IEF 18148

Vorderingen afgewezen, depot te kwader trouw ouder merk Ribatutta Ensemble

Vzr. Rechtbank Midden-Nederland 27 november 2018, IEF 18148 (Ribattuta) Handelsnaamrecht. Merkenrecht. Auteursrecht. Oneerlijke handelspraktijken. Eiser stelt o.a. dat er inbreuk is gepleegd op het Benelux woordmerk "Ribatutta ensemble", die 8 juni 2018 geregistreerd is. Drie dagen later heeft gedaagde hiernaast afgebeelde Benelux beeldmerk geregistreerd. Merkenrechtelijk beschouwd geldt dat eiser een ouder merkrecht heeft en dat hij dit eerdere recht ook tegenover gedaagde kan inroepen. Een beroep op art. 2.20 lid 1 onder a BVIE slaagt niet omdat het woordmerk niet gelijk is aan de gebruikte tekens door gedaagde. Een beroep op art. 2.20 lid 1 onder b BVIE slaagt niet omdat gedaagde de benaming Ribatutta Musica al sinds 2016 te goeder trouw gebruikt en dat het merkdepot door eiser van het woordmerk moet worden aangemerkt als een depot te kwader trouw. Vorderingen afgewezen.

2.12. Eiser doet allereerst een beroep op bescherming op grond van het bepaalde in artikel 2.20 lid 1 onder a BVIE. Dit artikel heeft de houder (eiser) een uitsluitend recht en deze houder kan het gebruik van een teken door een derde (in dit geval gedaagde) verbieden wanneer dat teken gelijk is aan het merk en in het economisch verkeer gebruikt wordt voor dezelfde waren of diensten als die waarvoor het merk is ingeschreven. Feit is dat het hiervoor genoemde woordmerk Ribatutta ensemble niet gelijk is aan de door gedaagde gebruikte tekens. Het beroep van eiser op artikel 2.20 lid 1 onder a BVIE kan dan ook eenvoudigweg niet slagen. 

2.13 Eiser doet ook een beroep op bescherming op grond van het bepaalde in artikel 2.20 lid 1 onder b BVIE. Ook dit artikel heeft eiser een uitsluitend recht. Eiser kan namelijk het gebruik van een teken door een derde (gedaagde) verbieden wanneer dat teken gelijk is aan of overeenstemt met het merk en in het economisch verkeer gebruikt wordt voor dezelfde of soortgelijke waren of diensten. Voorwaarde is wel dat daardoor bij het publiek verwarring kan ontstaan, inhoudende het gevaar van associatie met het merk. Zelfs als wordt aangenomen dat de tekens die gedaagde gebruikt, overeenstemmen met het woordmerk van eiser en dat die tekens voor dezelfde dan wel soortgelijke waren en diensten worden gebruikt en er ook nog gevaar voor verwarring kan ontstaan, slaagtt het beroep van eiser op dit artikel niet. De reden daarvoor, zoals hierna verder zal worden toegelicht, is het door gedaagde gevoerde verweer dat hij de benaming Ribattuta Musica al sinds 2016 te goeder trouw gebruikt (beroep op voorgebruik) en dat het merkdepot door eiser van het woordmerk 'Ribatutta ensemble' moet worden aangemerkt als een depot te kwader trouw (art. 2.4 aanhef en onder f aanhef en onder 1 BVIE).