Octrooirecht

IEF 17498

Vragen aan HvJ EU: Dient de uitdrukking „passende schadeloosstelling” uit de Handhavingsrichtlijn te worden uitgelegd dat de lidstaten zorg moeten dragen voor de vaststelling van materieelrechtelijke regels?

HvJ EU 9 nov 2017, IEF 17498; C-688/17 (Bayer Pharma), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vragen-aan-hvj-eu-dient-de-uitdrukking-passende-schadeloosstelling-uit-de-handhavingsrichtlijn-te-wo

Prejudicieel gestelde vragen aan HvJ EU 9 november 2017, IEF 17498; IEFbe 2479; LS&R 1573; C-688/17 (Bayer Pharma) Octrooirecht. Via Minbuza: Verzoekster (Bayer Pharma) heeft op 08.08.2000 octrooi aangevraagd bij het Hongaars bureau voor intellectueel eigendom (hierna: bureau) voor een uitvinding op het gebied van geneesmiddelen. Het bureau heeft het gevraagde octrooi op 04.10.2010 verleend. Verweersters hebben hun geneesmiddelen in november 2009, augustus 2010 en oktober 2010 geïntroduceerd op de Hongaarse markt. Verweersters hebben op 08.12.2010 een vordering tot nietigverklaring van het octrooi ingediend bij het bureau. Verzoekster verzocht om voorlopige maatregelen bij de verwijzende rechter. Naar aanleiding van dit verzoek werd bij vonnissen van 11.07.2011 verweersters verboden de producten nog langer te verhandelen. De voorlopige maatregelen zijn op 08.08.2011 in werking getreden. Verweersters dienden hiertegen hoger beroep in. Bij vonnissen van 23.01.2012 en 30.01.2012 heeft de rechtbank de verzoeken van verzoekster om voorlopige maatregelen afgewezen.

IEF 17495

Conclusie AG: ABC-houder kan import naar Duitsland uit toetredende EU-lidstaten tegenhouden, ondanks dat er een ABC-regeling was, maar geen basisoctrooi van de ABC in die landen bestond

HvJ EU 7 feb 2018, IEF 17495; C-681/16 (Pfizer tegen Orifarm), http://www.ie-forum.nl/artikelen/conclusie-ag-abc-houder-kan-import-naar-duitsland-uit-toetredende-eu-lidstaten-tegenhouden-ondanks-d

Conclusie AG HvJ EU 7 februari 2018, IEF 17495; IEFbe 2477; LS&R 1571; C-681/16 (Pfizer tegen Orifarm) Octrooirecht. ABC. Toetreding van nieuwe lidstaten. Product dat wordt beschermd in een oude lidstaat en dat in een nieuwe lidstaat in de handel is gebracht zonder bescherming door de houder van het patent. Parallelinvoer

1)       Degene aan wie een aanvullend beschermingscertificaat is verleend voor de Bondsrepubliek Duitsland kan zich op de regelingen van het specifiek mechanisme beroepen om te verhinderen dat producten uit Tsjechië, Estland, Letland, Litouwen, Hongarije, Polen, Slovenië, Slowakije, Bulgarije, Roemenië en Kroatië (bijlage IV bij de Akte betreffende de toetredingsvoorwaarden voor de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek en de aanpassing van de Verdragen waarop de Europese Unie is gegrond; deel I van bijlage V bij de Akte betreffende de toetredingsvoorwaarden voor de Republiek Bulgarije en Roemenië en de aanpassing van de Verdragen waarop de Europese Unie is gegrond; bijlage IV bij de Akte betreffende de voorwaarden voor de toetreding van de Republiek Kroatië en de aanpassing van het Verdrag betreffende de Europese Unie, het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie) in de Bondsrepubliek Duitsland worden ingevoerd, wanneer het aanvullende beschermingscertificaat in de Bondsrepubliek Duitsland werd aangevraagd op een tijdstip waarop in die nieuwe lidstaten (die toen nog toetredende landen waren) al regelingen bestonden voor de verkrijging van een dergelijk aanvullend beschermingscertificaat, maar een dergelijk certificaat in die staten niet kon worden aangevraagd door of verleend aan de houder van het voor de Bondsrepubliek Duitsland afgegeven beschermingscertificaat, aangezien deze in de betrokken staten niet beschikte over een basisoctrooi, wat nodig was om een aanvullend beschermingscertificaat te kunnen verkrijgen.

IEF 17484

HR verwerpt beroep bij de uitleg licentie voor gebruik technologie antilichamen kameelachtigen

Hoge Raad 2 feb 2018, IEF 17484; ECLI:NL:HR:2018:143 (Unilever tegen Ablynx), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hr-verwerpt-beroep-bij-de-uitleg-licentie-voor-gebruik-technologie-antilichamen-kameelachtigen

HR 2 februari 2018, IEF 17484 ; ECLI:NL:HR:2018:143 (Unilever tegen Ablynx) Octrooirecht. Licentiecontract. Conclusie AG: vernietiging en terugverwijzing. HR: verwerpt het beroep. Uitleg licentie voor gebruik technologie m.b.t. antilichamen kameelachtigen. Grens tussen voedingsmiddelen en geneesmiddelen, voeding met werking tegen specifieke pathogenen. Het hof [IEF 16106 http://www.ie-forum.nl/?showArticle=16106] zou een verrassingsbeslissing hebben gegeven door de grens van de licentie te leggen bij producten met werking van specifieke pathogenen, nu dit criterium pas voor het eerst bij pleitzitting in hoger beroep aan de orde kwam. Klacht faalt. In de kern is de klacht van het onderdeel dat het hof met zijn uitleg de licentie heeft ‘uitgehold’, doordat bij die uitleg onder de licentie geen andere toepassingen van VHH voor voedingsmiddelen bestaan dan die met werking ten aanzien van specifieke pathogenen. Klachten falen, beroep verworpen.

IEF 17434

Tata Steel onvoldoende belang bij vordering op grond van VJV/Staat

Hof Den Haag 19 dec 2017, IEF 17434; ECLI:NL:GHDHA:2017:3951 (Tata Steel tegen ArcelorMittal), http://www.ie-forum.nl/artikelen/tata-steel-onvoldoende-belang-bij-vordering-op-grond-van-vjv-staat

Hof Den Haag 19 december 2017, IEF 17434; ECLI:NL:GHDHA:2017:3951 (Tata Steel tegen ArcelorMittal) Octrooirecht. Hoger beroep na rechtbank IEF 17099. ArcelorMittal verweert zich tegen de Grief van Tata Steel met een beroep op artikel 3:303BW (onvoldoende belang). In VJV/Staat is geoordeeld dat, indien op voorhand blijkt dat de handelingen waarop de gevorderde verklaring voor recht ziet, op zodanige wijze zijn omschreven dat zij inbreuk/onrechtmatigheid opleveren of dat dit niet aan de hand van de omstandigheden van het geval kan worden onderzocht, die verklaring onvoldoende concreet omschreven is, waardoor zij nimmer voor toewijzing in aanmerking komt. Dit brengt met zich dat de eisende partij onvoldoende belang heeft bij de daartoe strekkende vordering en derhalve daarin niet ontvankelijk moet worden verklaard. Het verweer van ArcelorMittals treft doel. Het vonnis wordt vernietigd.

IEF 17424

EPO: Case Law from the Contracting States to the EPC 2014-2016

EPO Case Law 2014-2016

Supplementary publication 6, Official Journal EPO 2017, "Case Law from the Contracting States to the EPC 2014-2016" (klik hier voor de pdf 1.2 Mb) The present report, "Case Law from the Contracting States to the EPC 2014-2016", focuses on issues of substantive patent law within Europe. It also touches on institutional matters and sets out examples of European patents which have been litigated in several jurisdictions. Arranged according to topic and country, the summaries included in this, the fourth such compilation will give the reader a valuable overview of interesting judgments handed down by national courts in the period from mid-2014 to the end of 2016.

IEF 17417

Het is voldoende aannemelijk dat overname printerdivisie Samsung ook de executiebevoegdheid van octrooivonnis betreft

Rechtbank Den Haag 5 jan 2018, IEF 17417; ECLI:NL:RBDHA:2018:93 (Digital Revolution tegen Samsung), http://www.ie-forum.nl/artikelen/het-is-voldoende-aannemelijk-dat-overname-printerdivisie-samsung-ook-de-executiebevoegdheid-van-octr

Vzr. Rechtbank Den Haag 5 januari 2018, IEF 17417; ECLI:NL:RBDHA:2018:93 (Digital Revolution tegen Samsung) Executie. Contractenrecht. Digital Revolution c.s. exploiteren webwinkels waarmee zij printers en (toner)cartridges aanbieden en verkopen in onder meer Nederland. In eerder vonnis [IEF 16408] is bepaald dat zij met de met Samsung compatibele cartridges inbreuk maken en haar producten aangeprijst met misleidende capaciteitsvergelijking. Er is beroep aangetekend. Ondertussen wordt de printerdivisie van Samsung door HP (S-printing) overgenomen; er is een Deed of Assignment en wordt in het EUIPO- en NL octrooi-register ingeschreven dat S-printing rechthebbende is. De gevorderde schorsing ex 225 lid 1 Rv wordt afgewezen. De voorzieningenrechter overweegt dat in het midden kan blijven of de executiebevoegdheid met betrekking tot het vonnis van rechtswege meegaat met de overdracht van de betreffende octrooien en modelrechten, of dat deze rechten separaat dienen te worden overgedragen. Het is voldoende aannemelijk dat Samsung en S-Printing bedoeld hebben ook die executierechten – voor zover nodig – over te dragen.

IEF 17371

HvJ EU: Houder kan beroep instellen tot rectificatie van datum waarop het ABC vervalt, indien deze datum niet juist is vastgesteld

HvJ EU 20 dec 2017, IEF 17371; C-492/16 (Incyte Corporation), http://www.ie-forum.nl/artikelen/hvj-eu-houder-kan-beroep-instellen-tot-rectificatie-van-datum-waarop-het-abc-vervalt-indien-deze-dat

HvJ EU 20 december 2017, IEF 17371; IEFbe 2438; LS&R 1548; ECLI:EU:C:2017:995; C-492/16 (Incyte Corporation)  Octrooirecht. Geneesmiddelen voor menselijk gebruik. Gewasbeschermingsmiddelen. Aanvullend beschermingscertificaat. Vaststelling van de vervaldatum. Mogelijkheid of verplichting tot rectificatie van de vervaldatum. 

1)      Artikel 18 van verordening (EG) nr. 469/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 6 mei 2009 betreffende het aanvullende beschermingscertificaat voor geneesmiddelen, gelezen in het licht van artikel 17, lid 2, van verordening (EG) nr. 1610/96 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 1996 betreffende de invoering van een aanvullend beschermingscertificaat voor gewasbeschermingsmiddelen, moet aldus worden uitgelegd dat de datum van de eerste vergunning voor het in de handel brengen, zoals opgegeven in een aanvraag voor een aanvullend beschermingscertificaat, op basis waarvan de tot afgifte van een dergelijk certificaat bevoegde nationale autoriteit de duur van dat certificaat heeft berekend, niet juist is in een situatie als die in het hoofdgeding, waarin de onjuiste datum heeft geleid tot een berekeningswijze van de duur van dat certificaat die niet strookt met artikel 13, lid 1, van verordening nr. 469/2009, zoals uitgelegd in een later arrest van het Hof.

IEF 17392

Indirecte inbreuk op octrooi toiletpapierverdeler

Rechtbank Den Haag 27 dec 2017, IEF 17392; ECLI:NL:RBDHA:2017:15395 (SCA tegen Vialli), http://www.ie-forum.nl/artikelen/indirecte-inbreuk-op-octrooi-toiletpapierverdeler

Rechtbank Den Haag 27 december 2017, IEF 17392; ECLI:NL:RBDHA:2017:15395 (SCA tegen Vialli). Octrooirecht. SCA is houdster van Europees Octrooi 1 799 083 B1 voor een toiletrol dispenser. SCA treft Vialli op een ISSA beurs. In de stand van Vialli bevinden zich zogeheten K5 toiletrol dispensers. De rechtbank stelt vast dat Vialli hiermee indirect inbreuk maakt op het Europese octrooi van SCA. Bij beoordeling of er sprake is van directe inbreuk heeft SCA onvoldoende belang, aangezien daartoe enkel is aangevoerd dat Vialli op de ISSA beurs aanwezig was met enkele K5 dispensers gevuld met toiletpapier (hetgeen volgens SCA kwalificeert als gebruik voor eigen bedrijf). De rechtbank veroordeelt Vialli tot staking van inbreuk. Vernietiging van de dispensers en reclamemateriaal. Opgaveverplichting. Last onder dwangsom. Schadevergoeding.