IEF 19362

Auteursrecht grafisch ontwerp uitgeput na wederverkoop vrachtwagens

Rechtbank Midden-Nederland 5 augustus 2020, IEF 19362; 8416036 UC EXPL 20-2392 ID/963 (Eiseres tegen Lukassen) Auteursrecht. Procesrecht. Lukassen had in het verleden een aantal vrachtwagens gekocht waarop een grafisch ontwerp was aangebracht waarin foto’s van eiseres waren verwerkt. Lukassen had een sticker met haar eigen bedrijfsnaam geplakt over de bedrijfsnaam van de vorige eigenaar en heeft de vrachtwagens daarna voor zichzelf in gebruik genomen. Eiseres stelt dat daarmee haar auteursrechten op haar foto’s en de aan haar overgedragen auteursrechten ten aanzien van het gehele grafische ontwerp zouden worden geschonden. De kantonrechter oordeelt echter dat de auteursrechten van eiseres zijn uitgeput. Het gaat om dezelfde vrachtwagens die eerder met toestemming van eiseres in het verkeer zijn gebracht. Een beroep van eiseres op het arrest iz. NUV/Tom Kabinet (m.b.t. uitputting bij digitale verspreiding) slaagt niet, omdat het daar om digitale werken gaat. Omdat het auteursrecht van het grafische ontwerp (waarvan de foto’s van eiseres onderdeel uitmaakten) oorspronkelijk bij iemand anders lagen, kan eiseres geen persoonlijkheidsrechten inroepen. Ook als die auteursrechten overgedragen zouden zijn aan eiseres maakt dat niet dat zij ook de (niet-overdraagbare) persoonlijkheidsrechten van die derde partij kan uitoefenen. Eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten, maar de rechter gaat niet mee in de vordering van Lukassen tot volledige vergoeding van de proceskosten. Het stond eiseres namelijk vrij om Lukassen te dagvaarden. Zij heeft in de dagvaarding stellingen opgenomen die haar vorderingen onderbouwen en ter onderbouwing bewijsstukken overlegd.

3.8. De kantonrechter ziet in de door Lukassen aangevoerde omstandigheden geen aanleiding om eiseres in de daadwerkelijke proceskosten te veroordelen. Het stond eiseres in beginsel vrij om Lukassen te dagvaarden. In de dagvaarding heeft eiseres stellingen opgenomen die de vordering kunnen dragen en ter onderbouwing daarvan heeft zij bewijsstukken overlegd. Ter zitting heeft de gemachtigde van eiseres toegelicht dat bij de dagvaarding de op dat moment beschikbare bewijsstukken zijn overlegd. Nadien zijn, mede naar aanleiding van het uitgebreide verweer van Lukassen, nadere bewijsstukken overgelegd. Volgens de gemachtigde is er nog meer bewijsmateriaal voorhanden, maar is eiseres voor het verkrijgen daarvan afhankelijk van de medewerking van derden, onder wie de ontwerper. Daarbij speelt mee dat de ontwerper door Lieferink aansprakelijk is gesteld vanwege deze kwestie, nadat Lieferink door Lukassen aansprakelijk was gesteld. Dit vormt een voldoende plausibele verklaring. Verder geldt dat zelfs ingeval zou worden vastgesteld dat de stellingen van eiseres onvoldoende steun vinden in de stukken, dit niet betekent dat haar vordering evident ongegrond is. De kantonrechter vindt wel dat eiseres in de dagvaarding uitgebreider had moeten ingaan op de haar al bekende verweren van Lukassen. Alles overziend kan niet worden gezegd dat eiseres op zodanige wijze misbruik heeft gemaakt van haar processuele bevoegdheden dat dit rechtvaardigt dat de volledige proceskosten van Lukassen voor haar rekening komen.