IEF 18688

Merkinbreuk door verkoop van namaak

Rechtbank Den Haag 3 april 2019, IEF 18688; ECLI:RBDHA:2019:9555 (Luxottica tegen Alex) Luxottica is houdster van onder andere het beeldmerk en woordmerk van Ray-Ban. Gedaagde heeft onder de naam “Alex“ advertenties voor zonnebrillen op Marktplaats geplaatst. Tot deze advertenties hoort ook een advertentie waarin gedaagde een zonnebril van het merk Ray-Ban te koop aanbiedt. Uit het onderzoek van een testaankoop door ACP in het belang van Luxottica blijkt dat de kenmerken en kwaliteit van de door gedaagde te koop aangeboden bril niet overeenstemt met de brillen van het merk Ray-Ban. De rechtbank oordeelt dat Luxottica recht heeft om staking van iedere inbreuk op de merken te eisen en wijst de vordering toe.

4.2. [gedaagde] heeft te kennen gegeven dat hij op zichzelf wel begreep dat de door hem aangeboden zonnebrillen namaak betroffen. Onder verwijzing naar de door hem overgelegde producties voert [gedaagde] aan dat hij alleen in 2011 van een verkoper in China 40 zonnebrillen heeft gekocht en daarna niet meer. [gedaagde] heeft een order confirmation overgelegd d.d. 17 juli 2011 van een bestelling via internet bij een verkoper in China van 40 zonnebrillen met een Ray-Ban teken, identiek aan de Merken. Daarop staat een aankoopbedrag van € 512,23. Volgens [gedaagde] heeft hij zeven van deze 40 zonnebrillen weggegeven en heeft hij medio 2017, toen hij in een situatie van verminderde inkomsten kwam te verkeren, de resterende 33 zonnebrillen door middel van advertenties op Marktplaats te koop aangeboden. Volgens [gedaagde] hebben deze advertenties geleid tot de verkoop van vier zonnebrillen voor een bedrag van in totaal € 128: één zonnebril is op 18 juli 2017 verkocht voor € 40, twee op 7 augustus 2017 voor € 58 (€ 29 per stuk) en één zonnebril is op 29 november 2017 verkocht voor € 30. Hij heeft bewijsstukken en betalingsbewijzen van deze transacties in het geding gebracht.

4.3. Daarmee staat vast dat [gedaagde] in de periode gelegen tussen het najaar van 2011 en eind 2017 inbreuk heeft gemaakt op de Merken in de zin van artikel 9 lid 2 sub a UMVo en 2.20 lid 2 sub a BVIE door de zonnebrillen te importeren, aan te bieden op Marktplaats, te verkopen, leveren, daartoe in voorraad te houden of anderszins te verhandelen. Dat geldt ook als – zoals [gedaagde] benadrukt en Luxottica betwist – het zou zijn gebleven bij de aankoop van 40 zonnebrillen in China en het daaropvolgende weggeven, te koop aanbieden, verkopen en leveren van 11 zonnebrillen. De rechtbank gaat uit van het door Luxottica genoemde aantal van 80 advertenties in de periode juli – november 2017. Het door Luxottica genoemde aantal volgt namelijk uit het door Luxottica overgelegde overzicht van advertenties, waarover [gedaagde] geen opmerking over heeft gemaakt, anders dan zijn verklaring dat hij soms een advertentie opnieuw plaatste. Daarmee heeft [gedaagde] het door Luxottica genoemde aantal advertenties onvoldoende gemotiveerd betwist.

4.4. Met Luxottica is de rechtbank van oordeel dat grond bestaat voor toewijzing van het onder i) gevorderde verbod, hoewel tijdens de comparitie namens [gedaagde] is verklaard dat hij de resterende zonnebrillen aan Luxottica wil overdragen en wil toezeggen dat hij zich gaat onthouden van verkoop. Tot het tekenen van een onthoudingsverklaring is het echter niet gekomen. Daarmee heeft Luxottica voldoende recht en belang bij een door de rechtbank op te leggen verbod. De daartoe strekkende vordering wordt toegewezen, met dien verstande dat de termijn waarop de inbreuk moet worden gestaakt wordt bepaald op 24 uur ter voorkoming van executieproblemen en het verbod ten aanzien van het Beneluxmerk wordt beperkt tot dat territorium. In het dictum sluit de rechtbank aan bij de definitie van ‘Inbreukmakend Product’ van Luxottica in de dagvaarding, te weten ‘de producten van verkoper Alex’; dat zijn zonnebrillen die niet van Luxottica afkomstig zijn, noch met haar toestemming op de markt zijn gebracht of zijn voorzien van de Merken.