IEF 19102

Merk op verpakkingsdoos suggereert economische band met merkhouder

Rechtbank Den Haag 25 maart 2020, IEF 19102; ECLI:NL:RBDHA:2020:2735 (Coty tegen Easycosmetic) Coty maakt deel uit van de internationaal opererende Coty-groep, welke actief is in de markt van parfumproducten, cosmetica en huidverzorging. Coty is binnen de Coty-groep verantwoordelijk voor de handhaving van intellectuele eigendomsrechten en vervaardigt en verhandelt parfumproducten onder verschillende merken. Zij heeft hiertoe van de houders van deze merken licenties verkregen. Easycosmetic verkoopt via haar website www.easycosmetic.nl parfum- en cosmeticaproducten van ruim 250 verschillende merken. Op de verpakkingsdozen die Easycosmetic gebruikt voor het versturen van bestellingen naar klanten zijn in totaal 80 tekens gelijk aan verschillende merken, waaronder merken waar Coty een licentie van heeft, afgebeeld. Volgens Coty maakt Easycosmetic hiermee inbreuk op haar intellectuele eigendomsrechten.

Er moet in casu gekeken worden of Easycosmetic zich kan beroepen op de uitzondering van artikel 15 lid 1 UMVo. Deze is in ieder geval niet van toepassing als de merkhouder zich kan beroepen op een gegronde reden als bedoeld in artikel 15 lid 2 UMVo. Van een gegronde reden is onder meer sprake wanneer de wederverkoper de indruk wekt dat er een economische band bestaat tussen hem en de merkhouder. Het gebruik van de merken door Easycosmetic op de verpakkingsdozen kan de suggestie opwekken bij het publiek dat er een economische band bestaat tussen de onderneming en de merkhouder. Dit wordt versterkt doordat het merkgebruik plaatsvindt na een specifieke aankoop en ook los staat van de aanbieding van een specifiek product. Dit merkgebruik door Easycosmetic op de verpakkingsdozen gaat op deze manier verder dan het aankondigen van de verdere verhandeling van uitgeputte waar en daarmee verder dan het bereiken van het doel van de uitputtingsregel ex artikel 15 lid 2 UMVo. Het beroep van Coty is aldus gegrond verklaard.

4.14. Aldus wordt door de combinatie van de Merken met een veelheid aan bij elkaar geplaatste tekens die gelijk zijn aan de (over het algemeen) luxe cosmetica- en parfummerken, alle weergegeven met een ‘eigen’ dikte en grootte van letters vergelijkbaar met de daarbij horende beeldmerken, nadrukkelijk aansluiting gezocht bij de herkomst van de verschillende merken, oftewel bij de verschillende merkhouders en de door die merkhouders opgebouwde reputatie, waaronder die van de Merken. Tegelijkertijd wordt die reputatie, door het voor wat betreft lettertype en kleur integreren van de Merken en de verschillende aan merken gelijke tekens met de huisstijl van Easycosmetic en de prominente plaats van haar handelsnaam en slogan naast en omringd door al die aan merken gelijke tekens, toegetrokken naar (de onderneming van) Easycosmetic. Het hiervoor omschreven gebruik van de Merken door Easycosmetic op de Verpakkingsdozen levert op die manier het overhevelen van de aantrekkingskracht en de reputatie van de Merken naar Easycosmetc op, zodanig dat daarmee bij het publiek – dat niet gewend is aan deze wijze van adverteren – de suggestie kan worden gewekt van een economische band met de merkhouder. Dit wordt versterkt doordat het merkgebruik plaatsvindt na een specifieke aankoop en ook los staat van de aanbieding van een specifiek product. Dit merkgebruik door Easycosmetic op de Verpakkingsdozen gaat op deze manier verder dan het aankondigen van de verdere verhandeling van uitgeputte waar en daarmee verder dan het bereiken van het doel van de uitputtingsregel. Easycosmetic kan zich voor het gebruik van de Merken op de Verpakkingsdozen dan ook niet op die regel beroepen.

4.15. Dat Easycosmetic hetzelfde gebruik toepast voor veel aan merken gelijke tekens en dus niet de nadruk wordt gelegd op slechts één of een beperkt aantal merken, maakt het voorgaande niet anders. Integendeel. Easycosmetic geeft immers ook zelf aan dat het in de parfumerie- en cosmeticabranche als normaal geldt om het gehele assortiment ‘uit te stallen’ en aangenomen kan worden dat het in die branche niet ongebruikelijk is om met (houders van) meerdere merken banden aan te gaan. Dat het, zoals Easycosmetic aanvoert, voor haar (internet)klanten niet uitmaakt of zij al dan niet een economische band met de merkhouder heeft, doet voorts niet af aan het gerechtvaardigde belang van Coty, die heeft gekozen voor een selectief distributiestelsel en de onterechte indruk van een dergelijke band met Easycosmetic wil vermijden.