IEF 18607

Publicatie 'De Holleerders' Just Publishers niet onrechtmatig

Vzr. Rechtbank Gelderland 24 juni 2019, IEF 18607; ECLI:NL:RBGEL:2019:3354 (Eisers tegen Just Publishers) Onrechtmatige publicatie. Persvrijheid. Eiser 1 had aan het einde van het huwelijk een affectieve relatie met Willem Holleeder. Eiser 2 is schrijver van het boek ‘De Holleeders’ wat is uitgegeven door Just Publishers. Het boek bevat gegevens en passages die volgens eisers kwetsend en onwaar zijn. Eisers vorderen Just Publishers het drukken en verspreiden van het boek, zowel schriftelijk als online, te staken. De kortgedingrechter wijst de vordering af. Er is geen sprake van onrechtmatig handelen door Just Publishers.

De titel
4.11. [eisende partij] wordt met name besproken in hoofdstuk 24 van het boek. De titel van dit hoofdstuk luidt: Schijthoer. Volgens [eisende partij] is het onjuist, onzorgvuldig en onrechtmatig om een onnodig kwetsende kwalificatie van hetgeen [naam 1] heeft verklaard uit de context te halen en als titel te kiezen waarbij [eiser sub 1] als betrokkene bij het strafproces op duidelijk zichtbare plaatsen daarmee in het boek wordt gepersonaliseerd. De voorzieningenrechter constateert dat de titels van de andere hoofdstukken van het boek merendeels een gelijke strekking hebben. Deze hoofdstuktitels zijn steeds kernachtige woorden die worden gebruikt door Holleeder en diens familieleden, waarmee [gedaagde sub 2] die familie beoogt te typeren, althans één aspect van die familie (namelijk het grof taalgebruik). Bovendien is het voor de lezer duidelijk dat de titel ziet op een uitlating van [naam 1] . In het licht van deze omstandigheden is de voorzieningenrechter van oordeel dat de titel niet als onrechtmatig kan worden aangemerkt.

Persoonsgegevens
4.12. Volgens [eisende partij] is het onrechtmatig dat haar persoonsgegevens (roep- en achternaam en voormalig woonadres in Amsterdam) in het boek worden vermeld. Bij de beoordeling van de vraag of dit onrechtmatig is, wordt vooropgesteld dat [eiser sub 1] in het verleden in relatie met Holleeder zelf de media-aandacht heeft gezocht en dat zij daarbij volledig herkenbaar naar buiten is getreden. [eiser sub 1] heeft aldus eerder in de publieke belangstelling gestaan. Zij heeft nadien getuigd in het Holledeer-proces, een proces dat veel media-aandacht heeft gegenereerd. Just Publishers c.s. heeft onweersproken gesteld dat [eiser sub 1] in relatie met Holleeder in de media (waaronder in de krant Trouw en op de website www.nu.nl) met voor- en achternaam wordt genoemd. Dit alles maakt haar tot op zekere hoogte een publiek figuur. De vermelding van haar volledige naam kan in het licht van deze omstandigheden niet als onrechtmatig worden aangemerkt. Het beroep van [eisende partij] op het verbod om ongeanonimiseerde uitspraken te publiceren leidt niet tot een ander oordeel.

4.13. Uit het voorgaande volgt dat de afweging van de wederzijdse belangen, in het kader van artikel 10 lid 2 EVRM en artikel 6:162 BW, in het voordeel van Just Publishers c.s. uitvalt. Van onrechtmatig handelen door Just Publishers c.s. is geen sprake, zodat een inbreuk op de vrijheid van meningsuiting niet gerechtvaardigd is. De vorderingen zullen derhalve worden afgewezen.