IEF 18113

Octrooi elektronische kaartlezer CDVI vatbaar voor vernietiging: in eerdere octrooien zelfde probleem verholpen

Rechtbank Den Haag 21 november 2018, IEF 18113; ECLI:NL:RBDHA:2018:13746 (CDVI tegen Impro c.s.) Octrooirecht. CDVI levert wereldwijd toegangssystemen en elektronische sloten, Zij is houdster van Europees octrooi EP 1 245 006 B1, een elektronische kaartlezer. CDVI stelt dat Impro c.s. inbreuk maakt in Nederland op conclusie 1 van het octrooi, door het produceren, importeren, verkopen en/of te koop aanbieden van de Impro Producten. Impro c.s. betoogt dat EP 006 nietig is: het is niet inventief. In eerdere octrooien wordt hetzelfde probleem verholpen, waardoor dit tot de algemene vakkennis van de vakman behoort. Octrooi vatbaar voor vernietiging. Vorderingen afgewezen.

4.10. Gesteld voor het probleem om de leesinrichting van figuur 1 zo te wijzigen dat een kaart op grotere afstand gelezen kan worden zal de vakman met deze algemene vakkennis zonder inventieve arbeid onmiddellijk herkennen dat Eddy currents de oorzaak van de verzwakking van de flux zijn en dat de negatieve werking daarvan afneemt door één of, voor een groter effect, meer sleuven vanaf een van de randen van de metalen plaat aan te brengen. De sleuven in de kaartlezer van figuur 1 lopen niet vanaf de rand van de metalen voorplaat en reduceren de Eddy currents onvoldoende, zo zal de gemiddelde vakman onderkennen.

4.11. Dat dit in de stand van de techniek een bekende oplossing voor het probleem van fluxverzwakking door Eddy currents is, wordt bevestigd door JP 123, NL 369 en US 989. Alle drie documenten behoren tot het vakgebied van de betreffende vakman en in alle drie wordt het probleem van Eddy currents met behulp van een enkele sleuf, aangebracht vanaf de rand van een metalen plaat of behuizing, verholpen. Omdat deze documenten voortbrengselen betreffen die niet alle kenmerken van conclusie 1 bezitten en/of een (weliswaar aanverwante maar) andere toepassing hebben, is EP 006 nieuw en inventief ten opzichte van deze documenten afzonderlijk. Ze bevestigen echter wel de vaststelling dat het toepassen van een smalle sleuf vanaf de rand van een metalen plaat om Eddy currents te verminderen, tot de algemene vakkennis van de vakman behoorde op de prioriteitsdatum.

4.12. Dit brengt de rechtbank tot de slotsom dat conclusie 1 van EP 006 vernietigbaar is omdat het inventiviteit ontbeert. CDVI heeft de stelling van Impro c.s. dat, als conclusie 1 niet inventief is, conclusie 2 en 3 dat evenmin zijn, onweersproken gelaten. Het Nederlandse deel van EP 006 is derhalve in zijn geheel vernietigbaar.