IEF 19492

Geen auteursrechtinbreuk bij geschil over bodembedekking van dierenhokken

Rechtbank Amsterdam 30 september 2020, IEF 19492, C/13/668382 / HA ZA 19-689 (A tegen C) Omvangrijk geschil over bodembedekking van dierenhokken, dat mede betrekking heeft op het auteursrecht en het merkenrecht. Door de bodemrechter is nu geoordeeld dat er geen sprake is van auteursrechtinbreuk omdat de eisende partijen niet zelf over de auteursrechten beschikken en de registratie van de merken door de gedaagden niet te kwader trouw is. Eerder werd door de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam nog anders geoordeeld [IEF 18094]. Ook is een executiegeschil tussen partijen gepubliceerd [IEF 18433].

4.20.4 De tussenconclusie is dat de vermogensbestanddelen van Sunshine in ieder geval niet zijn IE-rechten op de formule van de bodembedekking, de afbeeldingen als weergegeven onder 2.7 (en verder) of de termen 'Joris', 'Joris No Smell'en 'Joris Bedding' in de ruimste zin van die woorden.

4.37. Het onder III en IV gevorderde (verbod gebruik te maken van het merk/logo en afbeeldingen) is evenmin toewijsbaar omdat de eventueel daaraan verbonden IE-rechten niet zijn overgedragen aan eisers sub 1 en sub 2 en [A] dus geen daarop gebaseerd verbod kan vorderen. De stelling van [A] dat [C] c.s. ten onrechte gebruik maakt van die afbeeldingen (of daarop gelijkende afbeeldingen als onder 2.14.1 en 2.14.2 weergegeven) is in dit geval niet relevant omdat [A] in ieder geval die auteursrechten niet heeft en ook niet anderszins is gebleken is dat hij rechthebbende is inzake de auteursrechten op die afbeeldingen (bijvoorbeeld dat hij namens de makers van de afbeeldingen in deze proecedure optreedt).