Procesrechtelijke aspecten GvEA
Arrest GvEA, 27 september 2005, zaak T-123/04. Cargo Partner tegen OHIM. Cargo Partner AG vangt bot bij haar aanvraag van het gemeenschapsmerk CARGO PARTNER voor de onder 39 vallende diensten transport, verpakking en opslag van goederen. Ook de eerste kamer van beroep van het Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (BHIM) oordeelt dat het teken CARGO PARTNER geen onderscheidend vermogen bezit met betrekking tot de opgegeven diensten.
Cargo Partner AG is strijdlustig en vraagt onder meer het Gerecht van Eerste Aanleg (GvEA) de bestreden beslissing te herzien in die zin dat inschrijving van het aangevraagde teken wordt aanvaard. De uiteindelijke beslissing van het GvEA is niet verrassend. Zij verwerpt het beroep. Wel verrassend is het procesrechtelijk getint verweer van het OHIM. Het OHIM heeft drie excepties van niet-ontvankelijkheid opgeworpen.
I) Het OHIM is van mening dat het beroep niet ontvankelijk is, omdat Cargo Partner AG niet vertegenwoordigd zou zijn door een advocaat die bevoegd is proceshandelingen voor het Gerecht te verrichten. Het GvEA oordeelt dat uit de processtukken blijkt dat de naam Michael Wolner voorkomt op de lijst van vennoten van Gassauer-Fleissner Rechtsanwalte en dat hij als advocaat is ingeschreven bij de balie van Wenen. Na controle door het GvEA of de handtekening op de ingediende stukken afkomstig was van Michael Wolner verwerpt zij deze exceptie.
II) Volgens het OHIM heeft Cargo Partner AG onvoldoende haar stellingen onderbouwd met feitelijke of juridische argumenten. Ook deze exceptie faalt. Hoewel het GvEA in haar arrest bevestigt dat de uiteenzetting beknopt is, acht zij zich in staat uit te maken op welke feitelijke en juridische argumenten het beroep is gebaseerd. Ook geldt dat "wanneer een verzoeker de uitlegging of de toepassing van het gemeenschapsrecht door het OHIM betwist, kunnen de door het OHIM onderzochte rechtspunten in een beroepsprocedure voor het Gerecht opnieuw worden behandeld."
III) De laatste exceptie lijkt flauw maar begrijpelijk gelet op exceptie I. Cargo Partner AG vraagt het GvEA tot herziening van de bestreden beslissing en tot inschrijving van het teken CARGO PARTNER. Volgens het OHIM is verzoekster niet-ontvankelijk, omdat het GvEA niet bevoegd is om een aangevraagd merk in te schrijven. Het GvEA verwerpt ook deze exceptie. "Gelet op de inhoud van de argumenten die verzoekster ter ondersteuning van haar conclusies aanvoert, strekken deze in casu in feite tot vernietiging van de bestreden beslissing."
Lees arrest hier.
Handelingen 2004-2005, 2e Kamer nr. 106, pag. 6390-6393. Behandeling van het wetsvoorstel Aanpassing van de Auteurswet 1912 ter implementatie van de richtlijn betreffende het volgrecht ten behoeve van de auteur van een oorspronkelijk kunstwerk.
Sommige zaken leveren ook nog wat voor de rechters op. In Havana is namelijk de strijd losgebarsten om de vraag wie de rechten heeft van de hits van de Buena Vista Social Club. De zaak begon in Londen, maar toen de Engelse rechter in Cubaanse getuigen wilde horen gooide een defecte satellietverbinding roet in het eten. Daarop trok rechter Lindsay naar Havana. In deze Cubaanse dependance van het Engelse Hooggerechtshof dragen rechter en advocaten geen dikke gewaden en pruiken, gelet op de tropische omstandigheden.
Twee weken vergaderen over (W)IP(O) en hoe het allemaal verder moet: The meetings of the Assemblies of the World Intellectual Property Organization (WIPO), which bring together WIPO’s 182 member states, opened on Monday. The meetings, which run from September 26 to October 5, 2005, will take stock of progress in the organization’s work and discuss future policy directions. Lees
Rechtbank 's-Gravenhage 26 september 2005, KG 05/1021, Quint Fun Racers - United Bicycles. Voor wie binnenkort voor mr. Du Pon mag pleiten: lees je stukken nog eens goed door.
Hoge Raad, 23 september 2005, LJN: AU3140, 38810. Belastingzaak. Zaak betreft, heel kort gezegd, de bewijslast met betrekking tot de intellectuele eigendom en de daarmee samenhangende litigieuze royalty's. Heeft inhoudelijk niets met enig IE-recht te maken, maar wellicht interessant voor liefhebbers van belastingen, royalty's procesrecht e.d. Aardig voor iedereen is dat de rechter nu eens letterlijk bepaalt dat de term octrooirecht 'Nederlandsrechtelijk' correcter is dan de term 'patentrecht'. Lees arrest