IEF 18173

Vorderingen afgewezen, conclusie octrooi koffiecapsules Douwe Egberts nietig door gebrek aan inventiviteit

Vzr. Rechtbank Den Haag 28 december 2018, IEF 18173; ECLI:NL:RBDHA:2018:15453 (Koninklijke Douwe Egberts tegen Belmoca) Octrooirecht. Partijen maken aluminium koffiecapsules die in de apparaten van Nespresso passen. KDE stelt dat Belmoca indirect inbreuk maakt op conclusies van octrooi EP 2 996 521 met haar Belmio-capsule. Uit het testrapport van TRiOS blijkt namelijk dat de Belmio-capsule voor wat betreft afdichting in alle drie de Nespresso koffiemachines hetzelfde werkt en dat de capsule onder de beschermingsomvang valt van de voornoemde conclusies. WO 2013/136209 behoorde op de prioriteitsdatum van EP 521 tot de fictieve stand van de techniek. Dat wat Belmoca doet komt overeen met de in het octrooi beschreven tweede uitvoeringsvorm waarbij de ringvormige trog/rand van de capsule door de ‘enclosing member’ slechts wordt ingedrukt en zo plastisch vervormt (‘to buckle and deform/crumple’). Als voor een ogenblik zou worden aangenomen dat ‘buckle/deform/crumple’ gelijkgesteld zou kunnen worden aan "dieptrekken", dan is conclusie 1 van EP 521 naar voorlopig oordeel nietig wegens gebrek aan nieuwheid over WO 209, althans in het licht van WO 209 en de algemene vakkennis van de gemiddelde vakman niet inventief is en Belmoca een niet-inventieve variant van WO 209 toepast. Vorderingen afgewezen.

6.14. De voorzieningenrechter is voorshands van oordeel dat KDE de gestelde inbreuk, gezien de hiervoor in r.o. 6.3. gegeven maatstaf, onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt. Met Belmoca wordt aangenomen dat er door de krachtuitoefening van de ‘enclosing member’daarop, sprake is van een neerwaartse indrukking van de opwaartse rand in de Belmio-capsule maar daarmee is nog niet zonder meer voldaan aan het in conclusie 1 van EP 521 toegevoegde kenmerk dat de ‘side wall is plastically drawn over the leading edge of the enclosing member’. Het octrooi beschrijft het kenmerk in het kader van de eerste uitvoeringsvorm in paragraaf [0072] en [0073] van de beschrijving. Het legt daar uit dat tijdens de stap van het sluiten van de ‘enclosing member’ de aluminium zijwand deformeert en die zijwand, omdat de ‘leading edge’ van de ‘enclosing member’ in de ‘annular trough’ zakt tot op ‘floor’ 64, in het bijzonder delen van de ‘annular trough’ plastisch over de voorste rand van de ‘enclosing member’ heengetrokken kunnen worden. Dit is de situatie zoals die wordt weergegeven in de figuren 4, 5 en 6 waarbij in figuur 6 te zien is dat door de neerwaartse kracht van de (‘leading edge’ van de) ‘enclosing member’, de zijwand omhoog wordt getrokken om het omsluitende deel heen (zie 2.14.), althans is dat tussen partijen niet in geschil. In dit geding wordt er vooralsnog vanuit gegaan dat dít als ‘dieptrekken’ moet worden beschouwd. Dat wat Belmoca doet komt overeen met de in het octrooi beschreven tweede uitvoeringsvorm waarbij de ringvormige trog/rand door de ‘enclosing member’ slechts wordt ingedrukt en zo plastisch vervormt (‘to buckle and deform/crumple’). Bij dit alles komt dat ‘plastically drawn over’ minst genomen een onduidelijk kenmerk is, terwijl gebrek aan duidelijkheid voor de vakman die de grenzen van de door het octrooi geboden bescherming wil vaststellen, in beginsel ten nadele van de octrooihouder werkt.9 Als op conclusie 1 geen inbreuk wordt gemaakt, geldt hetzelfde voor de daarvan afhankelijke ingeroepen conclusies 2, 4 en 6 tot en met 12.

6.15. Als voor een ogenblik zou worden aangenomen dat ‘buckle/deform/crumple’ gelijkgesteld zou kunnen worden aan dieptrekken, dan is conclusie 1 van EP 521 naar voorlopig oordeel nietig wegens gebrek aan nieuwheid over WO 209 althans (omdat KDE de stelling van Belmocadat de tweede uitvoeringsvorm geen aanspraak kan maken op prioriteit en WO 209 daarmee volledige stand van de techniek wordt, onvoldoende gemotiveerd heeft weersproken) in het licht van WO 209 en de algemene vakkennis van de gemiddelde vakman niet inventief is en Belmoca een niet-inventieve variant van WO 209 toepast.