Handelsnaaminbreuk en procesrechtelijke gevolgen bij uitblijven van verweer
Rb. Den Haag 24 december 2025, IEF 23201; ECLI:NL:RBDHA:2025:25426 (Stichting NVB tegen [gedaagde] en NWC). De rechtbank oordeelt dat [gedaagde] door het oprichten en gebruiken van de handelsnamen van Natuur-Wetenschappelijk Centrum B.V. inbreuk maakt op de oudere handelsnamen van Stichting Natuur- en Vogelwacht Biesbosch (Stichting NVB) in de zin van artikel 5 Handelsnaamwet. Stichting NVB voert al decennialang diverse handelsnamen, waaronder Natuur-Wetenschappelijk Centrum, NWC en aanverwante varianten. [gedaagde] heeft in 2015 een vennootschap opgericht en handelsnamen geregistreerd die identiek dan wel nagenoeg identiek zijn aan die van Stichting NVB, terwijl beide partijen zich richten op vergelijkbare activiteiten op het gebied van natuurbeheer en advisering. Hierdoor is volgens de rechtbank sprake van verwarringsgevaar bij het relevante publiek, zodat het gebruik van deze handelsnamen door [gedaagde] onrechtmatig is.