IEF 18321

Pictoright - Opinie: Google, Facebook en de filterfabel

In het Europese Parlement wordt op 26 maart gestemd over een moderner auteursrecht. Het spant erom: krijgen kunstenaars, fotografen, ontwerpers, musici en schrijvers recht op een deel van de miljarden die met hun content op digitale platforms wordt verdiend? Of slaagt de lobby van platforms en ‘strijders voor een vrij internet’ erin om politici zand in de ogen te strooien? Auteursrecht is een onderwerp dat veel emoties losmaakt, zowel bij rechthebbenden als bij gebruikers. Vrijwel iedereen ziet in dat makers van boeken, kunstwerken, liedjes en films op de een of andere manier een vergoeding moeten kunnen ontvangen als anderen van hun werk gebruikmaken. Maar toch is het in de praktijk moeilijk om een regeling tot stand te brengen die tegemoet komt aan een ieders belangen.

Volgende week stemt het Europees Parlement over een voorstel waar meer dan drie jaar aan is gewerkt. Met de nieuwe richtlijn wordt het makkelijker om legaal auteursrechtelijk beschermde werken te gebruiken; tegelijkertijd kunnen de makers er een eerlijke vergoeding voor ontvangen. In de aanloop naar de behandeling wordt een verhitte discussie gevoerd, waarbij alle aandacht uitgaat naar de verplichting van internetplatforms als Facebook en Instagram om een vergoeding te betalen voor de auteursrechtelijk beschermde content. Daar is veel weerstand tegen. Onder het mom van 'vrijheid van het internet' wordt de regeling uitgelegd als een beperking.

Ik begrijp dat niet. Deze platforms verdienen miljarden aan advertentie-inkomsten en verzamelde data, wat voor een groot deel te danken is aan al die geüploade foto’s en filmpjes. Wat is er dan op tegen dat die platforms een deel van hun inkomsten afdragen aan degenen die er mede voor zorgen dat ze dat geld verdienen? Fotografen, ontwerpers, illustratoren en kunstenaars moeten hun brood verdienen met het werk dat ze maken, iets dat de laatste jaren toch al steeds moeilijker is geworden. Let wel, het gaat hier om professioneel gemaakte content die massaal via sociale media wordt gedeeld; dus niet om privékiekjes en dergelijke. Het is bovendien niemands bedoeling om een ingewikkeld, belemmerend betalingssysteem op te zetten. Als het voorstel wordt aangenomen, zullen er collectieve afspraken worden gemaakt waarbij niet voor elk plaatje afzonderlijk hoeft te worden afgerekend. Daarbij kan rekening worden gehouden met bestaande uitzonderingen, zoals voor parodieën (zoals veel memes) en citaten.

De platforms schreeuwen moord en brand dat ze zullen moeten gaan ‘filteren’. Ze suggereren dat het internet zoals we dat nu kennen zal ophouden te bestaan. Totale onzin. Organisaties als Pictoright die tienduizenden professionele makers vertegenwoordigen, vragen helemaal niet om een filter; wij vragen om een vergoeding. Bij de platforms ontbreekt eenvoudigweg de wil om die te betalen. Toch zijn de grote mediabedrijven als Google en Facebook erin geslaagd de vrijheidsstrijders van het internet, zoals Bits of Freedom, in de ‘filterfabel’ te laten geloven. Dit levert een ongebruikelijke alliantie op. Meestal staan ze recht tegenover elkaar: de steeds machtiger wordende platforms, die niet bepaald te boek staan als privacy vriendelijk, en de voor grondrechten opkomende maatschappelijke organisaties. Ze lijken elkaar nu gevonden te hebben in de suggestie dat er internetcensuur gaat plaatsvinden. Ongelofelijk dat organisaties als Bits of Freedom zich op deze manier voor het karretje van de Googles van deze wereld laten spannen.

De stemming in het Europees parlement is erop of eronder. Als deze richtlijn niet wordt aangenomen, zal het jaren duren voordat zich weer een kans voordoet om het auteursrecht te moderniseren, want de richtlijn gaat over nog veel meer zaken, zoals de mogelijkheid van het digitaliseren van archieven. De vrijheid op het internet staat niet ter discussie; de grote platforms proberen alleen maar onder een verplichting uit te komen een deel van hun opbrengsten met de makers van hun content te delen. Laten we ons geen zand in de ogen laten strooien!

Vincent van den Eijnde
Directeur Pictoright
Amsterdam, 21 maart 2019