IEF 19334

Inbreuk op rechten Buma en Sena

Rechtbank Amsterdam 15 juli 2020, IEF 19334; C/13/637492 (Buma-Sena tegen Gedaagde) De rechtbank Amsterdam heeft een tussenvonnis gewezen in dit langlopende geschil. Buma en Sena hebben in 2016 vorderingen ingesteld tegen Scoezh en gedaagde 2. Enerzijds vorderen Buma en Sena geldvorderingen ten aanzien van de boedel die door de curator en Youtoo Holding zijn betwist, anderzijds vorderen zij geldvorderingen die zijn gericht op het handelen en nalaten van gedaagde 2 zelf: een inbreukverbod en een bevel tot opgave van commerciële inkomsten van Fresh FM. Het inbreukverbod wordt toegewezen, want gedaagde 2 en zijn vennootschappen zijn meermaals veroordeeld tot het staken van inbreuk op het Buma- en Sena-repertoire en die veroordelingen zijn meermaals overtreden. Het bevel tot opgave van commerciële inkomsten van Fresh FM komt niet voor toewijzing in aanmerking, want de verplichting tot opgave op grond van de met Buma en Sena ondertekende overeenkomsten rustten niet op gedaagde 2 zelf. Gedaagde 2 is aansprakelijk voor de schade van Buma en Sena die zij hebben geleden als gevolg van het feit dat gedaagde 2 nooit heeft voldaan aan haar opgaveverplichtingen, want hij heeft hiermee dusdanig onzorgvuldig gehandeld dat hem persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. De rechtbank acht zich onvoldoende voorgelicht om het bedrag van deze schade te kunnen vaststellen. Daarom worden Buma en Stemra in de gelegenheid gesteld om bij nadere akte te onderbouwen welke schade zij concreet hebben geleden.

4.5. Het onder 1 gevorderde inbreukverbod zal worden toegewezen. Uit het feitenverloop volgt dat gedaagde 2 en zijn vennootschappen Scoezh en Wedel Communications meermaals zijn veroordeeld tot het staken van inbreuk op het Buma- en Sena-repertoire en dat die veroordelingen meermaals zijn overtreden. Gelet op dit patroon is de rechtbank van oordeel dat Buma en Sena voldoende belang hebben bij een verbod op verdere inbreuk. De rechtbank ziet evenwel in de - ten opzichte van de datum van dagvaarding gewijzigde - omstandigheden, namelijk het faillissement van Scoezh, via welke entiteit gedaagde 2 de exploitatie van Fresh FM had gestructureerd, en de intrekking van de vereiste vergunningen voor het exploiteren van een radiozender, onvoldoende aanleiding om het verbod te versterken met dwangsommen en lijfsdwang. De vorderingen daartoe zullen daarom worden afgewezen.

4.28. Op grond van het hiervoor geschetste lange feitencomplex kan de rechtbank niet tot een andere slotsom komen dan dat Wedel heeft toegestaan, zo niet bewerkstelligd, dat Scoezh aanzienlijke betalingsachterstanden heeft opgelopen, dat langdurig en herhaaldelijk inbreuk is gemaakt op het Buma- en Sena-repertoire en dat Scoezh nimmer heeft voldaan aan haar opgaveverplichtingen. Daarmee heeft Wedel als bestuurder dan wel feitelijk beleidsbepaler van Scoezh - en overigens ook persoonlijk als contractpartij van Buma en Sena - dusdanig onzorgvuldig gehandeld jegens Buma en Sena dat hem persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Hieruit volgt dat gedaagde 2 aansprakelijk is voor de door Buma en Sena als gevolg daarvan geleden schade.