IEF 20433

Geen sprake van inbreuk op portretrecht

Ktr. Rechtbank Rotterdam 17 december 2021, IEF 20433; ECLI:NL:RBROT:2021:13048 (Eiser tegen Coolblue) Centraal in de onderhavige zaak staat de vraag of Coolblue met het gebruik van het portret van eiser op haar bestelbussen en het beeldmateriaal van eiser in de promotievideo die is geplaatst op YouTube, inbreuk heeft gemaakt op het portretrecht danwel heeft gehandeld in strijd met de AVG. Geoordeeld wordt dat er geen sprake is van een inbreuk op het portretrecht van eiser en evenmin van ander onrechtmatig handelen door Coolblue.Coolblue is aan de belangen van eiser tegemoet gekomen doordat het portret op de bestelbussen zal worden uitgefaseerd, het portret niet in andere of nieuwe uitlatingen zal worden gebruikt en de promotievideo op YouTube inmiddels is verwijderd.

 5.13
Uit jurisprudentie omtrent het portretrecht volgt dat als het gaat om gebruik van een portret zonder toestemming in een reclame-uiting, de geportretteerde in beginsel steeds een redelijk belang zal hebben om zich te verzetten tegen gebruik van zijn portret ter ondersteuning van een commerciële reclame uiting. De geportretteerde zal door het publiek worden geassocieerd met het betreffende product of de dienst, waarbij het publiek in het algemeen - en doorgaans terecht - ervan uit zal gaan dat het gebruik van het portret niet zal zijn gebeurd zonder toestemming van de geportretteerde en de opname van het portret in de reclame-uiting zal opvatten als een blijk van publieke ondersteuning van het product of de dienst door de geportretteerde. Op deze gronden is het op een dergelijke wijze gebruiken van een portret in beginsel aan te merken als een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de geportretteerde (HR 2 mei 1997, ECLI:NL:HR:1997:ZC2364), in dit geval [eiser] .

5.14
Coolblue heeft een commercieel belang om voor de door haar aangeboden producten en diensten reclame te maken, een belang dat valt onder de bescherming van artikel 10 EVRM. Bovendien heeft Coolblue onweersproken gesteld dat - indien zij niet langer gebruik zou mogen maken van de foto van [eiser] - de kosten onredelijk hoog en de impact op haar bedrijfsvoering enorm zouden zijn. Voorts staat als onweersproken vast dat Coolblue aan de belangen van [eiser] tegemoet is gekomen doordat het portret van [eiser] op de bestelbussen zal worden uitgefaseerd, het portret niet in andere of nieuwe uitlatingen zal worden gebruikt en de promotievideo op YouTube inmiddels is verwijderd. Met al dit voorgaande heeft Coolblue naar het oordeel van de kantonrechter een voldoende gerechtvaardigd belang aan de orde gesteld, waarbij onder deze specifieke omstandigheden de verwerking van de persoonsgegevens noodzakelijk (proportioneel en subsidiair) is en bij de afweging tegen het belang van [eiser] de inbreuk op zijn persoonlijke levenssfeer kan rechtvaardigen.