Definitiv und ohne Einschränkung?
Gerechtshof ’s-Hertogenbosch, 28 september 2010, zaaknr. 200.003.254, Hinrichs GmbH & & Siladent /B&S tegen Siladent Nederland B.V. en A. (met dank aan Josine van den Berg, Klos Morel Vos & Schaap)
Merkenrecht. Handelsnaamrecht. Tandheelkundige preparaten. Stukgelopen samenwerking. Tussenarrest. Duitse merkhouder stelt dat de voormalige Nederlandse distributeur inbreuk maakt op het merk Siladent door voortgezet gebruik van merk en handelsnaam.
Voldoende onderscheidend vermogen woordmerk ‘Siladent’. Gebruik ‘Siladent’ door eiser op producten naast een andere productnaam is gebruik ter onderscheiding en als herkomstaanduiding. Merkinbreuk aangenomen, ook door gebruik van handelsnamen waarin element ‘Siladent’ voorkomt. Vorderingen tegen gedaagde sub 3, de directeur van gedaagden sub 1 en 2, eveneens toewijsbaar: “onvoldoende betwist dat de grote kans bestaat dat hij weer een ander bedrijf opricht met een naam waarin ook het element ‘Siladent voorkomt.”
Eiser sub 2, kan zijn licentie niet aan gedaagden tegenwerpen, nu de licentie niet is ingeschreven en “dat Siladent /B&S die vorderingen zou instellen krachtens volmacht van de merkgerechtigde ligt niet voor de hand, nu deze zelf [als eiser sub 1-IEF] in rechte optreedt.” Geen gebruik van de handelsnaam Siladent door eisers: “Handelsnaamgebruik door Siladent Nederland, hoezeer ook geschiedt met instemming van Siladent Duitsland, wordt niet als handelsnaamgebruik hier te lande aan Siladent Duitsland toegerekend.” Overdracht domeinnaam op grond van 6:103 BW. Geen rechtsverwerking na beëindiging samenwerking: “Het is heel goed voorstelbaar dat HSBS geen goede gronden zag om op te treden, zolang Siladent Nederland uitsluitend producten die zij van Siladent Duitsland betrok onder de naam “Siladent” op de markt bracht”
Gedaagden stellen op grond van nadere schriftelijke afspraken met eisers, en dus met geldige reden, voor onbepaalde tijd gebruik te kunnen mogen maken van het merk. De echtheid van deze documenten wordt echter betwist en het hof stelt gedaagde in de gelegenheid de authenticiteit te bewijzen en houdt de zaak aan.
Lees het arrest hier.
Het BBIE gaat Wet Merken BES op 10.10.2010 uitvoeren. Het BBIE zal namens en in opdracht van de Rijksdienst Caribisch Nederland de nieuwe
HvJ EU, 7 oktober 2010, conclusie A-G Cruz Villalón in de zaak C-235/09, DHL Express France SAS tegen Chronopost (prejudiciële vragen Cour de Cassation (Frankrijk)
Ferry van Looijengoed,
Gerechtshof ’s-Gravenhage, 21 augustus 2010, LJN: BN7897, Europe Fruit Trade B.V. tegen Plant Research International B.V.
Gerechtshof ’s-Gravenhage, 28 september 2010, zaaknr. 105.003.741/01, Prodalimento tegen Khalaf Stores en 105.003.742/01, Betinjaneh tegen Khalaf Stores / Koninkrijk Jordanië (met dank aan Pim Jansen en Gertjan Kuipers,
Gerechtshof ’s-Gravenhage, 5 oktober 2010, zaaknr. 105.006.685/01, Stokke AS c.s. tegen Fikszo B.V. c.s. (met gelijktijdige dank aan Tobias Cohen Jehoram, Henriëtte van Helden en Simone Kooij,
Reinier Wijnstra,