IEF 18677

Beperkte omvang schade door auteursrechtinbreuk foto

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 30 januari 2019, IEF 18677; ECLI:NL:RBZWB:2019:3997 (Jazzfoto) Omvang schade als gevolg van auteursrechtinbreuk door publiceren foto. Eiser is ambtenaar van de Gemeente Amsterdam en heeft een eenmanszaak op het gebied van fotografie. Gedaagde is als zzp’er werkzaam als alfahulp en heeft een eenmanszaak waarin hij een jazzmagazine uitgeeft op internet. Gedaagde heeft zonder toestemming een foto van eiser in/op het jazzmagazine geplaatst. Eiser heeft het auteursrecht op de foto als maker van de foto. De foto heeft een eigen oorspronkelijk karakter en draagt het persoonlijk stempel van de maker. Bij de beoordeling van de omvang van de schade wordt betrokken dat de artiest zelf de foto als promotie gebruikte, het artikel in het jazzmagazine ter aankondiging van een concert van deze artiest diende en zowel de fotografie van eiser als het jazzmagazine van gedaagde nevenactiviteiten betreffen.

3.6  Met de overlegging van een zeer beperkt aantal facturen, waarvan de meeste na inbreuk en zonder dat duidelijk wordt welk gebruik is gemaakt van de betreffende foto, heeft [eiser] niet aannemelijk gemaakt dat hij een tarief van € 250,- in rekening pleegt te brengen voor het gebruik van de Foto door derden. Gelet op de omstandigheden als genoemd in 3.4 en 3.5, het beperkte formaat van de foto bij het artikel, de vermelding van Foto©Alphonse [eiser] bij het gebruik van de Foto door [gedaagde] en tenslotte de niet door [eiser] betwiste omstandigheid dat het artikel snel naar diepere niveaus zakte op de website van [naam jazzmagazine] , begroot de kantonrechter de schade in verband met de gemiste licentie-inkomsten op € 75,-.

3.9 Ten aanzien van de proceskosten ex artikel 1019h Rv heeft te gelden dat [gedaagde] dadelijk na de sommatie de Foto heeft verwijderd en contact heeft opgenomen met [eiser] . [eiser] weet niet meer of hem een voorstel is gedaan, [gedaagde] stelt van wel, vast staat dat vervolgens schriftelijk € 250,- en vervolgens € 375,- is gevorderd door de gemachtigde van [eiser] . Hierbij zijn in een latere fase maar voor dagvaarding nog € 550,- aan kosten rechtsbijstand bijgekomen, hoewel slechts sprake was van herhaalde (standaard) sommaties in plaats van inhoudelijk overleg over de omvang van de schade, hetgeen aangewezen was geweest.

Nu de schade volgens de kantonrechter een bedrag van € 75,- omvat en de vordering dus voor een belangrijk gedeelde wordt afgewezen en partijen in zoverre over en weer in het gelijk zijn gesteld, zal de kantonrechter ten aanzien van de proceskosten beslissen dat iedere partij de eigen kosten dient te dragen.