Mediarecht

IEF 16879

Onredelijk ontslag nu niet is bewezen dat bedreigende Facebookberichten van werknemer komen

Rechtbank Den Haag 9 mrt 2017, IEF 16879; ECLI:NL:RBDHA:2017:5162 (Arfos Management Services tegen X), http://www.ie-forum.nl/artikelen/onredelijk-ontslag-nu-niet-is-bewezen-dat-bedreigende-facebookberichten-van-werknemer-komen

Rechtbank Den Haag 9 maart 2017, IEF 16879; ECLI:NL:RBDHA:2017:5162 (Arfos Management Services tegen X) Mediarecht. Arbeidsrecht. Gedaagde is ontslagen op staande voet vanwege bedreigende Facebook-berichten aan de werkgever. Geen van de getuigen heeft verklaard dat hij/zij gedaagde een of meer van de in het geding zijnde Facebookberichten heeft zien schrijven en heeft zien plaatsen op de Facebookpagina van Arfos. Arfos heft het verlangde bewijs dus niet kunnen leveren. Vordering wordt afgewezen omdat niet vast is komen te staan dat gedaagde die berichten heeft geplaatst.

IEF 16895

Verklaringen geplaatst op website BING zijn niet onrechtmatig

Hof Arnhem-Leeuwarden 20 jun 2017, IEF 16895; ECLI:NL:GHARL:2017:5191 (X tegen BING), http://www.ie-forum.nl/artikelen/verklaringen-geplaatst-op-website-bing-zijn-niet-onrechtmatig

Hof Arnhem-Leeuwarden 20 juni 2017, IEF 16895; ECLI:NL:GHARL:2017:5191 (X tegen BING) Kort geding. Mediarecht. Appellant was burgemeester. Het Bureau Integriteit Nederlandse Gemeenten (BING) heeft onderzoek gedaan en oordeelde dat appellant zich schuldig had gemaakt aan machtsmisbruik en belangenverstrengeling. De vraag is of BING met het plaatsen op haar website van geciteerde verklaringen over appellant onrechtmatig heeft gehandeld. Omdat BING de eerste verklaring op haar website heeft geplaatst nadat alle klachtonderdelen van appellant ongegrond waren bevonden en de uitlatingen daarin niet onjuist waren is deze publicatie op de website niet onrechtmatig. De tweede verklaring is een reactie op kritiek van appellant op BING, dit kan ook niet als onrechtmatig worden aangemerkt. De verklaringen geplaatst op de website zijn niet onrechtmatig.

IEF 16877

Prej. vragen over bedrijfsgeheimen van een geprivatiseerde bank en toegang tot overheidsinformatie

HvJ EU 11 apr 2017, IEF 16877; (Nova KBM tegen Slovenië), http://www.ie-forum.nl/artikelen/prej-vragen-over-bedrijfsgeheimen-van-een-geprivatiseerde-bank-en-toegang-tot-overheidsinformatie
nbkm

Prej. vragen aan HvJ EU 11 april 2017, IEF 16877; IEFbe 2213; IT 2305; C-215/17 (Nova KBM tegen Slovenië) Openbaarheid. Overheidsinformatie. Auteursrecht. Hergebruik. Verzoekster (bank) heeft verzocht om herziening van een uitspraak op een verzoek van een journaliste tot openbaarmaking van een lijst van de consultancyfirma’s, advocatenkantoren en vennootschappen die intellectuele prestaties leveren waarmee verzoekster in de periode van 01-10-2012 tot en met 17-04-2014 overeenkomsten heeft gesloten. De lijst zou ook inhoudelijke gegevens van de overeenkomsten moeten bevatten. Volgens de SLV wetgeving zijn deze gegevens absoluut openbaar waarbij aangetekend dat het belang van het publiek bij openbaarmaking niet zwaarder weegt dan het belang van de tot openbaarmaking verplichte persoon om de toegang tot de gevraagde informatie te beperken. Dit geldt met name voor (rechts)personen die onder de overheersende invloed staan dan wel de laatste vijf jaar hebben gestaan van publiekrechtelijke lichamen, zoals in casu verzoekster, waarin SLV een meerderheidsaandeel had en die door SLV in beduidende mate is geherkapitaliseerd. Met name dit laatste vergroot het openbaar belang van controle. Sinds 21-04-2016 is verzoekster een privaatrechtelijke vennootschap op aandelen. Zij staat niet meer onder de overheersende invloed van de Staat maar is nog wel verplicht vijf jaar lang gegevens te verstrekken op grond van de Wet op de toegang tot overheidsinformatie.

IEF 16862

BGH stelt HvJ EU vragen over het openbaar maken geheime, auteursrechtelijk beschermde, militaire beheersverslagen door de pers

HvJ EU 1 jun 2017, IEF 16862; I ZR 139/15 (Afghanistan Papiere), http://www.ie-forum.nl/artikelen/bgh-stelt-hvj-eu-vragen-over-het-openbaar-maken-geheime-auteursrechtelijk-beschermde-militaire-behee

BGH 1 juni 2017, IEF 16862; IEFbe 2201; I ZR 139/15 (Afghanistan Papiere) Auteursrecht. Geheime status. Persvrijheid. Grondrechten. De federale republiek Duitsland laat weekberichten maken over de buitenland inzet van het leger. Die berichten 'nur für den Dienstgebrauch', dus geheim, en zijn ingeschaald op de minst hoge geheimhoudingsschaal. Er zijn samenvattingen die wel openbaar zijn. Het online portaal van de Westdeutschen Allgemeinen Zeitung wenst inzicht te krijgen in deze berichten uit 2001 tot 2012; via onbekende weg heeft ze een groot deel van deze geheime berichten openbaargemaakt als 'Afghanistan Papiere'. Gestelde vragen gaan over de verhouding van auteursrechtelijk exclusiviteit die een beperking kan vormen voor persvrijheid:

IEF 16855

"Amsterdamse krant" hoeft "Link kopers politiepand met crimineel" niet te verwijderen of te rectificeren

Rechtbank Amsterdam 7 jun 2017, IEF 16855; ECLI:NL:RBAMS:2017:3962 (eisers tegen Het Parool), http://www.ie-forum.nl/artikelen/amsterdamse-krant-hoeft-link-kopers-politiepand-met-crimineel-niet-te-verwijderen-of-te-rectificere

Rechtbank Amsterdam 7 juni 2017, IEF 16855; ECLI:NL:RBAMS:2017:3962 (eisers tegen Het Parool) Mediarecht. Publicaties waren niet onzorgvuldig en niet onrechtmatig. Geen schending privacy, want publicatie over zaken. Voorop staat dat de vraag aan wie de algemeen bekende voormalige politiebureaus in hartje Amsterdam zouden worden verkocht, een zaak van publiek belang was. Ten eerste zou het voor de Nationale Politie als eigenaar van panden een blamage zijn, als zou blijken dat ze zijn verkocht aan criminelen of aan personen of bedrijven die contacten met criminelen hebben en/of voor de financiering van de panden van criminaliteit afkomstig geld gebruiken. Ten tweede zou een dergelijke gang van zaken schadelijk voor de gemeente Amsterdam zijn, mede gezien haar beleid de criminaliteit in het als “ [postcode] ” bekend staande deel van de stad terug te dringen. Het Parool had en heeft dan ook, als “Amsterdamse krant”, recht en belang mogelijke misstanden in dit verband aan het licht te brengen. Ook de kop "Link kopers politiepand met crimineel" hoeft niet te worden geïnterpreteerd als een uiting waarmee een rechtstreekse band wordt gesuggereerd. Het dekt de lading van het artikel.

IEF 16841

Conclusie PG: verwerping cassatie van afgifte ruw beeldmateriaal op grond van artikel 843a Rv

Hoge Raad 31 mrt 2017, IEF 16841; (Pretium tegen Avrotros), http://www.ie-forum.nl/artikelen/conclusie-pg-verwerping-cassatie-van-afgifte-ruw-beeldmateriaal-op-grond-van-artikel-843a-rv

Conclusie PG HR 31 maart 2017, IEF 16841 (Pretium tegen Avrotros) Mediarecht. Verborgen camera. Artikel 10 EVRM. Het televisieprogramma TROS Radar heeft met een undercover-rapportage in een callcenter de wijze waarop een telefoonbedrijf klanten werft aan de kaak willen stellen. Het gaat hier om de vraag hoever de bescherming onder artikel 10 EVRM reikt voor met een verborgen camera gefilmd materiaal. Daarnaast is aan de orde of het hof een vordering op grond van artikel 843a Rv tot afgifte van dat materiaal kon afwijzen op de grond dat het beoogde bewijs ook langs een andere weg, door het horen van getuigen, kan worden verkregen. Conclusie van de PG is verwerping van het principaal en incidentaal cassatieberoep.

IEF 16836

Het zwaartepunt van de uitzending lag op de zakelijke handelswijze

Rechtbank Midden-Nederland 1 mei 2017, IEF 16836; ECLI:NL:RBMNE:2017:2615 (eiser tegen AvroTros), http://www.ie-forum.nl/artikelen/het-zwaartepunt-van-de-uitzending-lag-op-de-zakelijke-handelswijze
tros opgelicht schurk van urk

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 1 mei 2017, IEF 16829; ECLI:NL:RBMNE:2017:2615 (eiser tegen AvroTros) Belangenafweging tussen artikel 8 en 10 EVRM. Vordering tot verwijdering uitzending van de website van TrosOpgelicht?! en publiceren van rectificatie. Het wordt als feit gepresenteerd dat eiser in de kranten die hij uitgaf content plaatste die hij van internet haalde. In de uitzending wordt een beeldfragment uitgezonden van een interview met de zwager waarin de zwager zegt dat het op hem overkwam alsof content van internet gehaald wordt om de krant te vullen. Dat is een persoonlijke kwalificatie van de zwager en geenszins door AvtroTros als feit gepresenteerd. De in uitzending gedane uitingen grotendeels worden voldoende onderbouwd. De gedane uitingen, die niet geheel lijken te kloppen, zijn niet van wezenlijk belang en vormen niet de kern van de uitzending. Desondanks is de voorzieningenrechter voorshands van oordeel dat de uitzending overall gezien niet onrechtmatig is, nu de relatie met de (ex-)echtgenoot slechts een klein onderdeel betrof en het zwaartepunt van de uitzending lag op de zakelijke handelswijze van [eiser] . In dit kader overweegt de voorzieningenrechter nog dat iemand die zakelijk opereert meer kritiek heeft te dulden dan iemand die als privé-persoon handelt. Gegeven inzicht in het persoonlijk leven was niet nodig, maar maakt uitzending niet onrechtmatig want was niet van wezenlijk belang en vormt niet de kern van de uitzending.

IEF 16827

Vormgeving van concept ecologische modulaire bouwsystemen auteursrechtelijk beschermd

Rechtbank Midden-Nederland 10 mei 2017, IEF 16827; ECLI:NL:RBMNE:2017:2142 (Ecologisch modulair bouwsysteem), http://www.ie-forum.nl/artikelen/vormgeving-van-concept-ecologische-modulaire-bouwsystemen-auteursrechtelijk-beschermd

Rechtbank Midden-Nederland 10 mei 2017, IEF 16827; ECLI:NL:RBMNE:2017:2142 (Ecologisch modulair bouwsysteem) Auteursrecht. [Eiser] heeft met [A] samengewerkt met als doel het realiseren van diverse projecten op het gebied van ecologische modulaire bouwsystemen. De rechtbank stelt voorop dat modulaire bouwsystemen als zodanig en een biologisch afbreekbaar verplaatsbaar modulair bouwsysteem, als concept, niet auteursrechtelijk te beschermen zijn. Alleen de vormgeving van het concept kan auteursrechtelijk worden beschermd, mits deze niet (uitsluitend) technisch en functioneel is bepaald. De ontwerpen zijn niet ontstaan door de creatie van een gezamenlijk werk (ex 26 Aw). Ook artikel 6 Aw mist toepassing Inbreuk moet worden gestaakt. Het gebruik van de handelsnaam op diverse websites en twitter en daarbij de suggestie wekken dat het de voorzetting is, moet ook worden gestaakt. Het doen van onjuiste (schadelijke) uitlating is onrechtmatig. Het gevorderde verbod op het doen van schadelijke dan wel diffamerende uitlatingen wordt toegewezen.