IEF 19514

Slaafse nabootsing waterzuiveringssysteem

Vzr. Rechtbank Rotterdam 30 september 2020, IEF 19514; ECLI:NL:RBROT:2020:9040 (iClean tegen gedaagde en TGS) Kort geding. Slaafse nabootsing. iClean houdt zich onder meer bezig met de ontwikkeling van biologische waterzuiveringssystemen voor carwashes. Gedaagde is een voormalig werknemer van iClean. Sinds 1 april 2019 is hij in dienst van TGS. TGS houdt zich bezig met de bouw van carwashinstallaties. Een van de door iClean verkochte waterzuiveringssystemen is het Bionic-systeem. Gedaagde was bij de ontwikkeling van het systeem nauw betrokken. Nadat gedaagde bij TGS in dienst is getreden, heeft TGS een nieuw waterrecyclesysteem ontwikkeld, met de naam ‘CleanWater’. iClean stelt zich primair op het standpunt dat de CleanWater een slaafse nabootsing is van de Bionic. Het verbod op slaafse nabootsing wordt (voorwaardelijk) opgelegd. Tot uitgangspunt wordt genomen dat de Bionic door de 8-vorm aanzienlijk verschilt van haar Umfeld. Niet valt uit te sluiten dat de vormgeving van de CleanWater verwarring veroorzaakt bij het betreffende publiek. Daarnaast moet gedaagde zich tot 1 april 2021 onthouden van werkzaamheden op het gebied van carwash en waterzuiveringssystemen.

4.16. iclean heeft gesteld dat de Bionic een eigen gezicht op de relevante markt heeft, omdat het – mede gelet op de, van bovenaf gezien, 8-vorm van de dubbele tanks – door afnemers wordt herkend als afkomstig van iclean. Ter onderbouwing van dit standpunt heeft iclean verwezen naar de wezenlijk afwijkende vormen van waterzuiveringssystemen van concurrenten en naar de e-mail van 14 juli 2020 van [naam 1] (zie 2.16). [naam gedaagde] en TGS hebben weliswaar gesteld dat [naam 1] een vaste zakenpartner is van iclean, maar zij hebben niet weersproken dat de Bionic zich onderscheidt van gelijksoortige producten op de (waterzuiverings)markt. Op grond hiervan neemt de voorzieningenrechter tot uitgangspunt dat de Bionic door de 8-vorm aanzienlijk verschilt van haar Umfeld.

4.17. Hoewel partijen de voorzieningenrechter niet in de gelegenheid hebben gesteld om de Bionic en de CleanWater te onderzoeken, is tussen partijen niet in geschil dat de Bionic en de CleanWater onderling zeer grote gelijkenissen vertonen. Het gaat hierbij onder meer om de 8-vorm van de roestvrijstalen tanks en de vormgeving van de schakelkast, de vergelijkbare afmetingen en de identieke aanduidingen “flush”, “water out”. Vooral de eerste twee kenmerken lijken op het eerste gezicht bepalend voor de totaalindruk van de systemen. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen met betrekking tot het ‘eigen gezicht’ van de Bionic, valt niet uit te sluiten dat de vormgeving van de CleanWater verwarring veroorzaakt bij het betreffende publiek (de afnemer van dergelijke systemen). De ter zitting door [naam gedaagde] en TGS vermelde kleinere verschillen (bijvoorbeeld met betrekking tot de positionering van de gaten aan de bovenkant, de kwaliteit van het roestvrijstaal en de kleur van de schakelkasten) doen aan die verwarring niet af.

4.19. Gelet op de gelijkenissen in de uiterlijke kenmerken van de beide systemen en nu naar voorlopig oordeel onvoldoende aannemelijk is dat deze gelijkenissen alleen te wijten zijn aan technische eisen, ziet de voorzieningenrechter aanleiding de verhandeling en promotie van de CleanWater voorwaardelijk te verbieden. Het op te leggen verbod zal zijn werking verliezen indien iclean niet binnen twee maanden na heden een bodemprocedure aanhangig maakt waarin de rechtmatigheid van de CleanWater aan de orde wordt gesteld of wanneer in die bodemprocedure in een uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis uitspraak wordt gedaan. Uiteraard staat het partijen vrij om met elkaar in onderhandeling te treden. Bij de oplegging van het verbod is mede in aanmerking genomen dat [naam gedaagde] en TGS ter zitting weliswaar hebben meegedeeld dat zij de verhandeling en promotie van de CleanWater on hold hebben gezet, maar dat zij in een eerder stadium de sommaties van iclean juist hebben verworpen.