IEF 18797

Vergoeding freelance journalist is niet billijk

Rechtbank Amsterdam 1 november 2019, IEF 18797; ECLI:NL:RBAMS:2019:8119 (Journalist tegen De Persgroep) Eiseres is freelance journaliste. De Persgroep is uitgever van regionale kranten als de Twentsche Courant Tubantia. Eiseres kreeg betaald volgens het basistarief voor regionale bijdragen, per woord € 0,13. Bij tussenvonnis [IEF 18475] is partijen opgedragen nadere informatie te verstrekken over welke vergoedingen (andere) freelance journalisten bij De Persgroep en elders (in het bijzonder bij andere uitgevers) voor hun werk krijgen, nu en in het verleden. Die informatie is nu, samen met de al beschikbare informatie, gewogen. De Persgroep moet eiseres ruim 300 euro extra betalen voor het recht om 9 tussen november en december 2017 aangeleverde artikelen te gebruiken. De eerder betaalde vergoeding is niet billijk.

9. De kantonrechter komt dan toe aan beantwoording van de centrale vraag. Daarbij komt met name gewicht toe aan de genoemde regionale tarieven van de Persgroep en – in het verleden – Dagblad Tubantia. De landelijke tarieven leggen minder gewicht in de schaal, nu voldoende duidelijk is gemaakt dat de exploitatiewaarde van een bijdrage aan landelijke dagbladen veel hoger is dan van een bijdrage aan een regionale krant. De artikelen van [eiseres] zijn alle geplaatst in een regionale krant. Van de uitgaven AgriPers en Plus Magazine is niet inzichtelijk gemaakt hoe deze zich in de markt verhouden tot de uitgaven van De Persgroep, zodat het gewicht dat aan deze informatie kan worden toegekend beperkt is. Ook het beoogde minimumtarief waar de Minister naar heeft verwezen heeft beperkte waarde, nu het een ondergrens betreft terwijl niet ter discussie staat dat [eiseres] een ervaren journalist is. De Monitoren Freelancers en Media waar nog naar is verwezen leveren onvoldoende objectieve tariefsgegevens op om daar conclusies aan te verbinden. Het CAO-loon voor een journalist levert een relevant gezichtspunt op, maar ook na aftrek van de door [eiseres] bepleite toeslag is het door haar genoemde uurloon niet uit de toepasselijke CAO te herleiden. Voor zover [eiseres] met het genoemde uurloon heeft bepleit dat de tijd die zij als freelancer verliest doordat zij verschillende opdrachtgevers heeft, moet worden gecompenseerd, wordt dat standpunt niet gevolgd. Wel is de marktpositie van De Persgroep van belang: er zijn (nog) slechts enkele grote spelers op de markt, zodat de onderhandelingspositie van een individuele journalist niet sterk is. Dat klemt temeer nu De Persgroep verschillende tarieven per woord hanteert, zonder voldoende objectieve maatstaven om het toepasselijke tarief te bepalen. Daarnaast erkent De Persgroep dat haar exploitatie van regionale dagbladen – hoewel beperkt – rendement oplevert. Tenslotte is van belang dat [eiseres] het exploitatierecht onbeperkt heeft overgedragen aan De Persgroep. Daar staat echter weer tegenover dat dit slechts gedurende 7 dagen exclusief is en dat niet gebleken is dat herplaatsing vaak plaatsvindt.

10. Alles overziend acht de kantonrechter een vergoeding van in totaal € 497,38 niet billijk voor de overdracht van de exploitatiebevoegdheid van 9 artikelen van in totaal 3.826 (gemiddeld dus 425) woorden. Daarbij gaat de kantonrechter er op basis van het door [eiseres] aangeleverde tijdschrijfoverzicht van uit dat het schrijven van een artikel van ongeveer 425 woorden haar gemiddeld 4 uur heeft gekost. Daar staat echter tegenover dat De Persgroep heeft onderbouwd dat een andere ervaren journalist aan een vergelijkbaar artikel 2,5 uur besteedde. Dat sluit ook aan bij de productie waar De Persgroep mee rekent, te weten 165 woorden per uur voor een regionale journalist. Alhoewel iedere journalist anders zal werken, gaat de kantonrechter er van uit dat een ervaren journalist als [eiseres] de genoemde artikelen in elk geval in 3 uur moest kunnen schrijven.

11. Billijk acht de kantonrechter dan een vergoeding van in totaal € 800,00, wat neerkomt op ongeveer € 0,21 per woord. Dat betekent dat aanvullend € 302,62 voldaan moet worden.

Afbeelding: StartupStockPhotos via Pixabay.