IEF 23282
12 februari 2026
Artikel

Een naburig deepfake-recht. Echt? - Bernt Hugenholtz

 
IEF 23281
12 februari 2026
Uitspraak

Afwijzing IE-vorderingen inzake vouwbare oprijplaten

 
IEF 23278
10 februari 2026
Uitspraak

Onrechtmatige gegevensverstrekking door gemeente zonder schadevergoeding wegens ontbrekend causaal verband

 
IEF 23282

Een naburig deepfake-recht. Echt? - Bernt Hugenholtz

Gister verscheen in het NJB een artikel over deepfakes van Bernt Hugenholtz:

Deepfake porno, politieke manipulatie en misinformatie reclame hebben verstrekkende gevolgen voor privacy, democratie en vertrouwen in media en wetenschap. Najaar 2025 is een initiatiefwetsvoorstel gepresenteerd dat voorziet in de invoering van een naburig recht op deepfakes van personen. Het voorstel kent aan iedere natuurlijke persoon een exclusief en licentieerbaar recht toe op ‘zijn’ of ‘haar’ deepfakes. Daarmee wordt een in wezen privacyrechtelijke aanspraak gegoten in het jasje van het intellectuele eigendomsrecht. Deze benadering roept vragen op. Is aanvullende bescherming tegen deepfakes echt nodig, nu het bestaande recht reeds een uitgebreid arsenaal aan bescherming biedt? Past een dergelijk verhandelbaar recht binnen de systematiek van het Nederlandse en Europese recht? En draagt zo’n nieuw naburig recht bij aan de beteugeling van deep-fakes of normaliseert en commercialiseert het juist het fenomeen dat het zegt te willen reguleren?

Lees hier het hele artikel.

IEF 23281

Afwijzing IE-vorderingen inzake vouwbare oprijplaten

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 29 jan 2026, IEF 23281; ECLI:NL:RBZWB:2025:9811 ([producent A] tegen [producent B]), https://www.ie-forum.nl/artikelen/afwijzing-ie-vorderingen-inzake-vouwbare-oprijplaten

Rb. Zeeland-West-Brabant 29 januari 2025, IEF 23281; ECLI:NL:RBZWB:2025:9811 ([producent A] tegen [producent B]). In het vonnis van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant vorderde producent A onder meer een verklaring voor recht dat producent B inbreuk maakte op haar auteursrechten op vouwbare oprijplaten met scharnierconstructie, zich schuldig maakte aan slaafse nabootsing en misleidende of vergelijkende reclame, alsmede diverse verboden, rectificatie, terughaal- en vernietigingsmaatregelen en schadevergoeding. De rechtbank toetst het beroep op auteursrecht aan art. 1 en 10 Aw, uitgelegd conform de rechtspraak van het HvJ EU (o.a. Cofemel en Brompton): vereist is dat het voortbrengsel een oorspronkelijk werk is dat het resultaat vormt van vrije en creatieve keuzes. De door producent A aangewezen elementen, het profielpatroon, de handgrepen, het scharnier en het (optionele) kantelbare klepprofiel, acht de rechtbank overwegend technisch of functioneel bepaald. Producent A heeft onvoldoende concreet onderbouwd welke creatieve keuzes daarin tot uitdrukking komen. Ook de combinatie van deze elementen levert geen eigen intellectuele schepping op. De oprijplaat mist daarom het vereiste oorspronkelijk karakter en komt niet voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking.

IEF 23278

Onrechtmatige gegevensverstrekking door gemeente zonder schadevergoeding wegens ontbrekend causaal verband

Rechtbank Den Haag 7 jan 2026, IEF 23278; ECLI:NL:RBDHA:2026:424 ([eiser] en [eiseres] tegen GEMEENTE LEIDEN), https://www.ie-forum.nl/artikelen/onrechtmatige-gegevensverstrekking-door-gemeente-zonder-schadevergoeding-wegens-ontbrekend-causaal-verband

Rb Den Haag 7 januari 2026, IEF 23278; ECLI:NL:RBDHA:2026:424 ([eiser] en [eiseres] tegen GEMEENTE LEIDEN). In deze zaak spreekt een particulier een gemeente aan wegens de onrechtmatige verstrekking van zijn persoonsgegevens aan een woningcorporatie in het kader van een woningkoop (koopgarantregeling). De eiser stelt dat deze gegevensverstrekking in strijd is met de AVG en daarmee een onrechtmatige overheidsdaad oplevert. Op grond van artikel 82 AVG vordert hij vergoeding van zowel materiële als immateriële schade. De gemeente voert aan dat de gegevensverstrekking noodzakelijk was binnen het kader van de kooptransactie en berustte op een geldige rechtsgrond, zodat geen sprake zou zijn van een AVG-schending.

IEF 23275

Prejudiciële vragen over databankenrecht en hergebruik van Handelsregistergegevens

Hof Arnhem-Leeuwarden 20 jan 2026, IEF 23275; ECLI:NL:GHARL:2026:313 (Kamer van Koophandel tegen Vereniging voor Zakelijke B2B Informatie), https://www.ie-forum.nl/artikelen/prejudiciele-vragen-over-databankenrecht-en-hergebruik-van-handelsregistergegevens

Hof Arnhem-Leeuwarden 20 januari 2026, IEF 23275; ECLI:NL:GHARL:2026:313 (Kamer van Koophandel tegen Vereniging voor Zakelijke B2B Informatie). In deze zaak speelt een geschil tussen de Kamer van Koophandel (KVK) en de Vereniging Voor Zakelijke Borgen en Informatie (VVZBI) over het databankenrecht op het Handelsregister en de vraag in hoeverre de KVK het hergebruik van Handelsregistergegevens mag beperken of reguleren. De KVK heeft in 2020 nieuwe gebruiksvoorwaarden vastgesteld waarin zij stelt dat op het Handelsregister een sui generis databankenrecht rust en dat voor grootschalig of commercieel hergebruik toestemming van de KVK nodig is. Volgens de KVK zijn deze beperkingen nodig om haar wettelijke taken goed uit te voeren en om belangen als rechtszekerheid, privacybescherming, kostendekking en het profijtbeginsel te waarborgen. VVZBI betwist dat de KVK databankenrecht heeft op het Handelsregister en voert aan dat de vereisten voor databankrechtelijke bescherming niet zijn vervuld. De rechtbank volgt VVZBI hierin en oordeelt dat met name het vereiste investeringsrisico bij de KVK ontbreekt, zodat geen databankenrecht ontstaat.

IEF 23276

Normaal gebruik van het merk ZOOM in de Benelux

BenGH 7 mei 2025, IEF 23276; C 2024/10 (Zoom Video Communications, Inc tegen Kabushiki Kaisha Zoom), https://www.ie-forum.nl/artikelen/normaal-gebruik-van-het-merk-zoom-in-de-benelux

BenGH 7 mei 2025, IEF 23276; IEFbe 4105; C 2024/10 (Zoom Video Communications, Inc. tegen Kabushiki Kaisha Zoom). In deze zaak oordeelt het Benelux-Gerechtshof over een verzoek van Zoom Video Communications, Inc. tot vervallenverklaring wegens niet-gebruik van het oudere Benelux-woordmerk ZOOM, dat toebehoort aan Kabushiki Kaisha Zoom. Het geschil draait om de vraag of het merk in de periode 2016–2021 normaal is gebruikt voor de waren waarvoor het is ingeschreven in de klassen 9 en 15. Het Hof bevestigt het uitgangspunt dat van normaal gebruik sprake is wanneer het merk reëel commercieel wordt gebruikt om afzet te vinden of te behouden, waarbij een globale beoordeling plaatsvindt aan de hand van onder meer aard van de waren, marktkenmerken en omvang en frequentie van het gebruik. Bij ruime warenomschrijvingen moet worden onderzocht of zelfstandige subcategorieën kunnen worden onderscheiden op basis van doel en bestemming; alleen dan kan verval gedeeltelijk worden uitgesproken.

IEF 23277

Terugblik op het Nationaal AI & Data Congres: de AI Act in actie, AI-training op persoonsgegevens, contractvorming in het AI-tijdperk en meer!

Tijdens het Nationaal AI & Data Congres op donderdag 5 februari 2026 hebben juridische experts de laatste ontwikkelingen op het snijvlak van AI en recht belicht. Arnoud Engelfriet (ICTRecht) besprak compliance onder de AI Act, terwijl Laura Poolman (Kennedy van der Laan) zich boog over de juridische kwalificatie van AI-training op persoonsgegevens, mede gezien het Digital Omnibus-pakket van de Europese Commissie. Louis Jonker en Merel Hazes (beiden Van Doorne) gingen in op de uitdagingen van contractvorming bij de inkoop van AI. Het congres is in goede banen geleid door dagvoorzitters Astrid Sixma (Kennedy van der Laan) en Menno Weij (The Data Lawyers). De middag werd geopend met een presentatie van Jolanda ter Maten (ter Maten) over de kansen en risico's van AI. We sloten af met een paneldiscussie tussen juridische sleutelspelers Douwe Groenevelt (Viridea), Wouter Seinen (Pinsent Masons) en Jeroen Zweers (Dutch Legal Tech). 

Voor de geïnteresseerde lezer volgt hieronder op hoofdlijnen een weergave van de inhoudelijke bespreking die plaatsvond tijdens het congres.

IEF 23274

Belangenafweging privacy veroordeelde en persvrijheid bij online zittingsverslag NRC

Rechtbank Amsterdam 17 dec 2025, IEF 23274; ECLI:NL:RBAMS:2025:10200 ([eiser] tegen MEDIAHUIS NRC B.V.), https://www.ie-forum.nl/artikelen/belangenafweging-privacy-veroordeelde-en-persvrijheid-bij-online-zittingsverslag-nrc

Rb Amsterdam 17 december 2025, IEF 23274; ECLI:NL:RBAMS:2025:10200 ([eiser] tegen MEDIAHUIS NRC B.V.). De zaak betreft een zorgverlener die in 2022 is veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf (waarvan een half jaar voorwaardelijk) wegens seksuele uitbuiting van twee 17‑jarige meisjes, over wie NRC een artikel in de rubriek “De Zitting” publiceerde met vermelding van zijn voornaam, leeftijd en beroep. Volgens eiser is de publicatie onrechtmatig op grond van artikel 6:162 BW, omdat NRC zonder noodzaak strafrechtelijke persoonsgegevens verwerkt in strijd met zijn recht op eer en goede naam (artikel 8 EVRM) en in strijd met de AVG en de UAVG, met name omdat de gegevens niet noodzakelijk zouden zijn voor het doel van de publicatie. Eiser vordert dat NRC het artikel aanpast door deze persoonsgegevens te verwijderen, op straffe van een dwangsom, plus 750 euro immateriële schadevergoeding, subsidiair een voorziening waardoor NRC zijn strafrechtelijke persoonsgegevens niet meer verwerkt. NRC beroept zich op vrijheid van meningsuiting en persvrijheid en stelt dat het artikel feitelijk verslag doet van een openbare strafzitting, met bewust weglaten van de achternaam en andere privé‑details.

IEF 23273

Uitspraak ingezonden door Anthony van der Planken, CO & DELARUE

Toepassing Mio/Konektra op auteursrechtelijke bescherming van meubelontwerpen door ondernemingsrechtbank Brussel

Belgische gerechten 29 jan 2026, IEF 23273; A/25/02084 (Gommaire nv tegen verwerende partij), https://www.ie-forum.nl/artikelen/toepassing-mio-konektra-op-auteursrechtelijke-bescherming-van-meubelontwerpen-door-ondernemingsrechtbank-brussel

Ond.Rb Brussel 29 januari 2026, IEF 23273; IEFbe 4104; A/25/02084 (Gommaire nv tegen verwerende partij). De ondernemingsrechtbank Brussel behandelt een geschil tussen interieurmerk Gommaire en een internationale interieurspeler over vermeende kopieën van meubelontwerpen en oneerlijke marktpraktijken. Gommaire ontwerpt en verkoopt sinds 2015 diverse meubels (tafels, stoelen, zetels, bureau, modulaire sofa) en stelt dat meerdere modellen van de tegenpartij daar nagenoeg op aansluiten. Zij vraagt een stakingsbevel, dwangsommen en verregaande informatie over producenten, aantallen en prijzen; de tegenpartij vordert afwijzing én nietigverklaring van bepaalde Benelux‑modellen van Gommaire. De rechtbank maakt in haar beoordeling expliciet gebruik van het Mio/Konektra‑arrest van het Hof van Justitie (C‑580/23 en C‑795/23) van 4 december 2025. Zij benadrukt dat er geen hiërarchie bestaat tussen model‑ en auteursrecht en dat voor toegepaste kunst, zoals meubels, dezelfde originaliteitstoets geldt als voor andere werken: beschermd is de concrete uitdrukking van een eigen intellectuele schepping via vrije en creatieve keuzes die de persoonlijkheid van de maker weerspiegelen. Er is geen verhoogde drempel voor design, waardoor trends en stijlen niet beschermd zijn, maar een specifieke combinatie van vormen, verhoudingen en lijnen binnen zo’n trend wel auteursrechtelijke bescherming genieten. Voor de inbreuktoets neemt de rechtbank afstand van een benadering die louter focust op de totaalindruk. Doorslaggevend is of de creatieve elementen van het beschermde werk op herkenbare wijze zijn gereproduceerd in het betwiste meubel. Algemene stijlverwantschap volstaat niet, terwijl evenmin kan worden volstaan met het aanwijzen van enkele detailverschillen om een inbreuk uit te sluiten.

IEF 23272

Geen verwarringsgevaar tussen WelMedis en médis bij gezondheids- en schoonheidsdiensten

Gerecht EU (voorheen GvEA) 4 feb 2026, IEF 23272; ECLI:EU:T:2026:70 (Médis - Companhia portuguesa de seguros de saúde, S. A. tegen EUIPO en RGCC Holdings AG), https://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-verwarringsgevaar-tussen-welmedis-en-medis-bij-gezondheids-en-schoonheidsdiensten

Gerecht EU 4 februari 2026, IEF 23272; IEFbe 4103; ECLI:EU:T:2026:70 (Médis - Companhia portuguesa de seguros de saúde, S. A. tegen EUIPO en RGCC Holdings AG). Het Gerecht verwerpt het beroep van Médis – Companhia portuguesa de seguros de saúde tegen de beslissing van het EUIPO om de oppositie tegen het Uniemerk WelMedis af te wijzen (zaak T-142/25). De oppositie was gebaseerd op het oudere internationale beeldmerk médis en ingesteld op grond van artikel 8 lid 1 onder b UMVo wegens vermeend verwarringsgevaar. De aangevraagde WelMedis-inschrijving zag op cosmetica en schoonheidsdiensten (klassen 3 en 44), terwijl het oudere merk médis onder meer betrekking had op medische en gezondheidsgerelateerde producten en diensten (klassen 5, 41 en 44). Het EUIPO en de Kamer van Beroep hadden geoordeeld dat, hoewel sommige waren en diensten (beperkt) soortgelijk zijn, de verschillen tussen de tekens zodanig zijn dat geen sprake is van verwarringsgevaar. Het Gerecht bevestigt dit oordeel.

IEF 23268

Kort geding over octrooibeslag en wapperverbod

Rechtbank Den Haag 29 jan 2026, IEF 23268; ECLI:NL:RBDHA:2026:1562 ([eiseressen] tegen Millboard), https://www.ie-forum.nl/artikelen/kort-geding-over-octrooibeslag-en-wapperverbod

Rb. Den Haag 29 januari 2026, IEF 23268; ECLI:NL:RBDHA:2026:1562 ([eiseressen] tegen Millboard). In dit kort geding vorderen de distributeurs van de TimberTouch-vlonderplanken opheffing van een door Millboard gelegd conservatoir beslag, alsmede een verbod voor Millboard om derden aan te schrijven over vermeende octrooi-inbreuk (wapperverbod), een bevel tot opgave van aangeschreven afnemers en rectificatie. Millboard is exclusief licentienemer van Europees octrooi EP 1 951 971 B1 voor een specifieke opbouw van een vlonderplank en stelt dat de TimberTouch-planken inbreuk maken op conclusie 1 van dat octrooi. De eiseressen voeren aan dat het octrooi nietig is wegens toegevoegde materie en gebrek aan nieuwheid en inventiviteit, en dat hun product bovendien buiten de beschermingsomvang valt. Volgens hen is het beslag daarom ondeugdelijk en heeft Millboard onrechtmatig gehandeld door retailers te sommeren.