs komen in aanmerking publicaties die een wezenlijke en/of vernieuwende bijdrage leveren aan de kennis en het begrip van het intellectuele eigendoms- of het ongeoorloofde mededingingsrecht in Nederland, door een auteur die op het moment van publicatie niet ouder was dan 35 jaar, in het Nederlands of Engels, die binnen vijftien maanden voorafgaand aan de uitreiking van de prijs zijn gepubliceerd. Proefschriften komen niet in aanmerking.

IEF 17194

Ondanks technisch bepaalde elementen is vuurschaal op sokkel een auteursrechtelijk beschermd werk

Rechtbank Oost-Brabant 13 okt 2017, IEF 17194; (Holland Vormgevers tegen Noach Outdoor), http://www.ie-forum.nl/artikelen/ondanks-technisch-bepaalde-elementen-is-vuurschaal-op-sokkel-een-auteursrechtelijk-beschermd-werk

Vzr. Rechtbank Oost-Brabant 13 oktober 2017, IEF 17194 (Holland Vormgevers tegen Noach Outdoor) Auteursrecht. Holland Vormgevers heeft een vuurschaal ontworpen op een rechthoekige stenen sokkel. Er wordt een identieke vuurschaal door Noah Outdoor geproduceerd en te koop aangeboden. Met de gekozen combinatie van de vuurschaal op de sokkel sprake is van een auteursrechtelijk beschermd werk. Hoewel de vuurschaal technisch en functioneel bepaalde elementen bevat, wijkt deze door de combinatie van specifieke elementen duidelijk af van andere vuurschalen. Nu de totaalindruk van beide vuurschalen identiek is, en de vuurschaal van Holland Vormgevers als eerste op de markt is gebracht, moet worden aangenomen dat de schaal van Noach Outdoor ontleend is aan die van Holland Vormgevers. Noach Outdoor pleegt auteursrechtinbreuk.

IEF 17190

Conclusie AG: Volledige schade als gevolg van internetpublicatie mag verhaald worden in lidstaat waar zich het zwaartepunt van de beroepsactiviteit bevindt

HvJ EU 13 jul 2017, IEF 17190; ECLI:EU:C:2017:554 (Bolagsupplysningen tegen Svensk Handel), http://www.ie-forum.nl/artikelen/conclusie-ag-volledige-schade-als-gevolg-van-internetpublicatie-mag-verhaald-worden-in-lidstaat-waar

Conclusie AG HvJ EU 13 juli 2017, IEF 17190; IEFbe 2383; IT 2375; ECLI:EU:C:2017:554 ; C-194/16 (Bolagsupplysningen tegen Svensk Handel) EEX-Vo. Beroep is ingesteld door Bolagsupplysningen tegen Svensk Handel strekkende tot rechtzetting van onjuiste informatie, verwijdering van commentaren, vergoeding van materiële en immateriële schade. Bolagsupplysningen is door Svensk Handel op een 'zwarte lijst' op haar website geplaatst wegens vermeend bedrog en oplichterij. Gevolg hiervan is dat verzoeksters bedreigd zijn en hun activiteiten in Zweden nagenoeg stilliggen. Svensk Handel stelt dat er geen nauwe band is tussen het geding en de Estse rechter en er dan ook geen reden is af te wijken van artikel 4 van Vo. 1215/2012 en artikel 7, pt 2 toe te passen. Bolagsupplysningen stellen dat hun schade in Estland, waar zij het centrum van hun belangen hebben, is ingetreden. Conclusie AG:

–      Artikel 7, punt 2, van verordening (EU) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (herschikking) moet aldus worden uitgelegd dat een rechtspersoon die beweert dat zijn persoonlijkheidsrechten zijn geschonden door de publicatie van informatie op internet, zijn volledige schade kan verhalen voor de gerechten van de lidstaat waar het centrum van zijn belangen is gelegen.

–      Een rechtspersoon heeft het centrum van zijn belangen in de lidstaat waar zich het zwaartepunt van zijn beroepsactiviteiten bevindt, mits de beweerdelijk schadelijke informatie nadelige gevolgen kan hebben voor zijn beroepsactiviteiten in die lidstaat.

IEF 17188

Het nationaal Mediarecht congres op 16 november in Amsterdam

DeLex organiseert in samenwerking met het Commissariaat voor de Media het Nationaal Mediarecht congres.
Het thema: Mediarecht in tijden van verandering.

Mediarecht experts belichten de (recente) geschiedenis van het mediarecht, bespreken het heden, kijken vooruit én gaan in gesprek over de betekenis voor de dagelijkse praktijk. Zo bespreekt Marcel Boulogne (Head of Sector 'Audiovisual Media Services' - ‎European Commission) over de aanpassing van de audiovisuele mediadiensten richtlijn. Wat staat ons te wachten? Wat is de context waarbinnen de aanpassing van de richtlijn tot stand komt? Hoe loopt het proces (kan er al iets worden gezegd over de triloog)? Wat zijn de doeleinden van de richtlijn? Wat gaat dit betekenen voor de dagelijkse praktijk?

Geef je hier op.

IEF 17187

Wouter Dammers - Noot onder Rb Gelderland (WD Groep tegen Schuman Incasso)

, IEF 17187; http://www.ie-forum.nl/artikelen/wouter-dammers-noot-onder-rb-gelderland-wd-groep-tegen-schuman-incasso

W.F. Dammers, Noot onder Rb Gelderland 16 augustus 2017 (WD Groep tegen Schuman Incasso); IEF 17187; IT 2372
De zaak samengevat 
Kort gezegd betreft deze zaak een geschil tussen een softwareontwikkelaar en een afnemer over het recht op gebruik van in licentie gegeven CMS-software van een derde partij. Partijen hebben de samenwerking beëindigd, waarbij de softwareontwikkelaar had bedongen dat de afnemer geen gebruik meer mocht maken van de software van derden die de ontwikkelaar had ingezet voor gebruik van haar software. Hoewel de ontwikkelaar nog een sprankje hoop tot vervolg van de samenwerking leek te hebben, lijkt ze in haar eigen voeten te schieten: de afnemer besluit het CMS terug te zetten uit een back-up, waardoor de ontwikkelaar met lege handen staat. Een rechtszaak was het gevolg. Inzet: een verbod op inbreuk op auteursrechten van de CMS-ontwikkelaar enerzijds, en een bevel tot afgifte van broncode anderzijds.

IEF 17185

Theo-Willem van Leeuwen - Loods5 een kringloopwinkel?

Zie de column hier en de uitspraak [IEF 17184] hier. In 1999 wordt er een nieuw winkelconcept gelanceerd: Loods5. In een enorm pand kunnen fabrikanten, importeurs en groothandelaren een ruimte huren, om daar hun eigen producten te verkopen. In het pand is van alles te vinden, van designstoelen, tuinmeubels, keukengerei tot aan een kunstafdeling. Van alles op het gebied van wonen. Het concept is een succes. De winkelformule krijgt een vervolg in Amersfoort en Sliedrecht. Het bedrijf heeft de naam en het logo als merk vastgelegd in de Benelux en treedt hardhandig op tegen bedrijven met een vergelijkbare naam. Maar kan Loods5 iedereen zomaar verbieden het woord ‘Loods’ te gebruiken in combinatie met een cijfer/letter voor de verhandeling van woonaccessoires?

IEF 17186

"De omstreden vrienden van Donald Trump" mag uitgezonden worden

Rechtbank Midden-Nederland 27 sep 2017, IEF 17186; ECLI:NL:RBMNE:2017:5135 (Eiser tegen BNN-VARA), http://www.ie-forum.nl/artikelen/de-omstreden-vrienden-van-donald-trump-mag-uitgezonden-worden

Rechtbank Midden-Nederland 27 september 2017, ECLI:NL:RBMNE:2017:5135; IEF 17186 (Eiser tegen BNN-VARA) Mediarecht. Schriftelijke uitwerking van kop-staartvonnis: [IEF 17147]. Zembla heeft op 27 september 2017 de aflevering "De omstreden vrienden van Donald Trump: Deel 3 De miljardenfraude" uitgezonden. Volgens eiser is de centrale beschuldiging van Zembla dat hij een cruciale rol speelt in een wereldwijde witwasoperatie niet op documenten of bronnen onderbouwd. Eiser stelt dat BNN-Vara onrechtmatig heeft gehandeld en vordert dat BNN-Vara zich onthoud van het uitzenden van het programma waarin eiser herkenbaar in beeld is of waarin hij door het publiek kan worden geïdentificeerd. In deze zaak gaat het om een botsing van fundamentele rechten: enerzijds het recht van eiser op eerbiediging van zijn eer en goede naam, anderzijds het recht op vrijheid van meningsuiting van BNN-Vara. Onvoldoende aannemelijk is geworden dat de in de uitzending lichtvaardige verdachtmakingen onrechtmatig is jegens eiser. De beschuldiging van witwassen wordt niet als een vaststaand feit gepresenteerd of door BNN-Vara zelf geuit. De beschuldiging komt niet zomaar uit de lucht vallen: uit het 'red notice' bericht blijkt dat hij sinds 2014 internationaal wordt gezocht voor onder meer witwassen. Er wordt een voldoende evenwichtig beeld van de situatie geschetst aangezien wordt aangegeven dat de beschuldiging van de Kazachstaanse overheid afkomstig is. Zembla heeft voorafgaand aan de uitzending eiser voldoende gelegenheid gegeven tot wederhoor: Zembla heeft hem twee keer benaderd voor commentaar. Alle vorderingen worden afgewezen, de uitzending mag doorgaan. 

IEF 17184

Geen verwarring tussen 'rotzooi' van LoodsG en 'stijlvol, nieuw design' van Loods5

Rechtbank Noord-Nederland 7 jul 2017, IEF 17184; ECLI:NL:RBNNE:2017:2486 (Loods5 tegen LoodsG), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-verwarring-tussen-rotzooi-van-loodsg-en-stijlvol-nieuw-design-van-loods5

Rechtbank Noord-Nederland 7 juli 2017, IEF 17184; ECLI:NL:RBNNE:2017:2486 (Loods5 tegen LoodsG). Merkenrecht. Handelsnaamrecht. Loods5 is een winkel dat het shop-in-shopprincipe hanteert, waarbij woon- en lifestyleproducten worden verhandeld. Zij handelt sinds 1995 onder de handelsnaam Loods5 en heeft daarnaast verschillende beeld- en woordmerken geregistreerd met betrekking tot de benaming Loods5. LoodsG opereert sinds 2014 onder die naam en verkoopt allerhande producten, waaronder o.a. meubels, kunst en oude bouwmaterialen. Loods5 vordert staking van de inbreuk op haar rechten. De vorderingen op de merkrechten worden door de rechter afgewezen, omdat de beeldmerken aanzienlijk verschillen. Het onderscheidend deel van het woordmerk 'Loods5' is 'Loods' en dit wordt veelvuldig gebruikt voor de verkoop van diverse zaken. Ook de waren die partijen verkopen zijn maar in geringe mate soortgelijk. Het argument dat Loods G in het kielzog van Loods 5 probeert te varen wordt, niet nader onderbouwd door de rechter, eveneens van tafel geveegd. Het beroep op de handelsnaam levert Loods5  ook niets op, de rechter oordeelt dat het niet aannemelijk is dat er bij het publiek verwarring kan ontstaan tussen beide ondernemingen. Alle vorderingen van Loods5 worden afgewezen.

 

IEF 17183

Vragen aan HvJEU: zijn sigaretten met gementholiseerde bestanddelen verboden onder de Tabaksrichtlijn?

HvJ EU 13 jun 2017, IEF 17183; C-439/17 (British American Tobacco), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vragen-aan-hvjeu-zijn-sigaretten-met-gementholiseerde-bestanddelen-verboden-onder-de-tabaksrichtlijn

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJEU 13 juni 2017, IEF 17183; RB 3003; LS&R 1515; IEFbe 2379; C-439/17 (British American Tobacco). Tabak. Consumentenbescherming. Via MinBuZa: Verzoekster (British American Tobacco GmbH) komt op tegen een beslissing van verweerster (Freie und Hansestadt Hamburg) waarbij haar het in de handel brengen van het product Lucky Strike Click Flow Switch-sigaretten is verboden. Deze sigaretten bevatten een capsule met menthol houdende vloeistof in de filter die door knijpen wordt afgegeven. Met het oog op de inwerkingtreding van bepaalde voorschriften van de wet betreffende tabaksproducten en verwante producten heeft verzoekster zich tot verweerster als de voor haar bevoegde toezichthoudende autoriteit gericht. Verzoekster heeft in haar brief uiteengezet dat met de overgangsbepaling van §47(4) TabakerzG, op grond waarvan het verbod in §5(1) punt 1a TabakerzG, om sigaretten en shagtabak met een kenmerkend aroma in de handel te brengen, pas met ingang van 20.05.2020 van toepassing is, het verdergaande voorschrift als vervat in de overgangs-bepaling van de richtlijn niet correct in Duits recht is omgezet. Daardoor mogen op grond van het verbod in §5(1) punt 1b TabakerzG sigaretten en shagtabak waarbij de menthol zich bevindt in de bestanddelen niet zijnde het eigenlijke tabaksrolletje, niet meer in de handel worden gebracht, zelfs indien op die manier een kenmerkend aroma in de zin van §5(1) punt 1a TabakerzG wordt gecreëerd. Dit is in strijd met het Unierecht. De verschillende behandeling van de beide productvarianten – mentholsigaretten die door de toevoeging van menthol aan bestanddelen is gementholiseerd, en sigaretten waarbij het tabaksrolletje is gementholiseerd – heeft geen basis in de richtlijn en is ook niet objectief gerechtvaardigd.

IEF 17177

Ovenvormmerk normaal gebruikt ondanks opdruk van woordmerk

Gerecht EU (voorheen GvEA) 10 okt 2017, IEF 17177; ECLI:EU:T:2017:715 (Klement tegen EUIPO), http://www.ie-forum.nl/artikelen/ovenvormmerk-normaal-gebruikt-ondanks-opdruk-van-woordmerk
Vormmerk oven Bullerjan

Gerecht EU 10 oktober 2017, IEF 17177; IEFbe 2371; ECLI:EU:T:2017:715 (Klement tegen EUIPO). Vormmerk. Normaal gebruik van een merk. Bullerjan heeft in 2005 een vormmerk betreffende een oven ingeschreven. In 2012 verzoekt Klement op basis van de Uniemerkenverordening (207/2009/EC) om vervallenverklaring van dit vormmerk vanwege non-usus. De Cancellation Division en Board of Appeal van het EUIPO verwerpen de vervallenverklaring. Vervolgens stapt Klement naar het Gerecht EU, welke hem eveneens nul op rekest geeft. Klement gaat in beroep bij het HvJ, welke oordeelde dat het oordeel van het Gerecht niet duidelijk en begrijpelijk was, waarna de beoordeling werd teruggewezen naar het Gerecht. De klacht van Klement komt er in essentie op neer dat het daadwerkelijke product van Bullerjan afwijkt van het vormmerk, doordat het woord 'Bullerjan' op de producten is aangebracht en dat dit woord het enige distinctieve onderdeel is van het product. In het vormmerk is het woord niet aangebracht. Omdat er sprake is van afwijking zou er geen sprake zou zijn van normaal gebruik van het merk, zo stelt Klement. Het Gerecht maakt korte metten met deze stelling door aan te geven dat Uniemerken, zonder hun distinctieve karakter te verliezen, in kleine onderdelen mogen verschillen van het gedeponeerde merk. Dit is het geval. De oven an sich is zeer distinctief. Daarnaast hoeven merken niet in isolatie gebruikt te worden, dus meerdere merken (vorm, woord, beeld) kunnen op één product gebruikt worden. Vordering wordt afgewezen.

IEF 17182

Vragen aan HvJEU: Wanneer mag eierlikeur de verkoopbenaming 'eierlikeur' dragen?

HvJ EU 27 jun 2017, IEF 17182; C-462/17 (Eierlikeur), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vragen-aan-hvjeu-wanneer-mag-eierlikeur-de-verkoopbenaming-eierlikeur-dragen

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJEU 27 juni 2017, IEF 17182; IEFbe 3002; RB 3002; C-462/17 (Eierlikeur). Geografische aanduiding. Etikettering. Via MinBuZa: Verzoekster richt zich tegen het gebruik van de benaming eierlikeur voor een product dat melk bevat. Verzoekster en verweerster (Altenweddinger Geflügelhof Kommanditgesellschaft) zijn producenten van likeuren die onder meer eieren als ingrediënt hebben en die in de detailhandel maar ook online worden verkocht onder de verkoopbenaming eierlikeur. Verweerster produceert onder meer een reeks producten die zij blijkens de etiketten als eierlikeur aanduidt. Op het etiket aan de achterkant van die producten staat ‘bevat melk’. Tussen partijen staat vast dat de likeuren van verweerster inderdaad melk bevatten. Verzoekster meent dat zij tegen het gebruik van de verkoopbenaming eierlikeur voor de producten van verweerster een vordering tot staking kan instellen krachtens de Duitse wet inzake de oneerlijke mededinging in samenhang met de Duitse wet inzake levensmiddelen, consumptiegoederen en voedermiddelen in samenhang met verordening 1169/2011 bijlage II bij verordening 110/2008. Het gebruik van de benaming eierlikeur voor de producten van verweerster is volgens haar misleidend, aangezien melk als ingrediënt van eierlikeur of advocaat in punt 41 van bijlage II bij verordening 110/2008 niet is opgenomen en een product dat naast de in punt 41 van bijlage II bij verordening 110/2008 melk bevat, derhalve ook niet als eierlikeur mag worden aangeduid. Verzoekster vordert veroordeling van verweerster tot staking op straffe van een dwangsom (maximaal €250.000,-) voor elke toekomstige inbreuk. Verweerster vordert verwerping van het beroep. Volgens verweerster gaat het bij punt 41 van bijlage II van verordening 110/2008 louter om minimumvoorwaarden waaraan een product moet voldoen om eierlikeur genoemd te mogen worden. De aanname dat de lijst uitputtend is, zou in tegenspraak zijn met artikel 17(1) verordening 11/69/2011.

IEF 17180

Vragen aan HvJEU: Valt een kleine sample van een muziekstuk onder het citaatrecht?

HvJ EU 1 jun 2017, IEF 17180; C-476/17 (Kraftwerk), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vragen-aan-hvjeu-valt-een-kleine-sample-van-een-muziekstuk-onder-het-citaatrecht

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJEU 1 juni 2017, IEF 17180; IEFbe 2374 ; C-476/17 (Kraftwerk). Auteursrecht. Muziek. Via MinBuZa: Verzoekers zijn leden van de band ‘Kraftwerk’. De groep bracht in 1977 een fonogram uit waarop de compositie ‘Metall auf Metall’ staat. Tot de verwerende partij behoren de beide componisten van het nummer ‘Nur mir’ en Pelham GmbH, die dat nummer met zangeres opnam op fonogrammen die in 1997 werden uitgebracht. Verzoekers stellen dat verweerders ongeveer twee seconden van een ritmische sequens uit het nummer ‘Metall auf Metall’ elektronisch hebben gekopieerd (gesampled) en in een doorlopende herhaling onder het nummer ‘Nur mir’ hebben gezet, hoewel zij de gekopieerde ritmische sequens zelf hadden kunnen inspelen. Zij hebben tegen verweerders een vordering ingesteld tot staking van het gebruik, schadevergoeding en afgifte van de fonogrammen met het oog op de vernietiging ervan. Het Landgericht heeft de vorderingen toegewezen. Verweerders hebben tevergeefs hoger beroep tegen deze beslissing ingesteld. Met hun beroep in Revision concluderen verweerders nog steeds tot afwijzing van de vorderingen.

IEF 17179

Vragen aan HvJEU over inwerking grondrechten op de Auteursrechtrichtlijn

HvJ EU 27 jul 2017, IEF 17179; C-516/17 (Der Spiegel), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vragen-aan-hvjeu-over-inwerking-grondrechten-op-de-auteursrechtrichtlijn

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJ EU 27 juli 2017, IEF 17179; IEFbe 2372; C-516/17 (Der Spiegel). Auteursrecht. Persvrijheid. Via MinBuZa: Verzoeker is sinds 1994 lid van de Duitse Bundestag en is auteur van een manuscript waarin hij pleit voor gedeeltelijke decriminalisering van geweldloze seksuele handelingen door volwassenen met kinderen, maar zich tegelijkertijd uitspreekt tegen volledige afschaffing van de zedenwetgeving. Het essay werd in 1988 gepubliceerd in boekvorm, als bijdrage aan een bundel. Het verscheen onder pseudoniem en in een door de redacteur gewijzigde versie. Bij brief van 05.05.1988 beklaagde verzoeker zich er bij de redacteur over dat de strekking van zijn artikel ten gevolge van de zonder zijn toestemming in de tekst aangebrachte wijzigingen was veranderd en verzocht hij hem om, in het kader van de distributie van het boek, de lezer daarop attent te maken in een mededeling van de uitgever – tevergeefs. Nadat hij in de daaropvolgende jaren herhaaldelijk was bekritiseerd voor de uitlatingen in zijn bijdrage aan dat boek, stelde verzoeker op 18.09.2013 het manuscript ter beschikking aan verschillende krantenredacties om aan te tonen dat het voor publicatie in boekvorm was gewijzigd. Hij gaf die redacties evenwel geen toestemming voor publicatie van de teksten. In plaats daarvan stelde hij op 20.09.2013 het manuscript en de in het boek verschenen bijdrage als download ter beschikking op zijn website, waarbij op elke bladzijde diagonaal de volgende tekst was aangebracht: “IK DISTANTIEER MIJ VAN DEZE BIJDRAGE…”. De bladzijden van de bijdrage aan het boek bevatten daarnaast het volgende opschrift: “VOOR DEZE TEKST IS GEEN TOESTEMMING GEGEVEN. DE TITEL EN DELEN VAN DE TEKST ZIJN VERDRAAID TEN GEVOLGE VAN DE VRIJE BEWERKING DOOR DE REDACTEUR.”