IEF 18616

Ook in hoger beroep uitputting auteursrecht persoonlijke schenking foto's

Gerechtshof Amsterdam 30 juli 2019, IEF 18616 (Uitputting auteursrecht foto’s) Auteursrecht. Vervolg op eerste aanleg [IEF 16851]. Eiser is fotograaf en heeft foto's in tweevoud laten afdrukken door X. De eerste set was voor een tentoonstelling, de tweede is verkocht aan X. X heeft de foto's vervolgens verkocht aan gedaagde. Eiser stelt dat er geen sprake was van uitputting, maar van verbreiding en vordert voor recht te verklaren dat hij zijn auteursrecht op de foto's rechtmatig uitoefent door deze foto's als zijn eigendom op te eisen bij gedaagde. De rechtbank oordeelde dat met die enkele eigendomsovergang sprake is van in het verkeer brengen als bedoeld in artikel 12b van de Aw en daarmee sprake is van uitputting. De overdracht van de afdrukken aan X is geschied op het moment dat de eerste openbaarmaking al had plaatsgevonden. Van verbreiding kan dan geen sprake meer zijn. Het hof sluit zich bij het oordeel van de rechtbank aan.

 

3.5. Met de rechtbank beantwoordt het hof deze vraag in positieve zin. Uitgangspunt is dat de eigendomsoverdracht door een auteur of met diens toestemming van de belichaming van diens werk in een stoffelijk exemplaar is aan te merken als in het verkeer brengen daarvan en tot uitputting van het distributierecht leidt wat dat specifieke stoffelijke exemplaar betreft. Dit is in beginsel niet anders als het wérk niet is verkocht maar geschonken en/of is voorzien van een persoonlijke opdracht aan degene aan wie het werk wordt overgedragen. Ook dan is voldaan aan de voorwaarden die artikel 12 b Auteurswet (in navolging van artikel 4 lid 2 Auteursrichtlijn) stelt voor uitputting van het distributierecht betreffende het specifieke stoffelijke exemplaar. Anders dan [ ] stellen doet daarbij niet ter zake dat het hier een overdracht in beslotenheid betrof, waarbij geen publiek aanwezig was en waaraan geen ruchtbaarheid gegeven is. Het betrof hier een overdracht aan X, die ten behoeve van [ ] een (professionele) dienst had geleverd.[…] Het hof wijst er in dit verband voorts op dat het niet aannemen van uitputting in gevallen waar de titel voor de eigendomsoverdracht niet louter commercieel van aard is tot onduidelijkheid en een gebrek aan rechtszekerheid leidt wat betreft de juridische status van het desbetreffende stoffelijk voorwerp die niet valt te billijken vanuit het perspectief van auteursrechtelijke bescherming.

3.6. Het hof sluit zich aan bij de overweging van de rechtbank inhoudende dat in de gegeven omstandigheden niet kan worden aangenomen dat slechts sprake was van verbreiding van het werk van [ ]. Dat zou impliceren dat [ ] alleen beoogd zou hebben - voorafgaand aan een eventuele verdere openbaarmaking daarvan - op vertrouwelijke basis aan een beperkt gezelschap een voorproefje van zijn werk te geven. Dat de overdracht van de foto’s aan X als zodanig kan worden gekwalificeerd valt niet aan te nemen reeds omdat ten tijde van de overdracht van de prints aan X het werk door [ ] al (openbaar) werd tentoongesteld in New York.