Handelsnaamrecht

IEF 18527

Het Zorg Domein maakt inbreuk op handelsnaam ZorgDomein

Rechtbank Midden-Nederland 12 jun 2019, IEF 18527; ECLI:NL:RBMNE:2019:2684 (ZorgDomein tegen Het Zorg Domein), http://www.ie-forum.nl/artikelen/het-zorg-domein-maakt-inbreuk-op-handelsnaam-zorgdomein

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 12 juni 2019, IEF 18527; ECLI:NL:RBMNE:2019:2684 (ZorgDomein tegen Het Zorg Domein) Inbreuk. Merkenrecht. Domeinnaam. Handelsnaamrecht. ZorgDomein biedt een online platform aan in de zorg, waarmee zorgverleners patiënten kunnen verwijzen naar andere zorgverleners en gebruikt ZorgDomein als handelsnaam. Het Zorg Domein adviseert organisaties in de ouderen- en gehandicaptenzorg over organisatieveranderingen en gebruikt als handelsnaam Het Zorg Domein. Het is waarschijnlijk dat een bodemrechter het merk van ZorgDomein nietig zal verklaren op grond van art. 2.2bis lid 1 sub c BVIE, omdat het merk uitsluitend bestaat uit benamingen die de kenmerken van de diensten van ZorgDomein kunnen aanduiden. De vorderingen van ZorgDomein worden wel toegewezen voor zover deze zijn gebaseerd op art. 5 Hnw, omdat Het Zorg Domein inbreuk maakt op de handelsnaam van ZorgDomein. Omdat de domeinnaam hetzorgdomein.nl de handelsnaam van Het Zorg Domein bevat, mag zij deze domeinnaam ook niet meer gebruiken. Het Zorg Domein is geen houder van deze domeinnaam maar wordt veroordeeld om het bedrijf The Media House op te dragen deze domeinnaam door te halen of over te dragen aan ZorgDomein.

IEF 18499

Resumedia mag beschrijvende handelsnaam blijven gebruiken

Gerechtshoven 26 mrt 2019, IEF 18499; ECLI:NL:GHAMS:2019:1046 (CVmaker tegen Resumedia), http://www.ie-forum.nl/artikelen/resumedia-mag-beschrijvende-handelsnaam-blijven-gebruiken

Vrz Hof Amsterdam 29 maart 2019, IEF18499; ECLI:NL:GHAMS:2019:1046 (CVmaker tegen Resumedia) Handelsnaamrecht. Bedrijfsgeheimen. Ontwikkelaars website om solliciteren makkelijker te maken (waaronder het opstellen, bewerken en beheren van een curriculum vitae) waren voorheen werkzaam als programmeurs voor exploitant van website met eenzelfde aanbod van diensten; overtreden geheimhoudingsbeding waarin non-concurrentiebeding ligt besloten; onrechtmatig handelen; geen handelsnaaminbreuk, nu het hof aannemelijk acht dat het publiek het identieke bestanddeel ‘CV’ in de beide handelsnamen zal opvatten als een verwijzing naar de activiteiten van deze ondernemingen; vordering opgave klantgegevens etc. te verstrekkend voor toewijzing in kort geding.

IEF 18497

Handelsnaam Eco Board Company in strijd met ECOBoard International en leidt tot verwarring

Rechtbank Gelderland 21 mei 2019, IEF 18497; ECLI:NL:RBGEL:2019:2216 (ECOBoard International tegen Eco Board Company), http://www.ie-forum.nl/artikelen/handelsnaam-eco-board-company-in-strijd-met-ecoboard-international-en-leidt-tot-verwarring

Rechtbank Gelderland 21 mei 2019, IEF 18497; ECLI:NL:RBGEL:2019:2216 (ECOBoard International tegen Eco Board Company) Handelsnaamrecht. Aangevallen handelsnaam in strijd met artikel 5 Handelsnaamwet. ECOBoard International houdt zich bezig met internationale verkoop van ecologische vezelplaten (‘biobased plaatmateriaal’). Zij maakt gebruik van de websites www.ecoboardinternational.com en www.eco-boards.eu. Ter aanduiding van het plaatmateriaal gebruikt ECOBoard International de termen eco-boards of ecoboard. Eco Board Company richt zich ook op (onder meer) de internationale verkoop van biobased plaatmateriaal. Zij beheert de website www.ecoboardcompany.com. ECOBoard International verzoekt Eco Board Company om de handelsnamen en de domeinnaam www.ecoboardinternational.com te wijzigen zodat daarin in elk geval de woorden "ECOBoard” en “Eco Board” niet voorkomen. Eco Board Company slaagt er niet in aan te tonen dat de handelsnaam afwijkt van die van ECOBoard International en verwarring bij het publiek tussen de ondernemingen te duchten is.

IEF 18445

Naam redlights is niet zuiver beschrijvend

Rechtbanken 7 mei 2019, IEF 18445; ECLI:NL:RBAMS:2019:5471 (Link Media tegen Siteways), http://www.ie-forum.nl/artikelen/naam-redlights-is-niet-zuiver-beschrijvend

Vrz. Rechtbank Amsterdam 7 mei 2019, IEF 18445, IT 2774, IEFbe 2879; ECLI:NL:RBAMS:2019:5471 (Link Media tegen Siteways) Handelsnaamrecht. Eiser Link Media exploiteert sinds 2009 een online advertentieplatform voor betaalde seks onder de domeinnaam redlights.be. In juni 2015 is Link Media BVBA ten behoeve van de Nederlandse markt eenzelfde soort platform begonnen met de domeinnaam redlights.nl. Op 29 juli 2016 is Siteways opgericht, zij houdt zich eveneens bezig met het beheren en exploiteren van advertentieplatforms voor betaalde seks, onder meer onder de naam redlight.nl. Link Media vordert het gebruik van het teken redlight en redlights te staken en gestaakt te houden. Siteways heeft aangevoerd dat enkel verwarringsgevaar te weinig is om gebruik van de naam redlight te verbieden omdat de naam alleen beschrijvend van aard zou zijn. De benamingen zijn niet zuiver beschrijvend voor een advertentieplatform op dit gebied. Ook op deze beperktere beschermingsomvang wordt een inbreuk gemaakt. Siteways zal het gebruik van de naam moeten staken.

IEF 18395

'DC Tax' aan begin van handelsnamen zorgt voor verwarringsgevaar

Antilliaanse Gerechten 20 mrt 2019, IEF 18395; ECLI:NL:OGEAA:2019:184 (Grevad tegen DC Tax), http://www.ie-forum.nl/artikelen/dc-tax-aan-begin-van-handelsnamen-zorgt-voor-verwarringsgevaar

Ktr. Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba 20 maart 2019 ECLI:NL:OGEAA:2019:184 (Grevad tegen DC Tax) Inbreuk handelsnaamrecht. Eiseres voert in Aruba sinds 2012 een belastingadviespraktijk, DC Tax Solutions, met een klantenkring in het Caribisch gedeelte van het koninkrijk. Gedaagden voeren in Curaçao een belastingadviespraktijk en bieden hun diensten aan in dezelfde regio als eiseres. Met ingang van 1 januari 2019 hebben gedaagden hun handelsnamen gewijzigd naar onder meer DC Tax & Legal en DC Tax & Legal Dutch Caribbean B.V.  Bescherming van de handelsnaam is gebaseerd op artikel 6:162 BW. Er bestaat gevaar van verwarring tussen de ondernemingen, en gevaar dat het relevante publiek in de waan wordt gebracht dat de ondernemingen aan elkaar zijn gelieerd. Het woord dat volgt na ‘DC Tax’, te weten ‘Solutions’ (in de handelsnaam van eiseres) en ‘Legal’ (in de handelsnaam van gedaagden) zijn onvoldoende kenmerkend om de ondernemingen te kunnen onderscheiden. Ieder gebruik in het Caribisch gedeelte van het Koninkrijk van de handelsnamen dient te worden gestaakt en gestaakt te houden op de sociale media sites LinkedIn, Facebook en andere soortgelijke sociale media platforms.

IEF 18392

Geen verwarringsgevaar ondanks identieke namen Sea You restaurant en hotel

Rechtbanken 10 apr 2019, IEF 18392; (Sea You tegen Hotel de Ossewa), http://www.ie-forum.nl/artikelen/geen-verwarringsgevaar-ondanks-identieke-namen-sea-you-restaurant-en-hotel

Vrz. Rechtbank Den Haag 10 april 2019, IEF 18392 (Sea You tegen Hotel de Ossewa) Merkenrecht. Handelsnaamrecht. Eiseres, Sea You, is op 1 januari 2015 opgericht en runt een restaurant aan de kust in Velsen-Noord. Voor 1 januari 2015 was de exploitatie van dit restaurant ondergebracht in Sea You B.V. In de exploitatie van het restaurant Sea You komt deze term herhaaldelijk voor. Tot 21 september was de voorganger van eiser houder van het woordmerk Sea You. De registratie is vervallen omdat deze niet tijdig is verlengd. Gedaagden zijn eigenaar van een hotel aan de kust in Noordwijk. Dit hotel is sinds het in eigendom overgaan op gedaagden in april 2015 de handelsnaam ‘Sea You Hotel Noordwijk’ gaan voeren. Eiseres vordert stelt dat dit een inbreuk is op haar merkrecht. De handelsnaam is niet beschrijvend van aard. De handelsnaam heeft dus onderscheidend vermogen. Er is geen verwarringsgevaar nu de ondernemingen op verschillende locaties verschillende diensten aanbieden. Er is geen sprake van een merkdepot te kwader trouw, nu enkel het weten van het bestaan van een eerder merk hier onvoldoende grond voor is. Verder is er ook geen sprake van onrechtmatig handelen. Eiseres moet als in het ongelijk gestelde partij de proceskosten vergoeden, haar vorderingen worden afgewezen.

IEF 18319

Marketingbedrijf moet alle banden met advocatenkantoor doorsnijden

Rechtbanken 13 mrt 2019, IEF 18319; ECLI:NL:RBAMS:2019:1852 (Maatschap tegen LS en OmniLegal), http://www.ie-forum.nl/artikelen/marketingbedrijf-moet-alle-banden-met-advocatenkantoor-doorsnijden

Vzr. Rechtbank Amsterdam 13 maart 2019, IEF 18319; ECLI:NL:RBAMS:2019:1852 (Maatschap tegen LS en OmniLegal) Eiseressen, advocaten verenigd in een maatschap, sloten een overeenkomst met verweerder LS Advocaten Strafrecht B.V. Een marketingbedrijf dat een website exploiteert. Potentiële klanten worden via die website verwezen naar bij LS aangesloten advocatenkantoren, die daarvoor een vergoeding betalen. Nadat de overeenkomst is geëindigd komen, bezoekers bij het invoeren van zoektermen op internet nog steeds uit bij LS . Ook wordt de maatschap met LS geassocieerd, geruime tijd nadat de maatschap ondubbelzinnig aan LS Advocaten Strafrecht B.V. had meegedeeld daarvan niet gediend te zijn. De rechter oordeelt dat LS op onrechtmatige wijze en in strijd met artikel 5 van de Handelsnaamwet gebruik maakt van de (handels)namen van de eiseressen. Voldoende aannemelijk is geworden dat daardoor verwarring is te duchten bij het publiek. Het marketingbedrijf moet alle banden met het eerder deelnemende advocatenkantoor doorsnijden.

IEF 18309

Indien gedaagde openheid van zaken had gegeven, dan zou dit kort geding niet zijn gestart

Rechtbanken 5 feb 2019, IEF 18309; ECLI:NL:RBMNE:2019:711 (IE rechten scooterzaak), http://www.ie-forum.nl/artikelen/indien-gedaagde-openheid-van-zaken-had-gegeven-dan-zou-dit-kort-geding-niet-zijn-gestart

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 5 februari 2019, IEF 18309; ECLI:NL:RBMNE:2019:711 (IE-rechten scooterzaak) Proceskostenveroordeling. Handelsnaamrecht na samenwerking. Eiser handelt in en voert onderhoud uit aan brommers, scooters en fietsen. Hiertoe gebruikt zij een handelsnaam en een logo. Gedaagde is bestuurder en enig aandeelhouder van twee bedrijven, die zich toeleggen op activiteiten op het gebied van logistiek. Eiser en gedaagde hebben gesproken over een samenwerking. Na de beëindiging van de samenwerking bleef de website onder de domeinnaam actief, zonder de betrokkenheid van eisers. Op de website wordt het logo gebruikt, staat het e-mailadres, er staat een filmpje op een Facebookpagina en een advertentie in een plaatselijke krant. Gedaagde heeft echter aangegeven dat dit filmpje niet meer op Facebook staat en bovendien dat zij niet verantwoordelijk is voor de inhoud van de Facebookpagina. Gedaagde heeft in een brief onjuiste informatie gegeven over haar hoedanigheid in relatie en de domeinnamen. Indien gedaagde openheid van zaken had gegeven en juist had geïnformeerd, dan zou dit kort geding niet zijn gestart. Partijen dragen ieder eigen kosten.