IEF 18586

Petit Bateau maakt inbreuk op auteursrecht bloemenprint

Vzr. Rechtbank Amsterdam 11 juli 2019, IEF 18586 (Smit tegen Petit Bateau) Kort geding. Auteursrecht. Inbreuk. Smit is een beeldend kunstenaar. Petit Bateau houdt zich bezig met de productie en verkoop van kleding. Smit nam deel aan een afstudeercollectie van ontwerpduo Botter. Onderdeel hiervan was de beschilderde wand met bloemenprint, in de ruimte waar de afstudeercollecties werden tentoongesteld. Petit Bateau biedt een kledingcollectie aan met daarop een kopie van de bloemenprint van de wand. Aan het kartonnen label in de kledingstukken staat dat het ontwerp gemaakt is in samenwerking met Iwan Smith. Smith stelt dat Petit Bateau inbreuk maakt op zijn auteursrecht op de wandschildering en zijn persoonlijkheidsrechten. De voorzieningenrechter geeft hem gelijk. Smit wordt als enige maker van de bloemenprint op de wandschildering aangemerkt.

4.5. […] Smit heeft als beeldend kunstenaar de artistieke prestatie verricht en is daarbij mogelijk mede tot bepaalde keuzes gekomen na inbreng van Botter en Herrebrugh. Dit betekent dat Smit in dit kort geding als enige maker van de bloemenprint op de wandschildering wordt aangemerkt.

4.7. Uit het voorgaande volgt dat Smit het recht heeft zich te verzetten tegen openbaarmaking door Petit Bateau op haar kleding van de gekopieerde bloemenprint op de wandschildering zonder vermelding van zijn naam. Ook volgt daaruit dat de huidige vermelding op de kartonnen labels (zie hiervoor onder 2.4) niet volstaat. Ten onrechte wordt daarop vermeld dat de bloemenprint is gemaakt door Botter in samenwerking met Smit, terwijl Smit de enige auteursrechthebbende is en hij dat recht niet heeft overgedragen aan Botter. Het gevolg is dat Smit terecht aanspraak maakt op zijn persoonlijkheidsrecht als bedoeld in artikel 25 van de Auteurswet (Aw) en terecht stelt dat Petit Bateau zijn recht schendt en daarmee onrechtmatig jegens hem handelt. Smit heeft er een spoedeisend belang bij dat er een einde komt aan de schending van zijn rechten.

4.8. Primair vordert Smit dat Petit Bateau wordt veroordeeld om iedere inbreuk op zijn auteursrecht en iedere onrechtmatig handelen jegens hem door schending van zijn persoonlijkheidsrechten in de EU, te staken en gestaakt te houden. Deze vorderingen zijn toewijsbaar voor zover het betreft het grondgebied van Nederland.