IEF 17289

Geen auteursrecht voor vertaler lied, nu dat zo is bedongen bij de toestemming tot vertaling

Rechtbank Oost-Brabant 1 maart 2017, IEF 17289; ECLI:NL:RBOBR:2017:1456 (Het Feestduo). Auteursrecht. Eiser, aangesloten geweest bij Buma/Stemra, heeft een Nederlandstalige vertaling gemaakt van een Duitstalig nummer. Universal en de Duitse auteurs van het lied zijn aangesloten bij de Duitse auteursrechtenorganisatie GEMA, een zusterorganisatie van de Buma/Stemra. In 2009 is het Nederlandse nummer via YouTube openbaar gemaakt. Hierna heeft 'het feestduo' een opname vervaardigd van het Nederlandse nummer, zonder hierbij de naam van eiser op enige wijze te vermelden. Echter, door het sluiten van exploitatiecontracten met Buma/Stemra heeft eiser zijn auteurs- en exploitatierechten overgedragen. Daarnaast heeft Universal bij de toestemming om een vertaling van het lied te maken, bedongen dat eiser geen aandeel in het auteursrecht en de inkomsten zou verkrijgen. De aanmelding van het lied van eiser heeft niet geleid tot een rechtsgeldige inschrijving bij Buma/Stemra. Omdat eiser aan zijn persoonlijkheidsrechten geen specifieke vordering verbindt, wordt dit onbesproken gelaten.

4.1. Anders dan [eiser] meent, heeft hij, door het sluiten van een exploitatiecontract met Buma, niet alleen zijn recht op exploitatie van door hem gemaakte en toekomstige werken, maar het muziekauteursrecht (met uitzondering van het verveelvoudigen of verspreiden van verveelvoudigingen) op deze werken aan Buma overgedragen. Dat volgt uit artikel 2 in verband met artikel 1 van het door [gedaagden sub 1-4] in het geding gebrachte standaardexploitatiecontract van Buma. [eiser] betwist niet dat hij een dergelijk contract heeft ondertekend. De rechten met betrekking tot het vastleggen op geluids- en/of beelddragers, het (doen) verveelvoudigen en het verspreiden van verveelvoudigingen (de mechanische reproductierechten) van door [eiser] gemaakte en toekomstige werken heeft hij aan Stemra overgedragen door het sluiten van het exploitatiecontract met Stemra. Dat volgt uit artikel 2 in verband met artikel 1 van het door [gedaagden sub 1-4] in het geding gebrachte standaardexploitatiecontract van Stemra. [eiser] betwist niet (langer) dat hij een dergelijk contract heeft ondertekend. Met het sluiten van beide contracten heeft [eiser] dus het muziekauteursrecht en de mechanische reproductierechten op al zijn bestaande en toekomstige werken aan Buma respectievelijk Stemra overgedragen en hebben Buma en Stemra aldus het recht verkregen om als enige, met uitsluiting van ieder ander en van [eiser] , deze rechten waar ook ter wereld uit te oefenen of te doen uitoefenen. [eiser] heeft zijn stelling dat Buma/Stemra hem heeft laten weten dat zij zich wat betreft de liedtekst “ [naam lied] ” niet als rechthebbende van een door [eiser] aan haar overgedragen muziekauteursrecht of mechanisch reproductierecht beschouwde, niet met stukken onderbouwd. Het is ook niet goed denkbaar dat Buma/Stemra een dergelijke mededeling zou doen, aangezien het lidmaatschap van Buma/Stemra impliceert dat alle muziekauteursrechten en mechanische reproductierechten aan Buma/Stemra zijn overgedragen. De rechtbank concludeert dan ook dat voor zover [eiser] al aanspraak kan maken op een auteursrecht op de vertaling, [eiser] dit recht zoals hiervoor omschreven in de periode waarin hij aangesloten was bij Buma en Stemra (tot 1 januari 2016) heeft overgedragen aan deze organisaties.

4.3. Bovendien heeft [eiser] Universal van zijn lidmaatschap van Buma/Stemra op de hoogte gesteld toen hij om toestemming vroeg voor het maken van de vertaling. De rechtbank verwijst naar de e-mail correspondentie van [eiser] aan Universal onder 2.11. Het was Universal kenbaar dat [eiser] al zijn muziekauteursrechten en mechanische reproductierechten had overgedragen aan Buma/Stemra en dat [eiser] niet zelf aanspraak zou kunnen maken op deze rechten. Universal is immers zelf aangesloten bij de Duitse zusterorganisatie Gema. Bij het verlenen van de toestemming heeft Universal bedongen dat [eiser] geen aandeel in het auteursrecht en de inkomsten zou verkrijgen. Dat blijkt naar het oordeel van de rechtbank ondubbelzinnig uit de zinsnede in het hiervoor onder 2.12. genoemde e-mailbericht van de kant van Universal: “Eine Beteiligung kann ich aber leider ausschließen!”, welke mededeling Universal bij het hiervoor onder 2.17. genoemde e-mailbericht nog eens heeft herhaald. Bij het onder 2.14. aangehaalde e-mailbericht heeft Universal uitdrukkelijk aangegeven bij wie allemaal het copyright berustte. Daar maakte [eiser] geen deel van uit. Ook uit de door [gedaagden sub 1-4] overgelegde uitdraai d.d. 30 november 2015 uit het register van Gema blijkt dat [eiser] niet (0,0) meedeelt in de opbrengsten van het lied. Daarmee is ook het feit verklaard dat de aanmelding bij Buma/Stemra van “ [naam lied] ” door [eiser] niet heeft geleid tot een rechtsgeldige aanmelding in de zin van artikel 5 lid 1 van het Repartitiereglement. Als die aanmelding wel gevolg had gehad, zou Buma/Stemra [eiser] immers hebben moeten laten meedelen in de opbrengsten van het lied.

4.5. [eiser] beroept zich naast zijn auteursrecht eveneens op zijn persoonlijkheidsrechten, meer in het bijzonder het recht om zich te verzetten tegen het openbaarmaken van zijn vertaling zonder vermelding van zijn naam en tegen het openbaarmaken van zijn vertaling onder vermelding van een andere naam dan de zijne. [eiser] verbindt aan zijn persoonlijkheidsrechten echter geen specifieke vordering, zodat dit onderwerp niet hoeft te worden besproken.