Bewijs dat consumptieaardappel als pootgoed is verkocht
Rechtbank Den Haag, kamer voor het kwekersrecht, 3 juni 2015, IEF 14987 (Breeders Trust tegen Westhoeve)
Uitspraak ingezonden door Paul Mazel, Trip. Kwekersrecht. C. Meijer BV is pootaardappelkwekersrechthebbende op het ras 'Melody'. BT behartigt haar belangen. Westhoeve heeft geen pootgoed maar consumptieaardappelen verkocht, zo wordt gesteld. De verklaring dat pootaardappelen door Westhoeve c.s. zijn verkocht en geleverd, wordt ondersteund door de inhoud van creditfacturen. Niet valt in te zien waarom een prijs van pootaardappelen zou worden gehanteerd als consumptieaardappelen zouden zijn verkocht en geleverd. Ook het feit dat de Melody-aardappelen aan het begin van het pootseizoen aan aardappeltelers zijn geleverd en in dat pootseizoen daadwerkelijk door die telers zijn gepoot, wijst erop dat Westhoeve c.s. pootaardappelen en geen consumptieaardappelen heeft verkocht en geleverd.
4.4. Nu een zorgplicht van een handelaar bij verkoop van consumptieaardappelen geen basis vindt in de GKVo, is de rechtbank van oordeel dat in het onderhavige geschil de vraag of Westhoeve c.s. in 2010 en 2011 pootaardappelen of consumptieaardappelen aan de aardappeltelers heeft verkocht cruciaal is voor een beslissing op de gevorderde verklaring voor recht.
4.6. Hoewel elke aardappel gepoot kan worden en zo volledig nieuwe aardappelen kan voortbrengen, zijn consumptieaardappelen bestemd om te worden geconsumeerd en daarom aan te merken als oogstmateriaal, voor de verkoop waarvan slechts toestemming van de houder van het kwekersrecht is vereist indien dit werd verkregen door het ongeoorloofde gebruik van componenten van het beschermde ras, tenzij de houder een redelijke mogelijkheid heeft gehad om zijn recht met betrekking tot genoemde componenten uit te oefenen. BT heeft niet gesteld dat Westhoeve c.s. de Melody-aardappelen heeft verkregen door het ongeoorloofde gebruik van het beschermde ras. Nu enkel onder die voorwaarde voor de verkoop van oogstmateriaal toestemming van de houder van het communautaire kwekersrecht is vereist, heeft Westhoeve c.s. geen inbreuk gemaakt op het kwekersrecht van Meijer indien zij inderdaad, zoals zij stelt, consumptieaardappelen aan de aardappeltelers heeft verkocht.
4.9. De verklaring van Mastenbroek dat pootaardappelen, oftewel componenten, door Westhoeve c.s. zijn verkocht en geleverd, wordt ondersteund door de inhoud van de creditfacturen (2.10). Uit de creditfacturen volgt namelijk, zoals door Westhoeve c.s. ook is erkend, dat de Melody-aardappeten aanvankelijk aan de aardappeltelers zijn verkocht voor een bedrag van € 47,- per 100 kilogram. Namens Westhoeve c.s. is bij de comparitie van partijen verklaard dat het bedrag van € 47,- de prijs is van pootaardappelen van het ras Accent, welk ras kwalitatief en prjstechnisch inwissetbaar is met het ras Melody.4.10. Niet valt in te zien waarom een prijs van pootaardappelen zou worden gehanteerd als consumptieaardappelen zouden zijn verkocht en geleverd. Namens Westhoeve c.s. is weliswaar verklaard dat met een prijs van pootaardappelen is gerekend, omdat de consumptieprjzen nog niet bekend waren, maar daar is door BI tegenin gebracht dat als in april 2011 consumptieaardappelen aan de aardappeltelers zouden zijn verkocht, die afkomstig zouden zijn van de oogst van het najaar van 2010 en dat vijf maanden na de oogst wel bekend is wat (ongeveer) de consumptieprjs van een aardappel is.
4.11. Ook het feit dat de Melody-aardappelen aan het begin van het pootseizoen aan aardappeltelers zijn geleverd en in dat pootseizoen daadwerkelijk door die telers zijn gepoot, wijst erop dat Westhoeve c.s. pootaardappelen en geen consumptieaardappelen heeft verkocht en geleverd. Dat de afzetperiode voor consumptieaardappelen van het ras Melody oktober tot en met mei is en dat Grinwis via een eindgebruikerskraam op zijn eigen bedrijf verkoopt en Luime rechtstreeks aardappelen levert aan een lokale supermarkt, zoats Westhoeve c.s. naar voren heeft gebracht, biedt daartegen onvoldoende gewicht omdat daarmee nog geen verklaring is gegeven voor levering juist in april, welk tijdstip samenvalt met het begin van het pootseizoen, in alle drie de gevallen (Grinwis, Mastenbroek én Luime).
Kwekersrecht. Bewijs. Zie Conclusie AG
Kwekersrecht. Aanvang en einde van deze termijn waarin moet worden betaald om in aanmerking te komen voor het landbouwersvoorrecht. Conclusie AG: De artikelen 14 en 94 van verordening (EG) nr. 2100/94 van de Raad van 27 juli 1994 inzake het communautaire kwekersrecht, (...) moeten aldus worden uitgelegd dat een landbouwer zonder toestemming van de houder van een kwekersrecht op een beschermd ras gebruik mag maken van het oogstproduct dat hij door aanplanting op zijn eigen bedrijf van het vermeerderingsmateriaal van dat beschermd ras heeft verkregen, mits hij hem een billijke vergoeding in de zin van dat artikel 14 betaalt binnen een termijn die aanvangt op de datum waarop de landbouwer het oogstproduct daadwerkelijk heeft aangeplant, en afloopt op het einde van het verkoopseizoen waarin dat gebruik plaatsvond.
Uitspraak ingezonden door Paul Mazel,
Kwekersrecht. Kwekersrecht. Obtentions végétales. Verzoeker Jorn Hansson kweekt een soort Spaanse margrieten en heeft hiervoor in 1999 kwekersrecht verworven. Hij verkoopt zijn planten onder de naam ‘Lemon Symphony’. Hij vordert van verweerster Jungpflanzen Grünewald schadevergoeding wegens inbreuk op zijn kwekersrecht (jaren 2002 – 2009) omdat verweerster in die periode Spaanse margrieten onder de naam ‘Summerdaisy’s Alexander’ teelt en verhandelt. In 2003 vraagt hij het Landgericht Düsseldorf in kort geding om verweerster te verbieden dit ras te verhandelen, maar zijn verzoek wordt in twee instanties afgewezen. In de bodemprocedure heeft hij wel succes: verweerster wordt veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding.
Uitspraak en samenvatting ingezonden door Ben Hermans, Frederik Ringoot en Nicole Segers,
Kwekersrecht. Octrooirecht. Uit het persbericht: A new business association, the International Licensing Platform (ILP), launches today to improve global access to and use of plant breeding traits for vegetables. There has been increasing discussion about patents on plant breeding traits over the past years, especially in Europe. Proponents of such patents claim that they foster innovation, knowledge-sharing and continued investments in research and development.