Gerecht bevestigt afwijzing van oppositie tegen het Uniemerk EMOTORS
Gerecht EU 18 maart 2026, IEF 23385; IEFbe 4149; ECLI:EU:T:2026:196 (e-motors tegen EUIPO en Nidec PSA Emotors). In deze zaak vorderde e-motors vernietiging van de beslissing van de kamer van beroep van het EUIPO, waarbij haar oppositie tegen de inschrijving van het figuratieve Uniemerk EMOTORS van Nidec PSA Emotors was afgewezen. Die oppositie was gebaseerd op een ouder figuratief Uniemerk e-motors en een ouder Frans woordmerk emotors, en berustte op artikel 8 lid 1 onder b UMVo. De kamer van beroep had eerst geoordeeld dat het normale gebruik van de oudere merken voor de betrokken diensten voldoende was aangetoond, maar vervolgens geoordeeld dat geen sprake was van verwarringsgevaar. Het Gerecht bevestigt dat oordeel. Het relevante publiek bestaat uit zowel het algemene publiek als professionals, met een hoog aandachtsniveau, en de betrokken producten van het aangevraagde merk zijn hoogstens middelmatig soortgelijk aan de diensten waarvoor de oudere merken bescherming genieten. Het Gerecht volgt ook het oordeel dat het gemeenschappelijke woordelement “emotors” in de context van de betrokken producten en diensten slechts een zwak intrinsiek onderscheidend vermogen heeft, omdat het relevante publiek dit zal begrijpen als een verwijzing naar elektrische motoren.