IEF 17030

Facebook voorwaarden geen grond voor auteursrechtinbreuk Drankgigant

Ktr. Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2 augustus 2017, IEF 17030 (X tegen Drankgigant) Auteursrecht. Drankgigant heeft de foto van X op haar website gepubliceerd voor een reclamecampagne. Auteursrechtinbreuk wordt aangenomen, nu de foto zonder toestemming openbaar gemaakt is. Dat de foto mogelijk op Facebook is geplaatst, geeft geen vrijbrief om deze te mogen worden gebruikt voor reclamecampagnes zoals die van Drankgigant. Op Facebook geplaatste foto's mogen enkel door Facebook gebruikt worden of gedeeld worden door anderen op het platform. De gevorderde hoofdsom van € 431,00, vermeerderd met de wettelijke rente over een bedrag van € 375,00 wordt toegewezen. 

4.1. De kantonrechter overweegt dat niet in geschil is dat X het auteursrecht heeft op zijn foto’s. Op grond van artikel 1 van de Auteurswet heeft X als maker van de foto het uitsluitend recht om de foto openbaar te maken en te verveelvoudigen. X komt als auteursrechthebbende op grond van artikel 25 lid 1 sub a Auteurswet het recht toe op vermelding van zijn naam als maker bij de foto’s. Omdat de foto auteursrechtelijk is beschermd, stond het Drankgigant niet vrij om deze foto openbaar te maken zonder toestemming van X. Nu voorts vaststaat dat Drankgigant de foto zonder toestemming van X en zonder vermelding van zijn naam als maker van de foto heeft gepubliceerd op zijn website, heeft Drankgigant in beginsel inbreuk gemaakt op de auteursrechten van X. Drankgigant beroept zich er echter op dat de foto van X op Facebook was geplaatst en dat, gelet op de voorwaarden van Facebook, Drankgigant gebruik mocht maken van de foto. Dat beroep gaat niet op. Drankgigant heeft niet aangetoond dat X de bewuste foto heeft geplaatst op Facebook. Verder houden de door Drankgigant aangehaalde voorwaarden van Facebook slechts in dat op Facebook geplaatste foto’s door Facebook mogen worden gebruikt en door anderen mogen worden gedeeld op Facebook. Het gaat dus enkel om gebruik op Facebook en een foto op Facebook geeft geen vrijbrief om te worden gebruikt voor reclamecampagnes zoals Drankgigant heeft gedaan. Daarmee is sprake van onrechtmatig handelen van Drankgigant jegens X op grond waarvan Drankgigant schadeplichtig is. Het door Drankgigant gestelde ontbreken van kwade opzet doet daar niets aan af. Ook het onbewust schenden van het auteursrecht komt voor rekening en risico van de inbreukmaker.

4.2. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat Drankgigant het auteursrecht van X heeft geschonden en gehouden is de schade die X dientengevolge heeft geleden te vergoeden. De hoogte van de schade is door Drankgigant niet bestreden en de gevorderde hoofdsom zal dan ook worden toegewezen.