IEF 16484

Grondslag van hoofdverzoek en hulpverzoek ontvalt na definitief oordeel Technische Kamer van Beroep

Rechtbank Den Haag 4 januari 2017, IEF 16484, LS&R 1409; ECLI:NL:RBDHA:2017:131 (Coloplast tegen Medical4you) Octrooirecht. Procesrecht. Coloplast is houdster van EP1145729B1 voor een gebruiksklaar urinekathetersamenstel (dochter van EP398). EP729 is gewijzigd in stand gelaten bij de EOB oppositiedivisie, maar in beroep bij de TKB zijn het (ook in de Nederlandse procedure voorliggende) hoofd- en hulpverzoek herroepen. De TKB zal later beslissen over de geldigheid van twee resterende hulpverzoeken. Coloplast heeft na pleidooi haar eis gewijzigd en deze twee hulpverzoeken ingebracht in de - door haar gekozen - Nederlandse VRO-procedure. Dat is in strijd met de goede procesorde, mede gelet op het versnelde karakter van de VRO-procedure. Het verzoek tot schorsing totdat de TKB definitief heeft beslist, wordt geweigerd, nu partijen eerder te kennen gaven op korte termijn een vonnis te willen. De grondslag voor Coloplast's vorderingen is komen te ontvallen doordat zij zich niet langer op het hoofdverzoek en hulpverzoek beroept. In reconventie worden conclusie 1, en een aantal volgconclusies vernietigd nu Coloplast de geldigheid daarvan niet langer verdedigt. Proceskostenveroordeling jegens Coloplast vastgesteld op €92.500 (in conventie) en €92.500 (in reconventie).

4.4. Medical4You verzet zich tegen de wijziging wegens, kort gezegd, strijd met de goede procesorde, mede gelet op het versnelde karakter van de — door Coloplast gekozen — VRO procedure. Het was bovendien, zo stelt Medical4You, de keuze van Coloplast om in de Nederlandse procedure slechts twee verzoeken aan haar vorderingen ten grondslag te leggen. Het had op haar weg gelegen te anticiperen op de mogelijkheid dat de TKB het hoofdverzoek en hulpverzoek 1 zou herroepen. Tot slot voert Medical4You aan dat een behoorlijk debat ten aanzien van de nieuwe hulpverzoeken dient plaats te vinden en dat dit tot grote vertraging zal leiden, terwijL Medical4You belang heeft bij een snelLe beslissing.

4.6. Aan het verzoek van Coloplast — bij akte van 23 november 2016 — tot schorsing van deze procedure totdat de TKB definitief heeft beslist over de geldigheid van EP 729, gaat de rechtbank voorbij, reeds omdat de mogelijkheid van schorsing ter zitting aan partijen is voorgehouden en beide partijen te kennen gaven op korte termijn vonnis te willen. De definitieve beslissing van de TKB is bovendien niet van invloed op de door de rechtbank te nemen beslissing nu de twee huipverzoeken waarover de TKB zich dient te buigen in de onderhavige procedure niet aan de orde zijn. Daarbij komt dat Medical4Yott, naar zij in de laatste akte herhaalt, onverminderd belang heeft bij een snelle beslissing, waaruit de rechtbank afleidt dat zij zich tegen schorsing verzet.

De vorderingen in conventie
4.7. De rechtbank leest in de akte van Coloptast van 23 november 2016 dat zij zich, na het oordeel van de TKB tijdens de mondelinge behandeling van 16 en 17 november 2016, in deze procedure niet langer beroept op het hoofdverzoek en het hulpverzoek (vgl. akte Coloplast “1.6 (...)Daarmee [is] dus ook het huipverzoek waarop Coloplast zich in de onderhavige procedure beroept van tafel.” Tegen de beslissing van de TKB is immers geen hoger beroep mogelijk. Daarmee is de grondslag aan de vorderingen in conventie ontvallen. Deze worden dan ook afgewezen.

De vordering in reconventie
4.8. Medical4You vordert in reconventie primair “vernietiging van het Nederlandse deel van EP 1 145 729 volgens het hoofdverzoek c. q. volgens het huipverzoek”. Medical4You heeft gesteld dat conclusie 1 zowel volgens het hoofdverzoek als het hulpverzoek wegens geldigheidsbezwaren dient te worden vernietigd. Naar de rechtbank begrijpt is volgens Medical4You conclusie 1 als verleend nietig en kan EP 729 evenmin in stand worden gelaten volgens de beide hulpverzoeken.

in reconventie
4.15. vernietigt conclusies 1 t/m 6 en 11 van het Nederlandse deel van EP 1145 729;