IEF 19944

Film 'De Oost' hoeft geen disclaimer aan begin op te nemen

Vzr. Rechtbank Amsterdam 11 mei 2021, IEF 19944, IT 3512; ECLI:NL:RBAMS:2021:2347 (FIN tegen New Ams) De film “De Oost” hoeft niet te worden voorzien van de door de Stichting Federatie Indische Nederlanders (FIN) gewenste disclaimer. De FIN eiste dat voorafgaand aan de film zou worden vermeld dat het militair ingrijpen van Nederland volgde op de Bersiap, dat de film geen volledige of waarheidsgetrouwe weergave van de geschiedenis beoogt te zijn en dat in de film feiten en fictie zijn vermengd. Volgens de voorzieningenrechter handelen de makers echter niet onrechtmatig met hun weigering om een disclaimer op te nemen zoals door FIN geëist. Deze stelt dat een verplichte toevoeging van een disclaimer voorafgaand aan de film een vorm van preventieve censuur zou zijn. Dat zou alleen rechtmatig zijn als de film zelf tot onherstelbare schade zou leiden.

4.5. Verplichte toevoeging van een disclaimer aan een film die nog moet worden uitgebracht zou bovendien een vorm van preventieve censuur zijn. Een dergelijke maatregel kan alleen worden getroffen als de publicatie tot onherstelbare schade zal leiden en, wanneer die publicatie pas achteraf onrechtmatig zou worden geacht, de nadelige gevolgen van de openbaarmaking niet meer kunnen worden hersteld door middel van een op dat moment uit te spreken veroordeling tot rectificatie of vergoeding van schade.

4.8. De makers hebben gekozen voor een disclaimer zoals hiervoor onder 2.5. weergegeven. FIN wil die dan in ieder geval aan het begin van de film hebben in plaats van aan het eind, maar ook dat is aan de makers. Op de zitting bleek dat de disclaimer na de aftiteling komt. Die lijkt dan ook eerder bedoeld om zich juridisch in te dekken dan om een zo groot mogelijk publiek te bereiken; ook dat is evenwel niet onrechtmatig.