IEF 18932

Kunsthandel moet volgrechtvergoedingen betalen aan Pictoright

Ktr. Rechtbank Amsterdam 7 januari 2020, IEF 18932; ECLI:NL:RBAMS:2020:35 (Pictoright tegen kunsthandel) Pictoright is een auteursrechtorganisatie bij wie vele Nederlandse kunstenaars en erfgenamen van kunstenaars zijn aangesloten en voor wie Pictoright als belangenbehartiger optreedt. Het volgrecht is het recht van een kunstenaar om te delen in de opbrengst bij professionele doorverkoop van originele (kunst)werken. Pictoright heeft een Amsterdamse kunsthandel aangeschreven met het verzoek de eigen administratie te controleren op mogelijke volgrechtverplichtingen voor bij Pictoright aangesloten rechthebbenden en hiervan opgave te doen maar ontvangt geen reactie. Er wordt een minnelijk regeling getroffen waar de kunsthandel zich niet aan houdt. Er wordt te weinig opgave gedaan van volrechtelijke verkopen. De inmiddels gesloten Amsterdamse kunsthandel moet ruim 15.500 euro betalen aan Pictoright voor volgrechtvergoedingen.

13. De kantonrechter oordeelt als volgt. Partijen zijn in de vaststellingsovereenkomst overeengekomen dat Pictoright het recht heeft om van [gedaagde 1] c.s. een rapport van een accountant te verlangen. Hieraan hebben partijen geen nadere voorwaarden verbonden.

Nu [gedaagde 1] c.s. niet heeft betwist dat zij geen volledige opgave heeft gedaan van alle door haar gekochte en verkochte werken waarop het volgrecht rust, heeft Pictoright er belang bij dat [gedaagde 1] c.s. een accountantsrapport laat opstellen. Dat [gedaagde 1] c.s. geen opgave heeft gedaan vanwege de gezondheidstoestand van de heer [gedaagde 1] , zoals [gedaagde 1] c.s. stelt, doet aan het voorgaande niet af. Nu partijen in de vaststellingsovereenkomst geen nadere voorwaarden hebben gesteld aan het opstellen van een accountantsrapport, acht de kantonrechter het voldoende dat dit rapport wordt opgesteld door een accountant. Een rapport dat is opgesteld door een registeraccountant is niet overgeengekomen. De vordering wordt toegewezen over de periode zoals door Pictoright is gevorderd. Indien de accountant constateert dat [gedaagde 1] c.s. over een bepaalde periode niet meer beschikt over de relevante bescheiden, omdat [gedaagde 1] c.s. voor deze bescheiden geen bewaarplicht meer heeft, kan [gedaagde 1] c.s. over deze periode - vanzelfsprekend - geen opgave meer doen. De in dit kader gevorderde dwangsom zal ook worden toegewezen.

17. Met Pictoright is de kantonrechter van oordeel dat onderhavig geschil zich wel toespitst op de handhaving van intellectuele eigendomsrechten. Dat [gedaagde 1] c.s. wegens de gezondheidstoestand van de heer [gedaagde 1] niet aan haar (opgave)verplichtingen heeft voldaan, doet immers niet af aan de aard van de vordering. De stelling van [gedaagde 1] c.s. dat Pictoright ten onrechte kosten van vóór het sluiten van de vaststellingovereenkomst vordert, heeft Pictoright gemotiveerd bestreden. Onder verwijzing naar productie 24 bij conclusie van repliek, heeft Pictoright uiteengezet dat zij de kosten vordert die zij vanaf januari 2018 heeft gemaakt. Bovendien hebben er sinds de conclusie van repliek meerdere proceshandelingen plaatsgevonden, zoals twee mondelinge behandelingen. De gemachtigde van Pictoright heeft ter zitting toegelicht de vordering ter zake van de proceskosten niet met deze proceshandelingen te zullen verhogen. De kantonrechter acht het gevorderde bedrag van € 7.125,00 aan salaris gemachtigde dan ook redelijk gelet op de hoeveelheid proceshandelingen die zijn uitgevoerd en de verantwoording van het gemaakte aantal uren. Dit bedrag zal dan ook worden toegewezen onder aftrek van het reeds door [gedaagde 1] c.s. betaalde bedrag van € 663,93. De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten is ook toewijsbaar.