IEF 18604

Anders dan EU Gerecht: SPA vrij voor gebruik op cosmetica

Hof van beroep Gent 2 juni 2019, IEF 18604 IEFbe 2917 (Kruidvat tegen Spa Monopole) Merkenrecht. Kruidvat is een keten van drogisterijen in onder andere Nederland en België. Spa Monopole produceert Belgisch mineraalwater gekend als ‘Spa’ en commercialiseert dit water onder verschillende benamingen in combinatie met Spa. Kruidvat brengt verzorgingsproducten op de markt onder het merk 'spa secrets' en 'sense of spa'. Centraal staat de vraag of derde partijen vrij gebruik kunnen maken van het teken ‘spa’ op de verpakking van cosmetica, zelfs als onderdeel van het merk. Het Hof oordeelt dat zulk gebruik inderdaad dient ter aanduiding van een kenmerk van de waar, en daarom onder de beperking van artikel 2.23 BVIE valt. Als eerste rechtbank ooit in de Benelux oordeelt het Hof dat de vordering tot merkinbreuk van Spa Monopole dient te worden afgewezen.

30. Aangenomen dat de term ‘spa’ gebruikt in relatie tot lichaamsverzorgingsproducten in haar betekenis van ‘wellnessoord’ moet worden begrepen, is dit hof, anders dan het Gerecht van de Europese Unie, in voorliggende zaak van oordeel dat de term ‘spa’ een generiek of beschrijvend karakter heeft. 

31. De betrokken producten vermelden immers telkens uitdrukkelijk de term ‘Spa’ in combinatie met ’thermaal water’, zodat er geen verwarring of betwisting kan bestaan dat deze term gebruikt wordt in haar betekenis van mineraal water en op die manier de herkomst van het product aanduidt.

33. Gelet op het generiek of beschrijvend karakter van de term ‘spa’ in relatie tot lichaamsverzorgingsproducten (waren uit klasse 3), gebruikt in combinatie met andere tekens die het generieke of beschrijvende karakter van de term ’spa’ in relatie tot deze producten versterken (zoals ‘secrets’, ‘sense of’, ‘zoutscrub’), en de afwezigheid van enige oneerlijke mededeling jegens Spa Monopole dient te worden besloten dat deze term in relatie tot de betrokken producten niet verwijst naar een eenduidige commerciële herkomst, het deze term aan onderscheidend vermogen ontbreekt en dat de appellanten zich dus terecht op de uitzondering voorzien in artikel 2.23.1 b) BVIE beroepen.

Spa Monopole kan zich niet op grond van haar merkrecht tegen het gebruik van de term ‘spa’ in combinatie met andere tekens, in relatie tot waren van klasse 3, door de appellanten verzetten.