IEF 19437

Boete voor schending licentieovereenkomst

Rechtbank Amsterdam 23 september 2020, IEF 19437; ECLI:NL:RBAMS:2020:4551 (Fishflow tegen Poseidon) Octrooirecht. Uitleg overeenkomst. Fishflow is houdster van een Nederlands octrooi op een boegschroef. Poseidon houdt zich bezig met het vervaardigen van motoren en turbines voor jachten. Partijen hebben een licentieovereenkomst gesloten voor de boegschroef. Volgens Fishflow heeft Poseidon op verschillende wijzen de overeenkomst geschonden, waardoor Poseidon een totaalbedrag van € 900.000,- aan boetes verschuldigd zou zijn aan Fishflow. Fishflow vordert kortgezegd staking van het verkopen van de boegschroef, betaling van het boetebedrag en een schadevergoeding. De inhoud van de overeenkomst is tussen partijen in geschil. Toepassing Haviltex-maatstaf. Er komt meer gewicht toe aan de wijze waarop de boeteclausule is geformuleerd, omdat het gaat om twee professionele partijen die duidelijk eerder overeenkomsten hebben opgesteld. Poseidon moet de verkoop van de boegschroef staken en wordt veroordeeld tot betaling van een boete van € 100.000,-. De vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen, omdat Fishflow de gestelde schade niet aannemelijk heeft gemaakt.

4.24. Niet in geschil is dat Poseidon de PSTP na de beëindiging van de Overeenkomst te koop heeft aangeboden en ook thans nog te koop aanbiedt. Nu de Overeenkomst per 13 maart 2019 is beëindigd, is haar dit, gezien het bepaalde in artikel 10.1 van de Overeenkomst, niet toegestaan. Het gevorderde onder Il. zal dan ook worden toegewezen, in die zin dat de rechtbank Poseidon zal gebieden om binnen l4 dagen na betekening van dit vonnis het produceren en/of aanbieden en/of verhandelen en/of verkopen van de Boegschroef en de PSTP, te staken en gestaakt te houden.


4.31. Fishflow stelt dat Poseidon de PSTP reeds gedurende de looptijd van de Overeenkomst te koop heeft aangeboden en ook daadwerkelijk heeft verkocht. Poseidon heeft dit niet bestreden. Haar verweer houdt immers in dat zij door het verkopen van haar zelf ontwikkelde PSTP niet in strijd met enige verplichting jegens Fishflow handelde. Daarbij kan uit de door Poseidon overgelegde accountantsverklaring van 9 juni 2020 met bijbehorende brief worden afgeleid dat zij gedurende de looptijd van de Overeenkomst ook daadwerkelijk PSTP's heeft verkocht. Gelet hierop kan als vaststaand worden aangenomen dat Poseidon, met het te koop aanbieden van PSTP's en het verkopen ervan gedurende de looptijd van de Overeenkomst, in strijd heeft gehandeld met artikel 5.1 van de Overeenkomst en de boete van artikel 5.2 van € 100.000,- heeft verbeurd. Fishflow stelt dat Poseidon 'minimaal eenmaal' deze boete is verschuldigd voor deze overtreding. Indien Fishflow echter het standpunt wenste in te nemen dat Poseidon wegens overtreding van artikel 5.1 een veelvoud aan toewijsbare boetes verschuldigd zou zijn, had het op haar weg gelegen dit nader toe te lichten en te concretiseren welk boetebedrag volgens haar precies toewijsbaar is in relatie tot artikel 5.1. Nu die toelichting en concretisering ontbreekt, is het gevorderde onder I in beginsel slechts toewijsbaar tot het bedrag van € 100.000,-.