IEF 20194

Gewijzigde tekst alsnog inbreuk op auteursrecht

Rechtbank Noord-Holland 25 augustus 2021, IEF 20194; ECLI:NL:RBNHO:2021:8088 (Eiser tegen gedaagde) De copywriter van de gedaagde heeft teksten die op de website van eiser stonden met enkele wijzigingen overgenomen. Eiser stelt in reactie hierop dat er sprake is van een inbreuk op auteursrechtelijk beschermde werken. De teksten op de site zijn geschreven door het nemen van creatieve keuzes, waaronder het gebruik van signaal / zoekwoorden, tussenkopjes en het vormgeven van teksten. Hierin heeft het bedrijf geïnvesteerd. Eiser vordert dan ook voor de kantonrechter dat gedaagde onrechtmatig heeft gehandeld en aansprakelijk is voor de schade die hierdoor geleden is. Gedaagde betwist dat de werken auteursrechtelijk beschermd zijn. De kantonrechter ziet de teksten wel degelijk als auteursrechtelijk beschermde werken, aangezien deze oorspronkelijk zijn, een eigen karakter hebben en het persoonlijk stempel van de maker dragen. Gedaagde erkent de teksten (gedeeltelijk) overgenomen te hebben, waardoor inbreuk vast komt te staan. Echter het causaal verband tussen de inbreuk en de schade wordt niet voldoende geacht. De vordering tot vergoeding van de kosten voor het herschrijven van de teksten wordt dan ook afgewezen. 

5.4. Om voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking te komen moet sprake zijn van teksten die voldoende oorspronkelijk zijn, een eigen karakter hebben en het persoonlijk stempel van de maker dragen. Als onweersproken staat vast dat [eiser] (een van) de maker(s) is van de teksten. [eiser] stelt dat het werk niet ontleend is aan een ander en dat is door [gedaagde] niet of onvoldoende gemotiveerd betwist. De kantonrechter stelt daarom vast dat de teksten een voldoende oorspronkelijk en eigen karakter hebben. [eiser] stelt ook dat de teksten het gevolg zijn van scheppende menselijke arbeid en dus van creatieve keuzes van (o.a.) [eiser] ten aanzien van onder meer de tekst, zinsopbouw, vormgeving en het gebruik van zoek(machinevriendelijke)-woorden. [gedaagde] brengt daartegenin dat zulke teksten veelvuldig voorkomen op internet en allemaal op elkaar lijken. [gedaagde] betwist dat creatieve keuzes worden gemaakt bij de totstandkoming van zoekmachine-geoptimaliseerde teksten. [gedaagde] wordt niet gevolgd in zijn verweer. Dat (veel) aandacht is besteed aan zoekwoorden om een positieve invloed op de zoekmachinevriendelijkheid van de teksten te bewerkstelligen, doet niet af aan de stelling dat creatieve keuzes zijn gemaakt. Dat betekent dan ook dat de teksten het persoonlijk stempel van (o.a.) [eiser] dragen. Er kan niet worden gesteld dat de teksten zo voor de hand liggend zijn dat iemand (onafhankelijk van [eiser] ) tot precies hetzelfde werk had kunnen komen.