IEF 18169

Geen slaafse nabootsing door Hanos door slechts betrekken gelijkend product

Ktr. Rechtbank Gelderland 20 december 2018, IEF 18169; ECLI:NL:RBGEL:2018:5739 (Eiseres tegen Hanos) Slaafse nabootsing. Eiseres heeft een gezelschapsspel gecreëerd en ontwikkeld met de naam Kletspot. Zij heeft dit als beeldmerk geregistreerd bij het BBIE. Hanos had interesse om dit product in een bepaald kerstpakket op te nemen. Eiseres heeft een aanbod gedaan voor de inkoop maar Hanos vond deze prijs te hoog. Hanos heeft een beurs bezocht en zag een vergelijkbaar gezelschapsspel met de naam "Pak 'n Vraag". Deze heeft zij uiteindelijk in haar kerstpakket opgenomen. De Kletspot had media 2018 geen eigen gezicht op de markt, omdat er ten minste vijf gelijkende producten op de markt werden aangeboden. Hierdoor is verwarringsgevaar niet aannemelijk. Hanos handelt bovendien niet onrechtmatig door het slechts betrekken van de potten van de producent van Pak 'n Vraag. Er zijn alleen sprake van kunnen zijn indien zich bepaalde bijkomende omstandighedenzouden voordoen, zoals bijvoorbeeld de omstandigheid dat Hanos opdracht aan een derde partij heeft gegeven de Pak 'nVraag pot te ontwikkelen en produceren of anderszins met de producent van die pot heeft samengewerkt en/of samengespannen om een in hoge mate nodeloos gelijkend product als de Kletspot op de markt te brengen. Vorderingen afgewezen.

4.4. Met betrekking tot het vereiste eigen gezicht op de markt heeft te gelden dat het moment waarop getoetst moet worden of sprake is van een zodanig gezicht niet het moment is waarop in dit geval eiseres haar Kletspot heeft bedacht en op de markt heeft gebracht, maar het moment waarop Hanos de Pak n Vraag pot is gaan verhandelen. Ter zitting is gebleken dat op dat moment (medio 2018) ten minste vijf geljkende producten op de markt werden aangeboden, zoals weergegeven onder 2.4. van dit vonnis. Vaststaat dat dit allemaal gesprekstartspellen zijn die zijn vormgegeven in eenzelfde soort glazen pot als de Kletspot en de Pak ‘n Vraag pot. met midden op de zijkant van de pot een etiket met (in ieder gevat) de naam van het spel, om de hals van de pot een touwtje en in de pot een aantal kaartjes waarop diverse (Ievens)vragen en dilemma’s staan weergegeven. Gelet op dit aantal uiterlijke verschijningsvorm in hoge mate geljkende producten. kan voorshands geoordeeld niet worden aangenomen dat de Kletspot medio 2018 een eigen gezicht op de markt had. Mogelijk was daarvan op het moment van bedenken door eiseres wel sprake, maar niet kan worden aangenomen dat dit op het moment dat Hanos de Pak n Vraag pot ging verhandelen nog (altijd) zo was. Bij het ontbreken van een eigen gezicht op de markt, bestaat onvoldoende grond om te kunnen aannemen dat sprake is van verwarringsgevaar tussen de Kletspot en in dit geval de Pak n Vraag pot. Dat verwarring metterdaad heeft plaatsgevonden, heeft eiseres overigens ook onvoldoende aannemelijk gemaakt. Zij heeft wel gesteld dat een derde partij haar heeft benaderd in verband met een nabestetling van wat niet de Kletspot maar een andere variant van het spel bleek te zijn. maar dit heeft zij op geen enkele wijze onderbouwd.

4.5. Afgezien van het vorenstaande is de voorzieningenrechter verder van oordeel dat zelfs al zou moeten worden aangenomen dat de producent van de Pak ‘ n Vraag pot onrechtmatig jegens eiseres zou handelen door het slaafs nahootsen van de Kletspot, dat enkele feit niet zonder meer met zich brengt dat ook Hanos, die geen producent van de pot is maar enkel potten van die producent heeft betrokken. onrechtmatig jegens eiseres handelt waarvan zou enkel sprake kunnen zijn indien zich bepaalde bijkomende omstandigheden zouden voordoen, zoals bijvoorbeeld de omstandigheid dat Ilanos opdracht aan een derde partij heeft gegeven de Pak ‘n Vraag pot te ontwikkelen en produceren of anderszins met de producent van die pot heeft samengewerkt en of samengespannen om een in hoge mate nodeloos gelijkend product als de Kletspot op de markt te brengen. Eiseres heeft (zonder nadere onderbouwing) ter zitting wel gesteld dat zij er bij gebreke van (andersluidende) informatie vanuit gaat dat Hanos opdrachtgever voor het ontwikkelen van de Pak ‘ n Vraag pot is (geweest) maar Hanos heeft dit op haar beurt gemotiveerd weersproken. zodat daarvan in dit kort geding niet kan worden uitgegaan. Nu daarom niet kan orden aangenomen dat zich bijzondere omstandigheden als hiervoor bedoeld hebben voorgedaan moet worden geconcludeerd dat Hanos door het (enkel) verhandelen van de Pak ‘ n Vraag pot niet onrechtmatig jegens eiseres handelt.