Conservatoir derdenbeslag gedeeltelijk opgeheven in kort geding tussen Stretchtent Pro B.V. en The Nomad Company
Rb Den Haag 31 december 2026, IEF 23300; ECLI:NL:RBDHA:2025:27116 (STRETCHTENT PRO B.V. tegen THE NOMAD COMPANY). De zaak is een kort geding tussen STRETCHTENT PRO B.V. en The Nomad Company. Nomad is groothandel in textielwaren (reis‑ en campingproducten) en houdster van diverse NOMAD‑merken. In een eerdere bodemprocedure tegen Nomadik heeft de rechtbank Den Haag op 3 september 2025 geoordeeld dat Nomadik met gebruik van het teken “Nomadik” inbreuk heeft gemaakt op de NOMAD‑merken, Nomadik verboden verdere inbreuk te maken, haar tot opgave van afzet- en winstgegevens veroordeeld en haar schadeplichtig verklaard jegens Nomad, waarbij de schade nader bij staat moet worden opgemaakt. Op basis van dat bodemvonnis heeft Nomad op 17 december 2025 conservatoir derdenbeslag laten leggen onder ING ten laste van Stretchtent Pro, nadat de voorzieningenrechter de (nog op te maken) schadevordering voorlopig had begroot op circa € 391.261,26. Stretchtent Pro vordert in dit kort geding opheffing van het beslag en voert onder meer aan dat zij zelf geen winst heeft gemaakt met de exploitatie van stretchtenten met het teken “Nomadik”, dat de door Nomad gestelde schade en onderliggende winstcijfers van Nomadik ondeugdelijk zijn onderbouwd, en dat daarom geen voldoende aannemelijk vorderingsrecht van Nomad bestaat dat een beslag van deze omvang rechtvaardigt.